In mijn allereerste column legde ik uit dat ik me als middelbare scholier had voorgenomen niet naar de Leiden te gaan, omdat ik het ‘te kakkerig’ vond. Vanwege de studie International Studies in Den Haag, ging ik toch. Heb ik daar spijt van?
Nee, absoluut niet. Ik ben me gaan realiseren dat er met de studentencultuur over het algemeen niet veel mis is. Zuipen op domibo’s, meer afko’s, de kakker-erw, het is misschien niet helemaal mijn ding, maar het is ook gewoon de jongerencultuur. The kids are all right.
Bovendien heeft mijn studie de wereld voor mij geopend. Het was voor het grootste deel geweldig. Ik heb kennis(sen) van onschatbare waarde opgedaan. Van eerbiedwaardige docenten leerde ik over democratieën, interculturele communicatie, religies, dekoloniale perspectieven en nog veel meer. En ik maakte vrienden voor het leven, van over de hele wereld. Ik zou eenieder die ook zo’n onverzadigbare nieuwsgierigheid heeft International Studies aanraden.
Maar…
…hoewel ik dus geen spijt heb van mijn keuze, zal je mij niet terugzien in Leidse collegebanken.
Eind april kwam naar buiten dat er bij mijn studievereniging BASIS een cultuur van angst en wantrouwen heerst. Ik herkende dit wel, maar de reden dat het me eerder niet was opgevallen is omdat ik zo’n cultuur in de hele universiteit terugzie.
Mijn huisgenoot vertelde me dat ze voor haar eerste essay een 1 kreeg, omdat ze nog niet wist hoe ze goed moest citeren. Ze moest naar Leiden komen en in een lange rij staan voor de examencommissie, waar ze haar eerste en laagste cijfer ooit toebedeeld kreeg. Waarom hanteert de universiteit zulke academische afschrikmethoden?
Eerder schreef ik over registratiesystemen die studenten niet het voordeel van de twijfel gunnen. Zelf moest ik hierdoor een economisch vak opnieuw starten terwijl ik een minor van mijn tweede keus deed. Ik was niet goed ingeschreven voor het hertentamen, waardoor het niet mocht worden nagekeken. Tijdens het inschrijven voor mijn droomminor in Marokko werd ik van de website gegooid. De minor zat al vol en ik moest achter aan de wachtlijst plaatsnemen, terwijl mij meermaals was verteld dat de minor niet populair was en dat ik me geen zorgen moest maken dat ik geen plek zou krijgen.
Na mijn economievak drie weken te hebben gevolgd, kreeg ik een mail dat het tentamen alsnog was nagekeken. Ik had een 8,3. Ik had gewild dat me vanaf het begin coulance was gegund in plaats van wantrouwen.
Ik weet dat ik niet de enige ben met zulke verhalen. Bureaucratische systemen verpestten mijn vertrouwen in het inlevingsvermogen.
Dan ben ik nog niet begonnen over de Palestina-demonstraties waarbij beveiligers studenten achtervolgden, in de gaten hielden of politie en ME op hen afstuurden. Of de strenge veiligheidsmaatregelen die ik tweeënhalf jaar lang heb meegemaakt, omdat een verdwaalde Arabisch sprekende man per ongeluk de campus was binnengelopen.
Natuurlijk wil ik zo’n grote universiteit vol goede mensen niet wegzetten als een kwaadaardig instituut. Maar alle aanvaringen met de universitaire bureaucratie hebben bij mij te veel stress en wantrouwen veroorzaakt.
Ik ga International Studies missen, maar ik kom niet terug naar de Universiteit Leiden.
Zahra Menguellati is student International Studies. Dit is haar laatste Mare-column die hopelijk nog voor de zomer via het nieuwe administratiesysteem Bas Insite wordt betaald (zie: stress over universitaire bureaucratie)