Achtergrond
Eigen voedsel eerst: hoe nationalisme doorwerkt in de keuken
Achter nationale gerechten gaan mythes en machtsverhoudingen schuil. Historici debatteren maandag over de vraag wie bepaalt welk eten ‘van ons’ is. ‘Traditie wordt problematisch wanneer het als wapen wordt gebruikt.’
Marciëlle van der Kraan
donderdag 17 september 2026
Foto Anefo

Op 22 december 2001 staan op allerlei pleinen door Noord-Italië leden van de separatistische partij Lega Nord grote hoeveelheden polenta (puree van gemalen maïsmeel) uit te delen. In Como wordt van vier uur ‘s middags tot acht uur ‘s avonds ‘polenta in piazza’ gehouden, in Milaan verschijnt partijleider Umberto Bossi. Op affiches, stickers en posters staat een even simpele als duidelijke politieke boodschap: ‘Sì alla polenta, no al cous cous’ - ja tegen de ‘Italiaanse’ polenta, nee tegen ‘Noord-Afrikaanse’ couscous. Eigen voedsel eerst.

‘Met eten creëerden ze een grens tussen wij en zij’, vertelt Fabio Parescoli over dit zogeheten gastronativisme. De hoogleraar food studies aan de New York University neemt maandag deel aan een online paneldiscussie ‘Food and nationalism’, georganiseerd door de opleiding geschiedenis.

‘Terwijl couscous al in de tiende eeuw met de Arabieren in Italië terechtkwam, polenta kwam pas in de zestiende eeuw, nadat Europeanen maïs uit Amerika hadden meegenomen. Maar feiten doen er vaak niet toe. Veel belangrijker is het verhaal dat mensen zichzelf vertellen. We projecteren het heden op het verleden: zo hebben we altijd gegeten, onze voorouders aten dit ook. Maar als je een beetje onderzoek doet, blijkt dat vaak helemaal niet te kloppen.’

Britse curry

Toch kan het gevoel dat een gerecht ‘van ons’ is behoorlijk sterk zijn. Pasta is Italiaans, sushi Japans en haggis Schots. Maar wanneer wordt eten eigenlijk onderdeel van een nationale identiteit? En wie bepaalt welke gerechten bij een land horen?

‘Dat kan met verschillende factoren te maken hebben’, begint Atsuko Ichijo, onderzoeker naar voedsel en nationalisme aan Kingston University, die maandag ook deelneemt aan het debat. ‘Soms ziet de commerciële sector er brood in om een gerecht als nationaal te verkopen. Maar vaak is het een samenspel van overheden en de toerismesector, die een bepaald beeld van een land willen uitdragen. Ook lokale gemeenschappen kunnen voedsel gebruiken om hun identiteit af te bakenen en officiële erkenning, bijvoorbeeld door UNESCO, de cultuurorganisatie van de Verenigde Naties, kan een rol spelen.’

Daarvoor hoeft een gerecht niet eens eeuwenoud te zijn, zegt Ichijo. ‘Neem curry in Groot-Brittannië. Op een gegeven moment werd dat door de toeristische sector gepromoot als een Brits gerecht. Je gaat drinken in de pub en eindigt de avond met een curry. Dat was al onderdeel van de populaire cultuur, zonder dat mensen daar per se een nationale betekenis aan gaven. Vervolgens pikte de toeristische sector dat op en zag ook de overheid er iets in. Als curry een Brits gerecht kan zijn, kan de overheid dat ook gebruiken om internationaal een bepaald beeld van Groot-Brittannië uit te dragen.’

‘Aan de ene kant willen ze een muur bouwen langs de grens met Mexico, aan de andere kant viert iedereen Taco Tuesday’

Washoku, de traditionele Japanse eetcultuur, staat sinds 2013 op de UNESCO-lijst van immaterieel cultureel erfgoed. ‘Maar de ingrediënten zijn niet alleen in Japan te vinden en de bereidingswijzen zijn ook niet uniek Japans. Het gaat erom dat washoku wordt gepresenteerd als een onlosmakelijk onderdeel van de Japanse manier van leven.’

En wat onlosmakelijk met een land verbonden lijkt, is dat lang niet altijd geweest. ‘Een van de vroegste vermeldingen van haggis komt uit de vijftiende eeuw in Engeland, waar het vooral door de elite werd gegeten.’

De “echte Deen”

Eeuwen later gebruikten Engelsen het gerecht van schapenhart, -longen en -lever juist om Schotten af te schilderen als arm en achtergesteld, een associatie die de Schotten op hun beurt weer omdraaiden tot iets positiefs. ‘Haggis raakte verbonden met het verzet tegen Engelse overheersing en het idee van “eerlijke armoede”: het beeld van de arme, maar hardwerkende Schot tegenover de rijke, corrupte Engelsman.’

Met bepalen wat ‘ons’ eten is, kan ook een grens ontstaan tussen wie wel en niet bij dat ‘ons’ hoort, vertelt Parescoli. ‘In Denemarken voegden ze gehaktballen van varkensvlees toe aan het schoolmenu, met het idee dat het “typisch Deens” is. Maar daarmee sluit je moslims en joden, die al eeuwen in Denemarken wonen, uit. Eten wordt gebruikt om duidelijk te maken wie de “echte Deen” is.’

Maar zelfs als gerechten uit een andere cultuur worden omarmd, betekent dat niet automatisch dat hetzelfde geldt voor de mensen die ze meenemen. ‘Kijk naar de Verenigde Staten. Aan de ene kant willen ze een muur bouwen langs de grens met Mexico, aan de andere kant viert iedereen Taco Tuesday. Zolang migranten toiletten schoon maken, goedkoop koken en de tuin verzorgen, vinden mensen dat prima. Maar zodra hun kinderen naar school gaan of ze gebruikmaken van de gezondheidszorg ontstaat het idee: als jij meer krijgt, houd ik minder over.’

Israëlische couscous

Landen kunnen zich ook gerechten toe-eigenen die hun oorsprong buiten die nationale identiteit hebben, vertelt Ichijo. ‘Aan Israëlische couscous is bijvoorbeeld niks traditioneel. Het ontstond toen de eerste zionisten naar Palestina trokken. Couscous bestond al in allerlei vormen in Noord-Afrika en het oostelijke Middellandse Zeegebied. Met de vorming van de nieuwe Israëlische staat werd het aangepast en onderdeel gemaakt van hun nieuwe nationale keuken om op die manier weer deel uit te maken van het land.’ Tegelijkertijd proberen Palestijnse chefs in Israël volgens Ichijo juist een Palestijnse keuken naar voren te brengen die zich nadrukkelijk onderscheidt van de Israëlische keuken.

‘Er is niets mis met trots zijn op je eetcultuur’, benadrukt Parasecoli. ‘Het wordt problematisch wanneer traditie als wapen tegen anderen wordt gebruikt.’

Eten kan volgens hem veel blootleggen over nationalisme. ‘Bij nationalisme denken we vaak aan vlaggen, het wereldkampioenschap en volksliederen. Maar een natie is ook onderdeel van de manier waarop we ons dagelijks leven organiseren en onze identiteit uitdrukken. Het is echt onderdeel van wie we zijn.’

Food and nationalism, paneldiscussie met Atsuko Ichijo, Fabio Parasecoli, Peter Scholliers. maandag 21 september, 15:15 - 17:00, via Zoom