Achtergrond
Hoe moet je als politiek leider reageren op een ramp als MH17? ‘Pas op met emoties’
Daan van den Wollenberg vergeleek de reactie van politieke leiders in Nederland en België op aanslagen als de MH17-ramp en de terroristische aanslagen in Brussel. ‘Emotionele speeches houden is spelen met vuur.’
Vincent Bongers
donderdag 10 september 2026
Lichamen van de slachtoffers van de MH17-ramp worden vervoerd over de A2. Foto Ministerie van Defensie

‘De dood van bijna tweehonderd van mijn landgenoten heeft een gat in het hart van Nederland geslagen’, zei Frans Timmermans, minister van Buitenlandse Zaken, in een toespraak op 21 juli 2014 in de VN Veiligheidsraad. Zouden de passagiers tijdens hun laatste momenten ‘de handen van diegenen van wie ze hielden hebben vastgegrepen?’ ging hij verder. ‘Hun kinderen dicht naar zich toe hebben getrokken? Keken ze elkaar, nog een laatste keer, in de ogen, en namen ze zonder woorden afscheid van elkaar? We zullen het nooit weten.’

Vier dagen eerder was vlucht MH17 van Malaysia Airlines neergeschoten met een Buk luchtafweerraket gelanceerd door Russen in een door pro-Russische separatisten onder controle staand gebied in Oekraïne. 298 mensen, onder wie 196 Nederlanders kwamen om.

Timmermans deed een emotionele oproep aan de raad om resolutie 2166 te steunen waarin de strijdende partijen werd opgeroepen om de rampplek toegankelijk te maken voor onderzoekers en hulpverleners. Ook moest er een onafhankelijk onderzoek komen, en berechting van de daders volgen.

Volgens de minister misdroegen de separatisten zich op de ramplocatie. ‘Stelt u het zich eens voor’, zei hij. ‘Eerst verliest u uw echtgenoot, vervolgens moet u nog bang zijn dat een schurk de trouwring van het lichaam verwijdert.’ Maar dat de separatisten zouden plunderen, is nooit aangetoond.

Knuffeldier

‘De speech van Timmermans was heel emotioneel’, vertelt Daan van den Wollenberg. Vrijdag verdedigt hij zijn proefschrift waarin hij de reactie van de Nederlandse overheid op de ramp vergelijkt met de manier waarop de Belgische overheid reageerde op de terroristische aanslagen in Brussel op 22 maart 2016. Bij vliegveld Zaventem en metrostation Maalbeek vielen destijds 35 doden.

‘Een aantal specialisten, die intern betrokken waren bij het overheidsbeleid, vonden de speech van Timmermans spelen met vuur. De toespraak kwam uit het hart maar roept ook emoties op, vooral bij de nabestaanden, waar je vervolgens ook iets mee moet doen.’

Het verhaal over de trouwringen sloot nauw aan bij het bekende beeld van de separatist die op de ramplocatie een knuffeldier van een kind omhooghoudt. In zijn andere hand heeft hij een Kalasjnikov en een sigaret. Maar die foto bleek een still te zijn uit een filmpje waarin de man het knuffeldier weer neerlegt, zijn pet afneemt en een kruis slaat.

Mensen in Brussel laten bloemen achter voor slachtoffers van de aanslag op Zaventem. Foto Miguel Discart

‘De verontwaardiging in Nederland groeide door die still. Timmermans borduurde daar op voort met zijn verhaal.’ Bovendien viel de toespraak goed bij veel Nederlanders. Timmermans won ermee aan populariteit. Alleen vergrootte hij wel het leed onder een deel van de nabestaanden, aldus de onderzoeker. ‘Zij konden niets met het beeld dat hij opriep en hadden er grote zorgen over die de overheid niet adequaat kon adresseren. Achteraf bleek het ook nog eens een verkeerd beeld te zijn geweest.’

De inhoud van de toespraak was niet met premier Rutte en andere leden van het kabinet besproken. Timmermans zei achteraf dat het nodig was om de tragiek te schetsen om steun te krijgen voor de resolutie. ‘Maar uit de notulen van de raad blijkt dat er de avond daarvoor al een afspraak lag om unaniem in te stemmen. Het is niet waar dat Timmermans die emotionele toon moest aanslaan om steun te winnen.’

Onzorgvuldigheid

Later reageerde hij bij het programma Pauw op de vraag of de passagiers zich bewust waren van hun noodlot na de raketinslag. Daarop antwoordde de minister dat er een slachtoffer was gevonden met een zuurstofmasker op de mond. Die onthulling schokte opnieuw nabestaanden. Een aantal van hen sleepte na deze uitspraak de Nederlandse Staat zelfs voor de rechter wegens ‘grove nalatigheid en onzorgvuldigheid’ bij het afwikkelen van de ramp.

Na onderzoek bleek ook nog eens dat het masker niet om de mond, maar om de nek van de passagier hing. Timmermans excuseerde zich voor de opmerking: ‘Ik had het niet moeten zeggen.’

Van den Wollenberg is militair en werkt bij het ministerie van Defensie als beleidsadviseur. Verder is hij fractievoorzitter van de VVD in de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht. ‘Toen het nieuws van MH17 binnenkwam, was ik pelotonscommandant bij het zogeheten Vuursteun Commando (die andere eenheden ondersteunt met zware wapens, red.). De Landmacht was betrokken bij de planning van een mogelijk militaire inzet van Nederland om de ramplocatie veilig te stellen.’ Uiteindelijk kwam het daar niet van.

‘Het is niet waar dat Timmermans die emotionele toon moest aanslaan om steun te winnen’

In zijn proefschrift verdeelt hij de respons van Nederlandse en Belgische overheid op de aanslagen in morele, nationalistische en religieuze reacties. In beide landen voerde de morele verhaallijn de boventoon. Politici wilden weten wat er precies was gebeurd en de daders berechten. Opvallend is dat de overheid in België bewust religie op de achtergrond hield. ‘De daders waren moslim-extremisten maar dat werd niet benoemd. De overheid wilde een tweedeling in de maatschappij voorkomen.’

Al snel veranderde de toon in België helemaal. ‘De Turkse president Erdogan liet namelijk weten dat een van de daders, Ibrahim El Bakraoui, had vastgezeten in Turkije en via Nederland, met daarbij de waarschuwing dat het om een buitenlandse strijder ging, uiteindelijk naar België was gereisd.’ ‘Ondanks onze waarschuwingen, wist België niet de link te leggen met terrorisme’, stelde Erdogan.

Daders

‘In België ontstond toen al snel het beeld dat het land niet adequaat gehandeld had om de aanslagen te voorkomen’, aldus de onderzoeker. ‘Zeker in de context van de aanslagen op de Bataclan en het Stade de France een jaar eerder hing er destijds in België een sfeer dat daar ook iets kon gebeuren.’

De focus verschoof van de daders naar het functioneren van het veiligheidsapparaat, compleet met ontslagaanboden van twee ministers. ‘Premier Michel accepteerde die echter niet omdat hij geen regeringscrisis wilde.’

Het lijkt erop dat de aanpak van de Nederlandse overheid effectief was in het smeden van nationale eenheid. ‘Al heb ik dat niet onderzocht. Ik denk dat de politici zaken hebben weten te formuleren op een manier die past bij de samenleving. Enkele maanden na de ramp bleek de waardering voor Rutte en voor Timmermans hoog. Dat had te maken had met hoe zij omgegaan zijn met MH17.’

Daan van den Wollenberg, Crises as a Mirror of a Nation. The Role of Morality, Nationalism, and Religion in creating Ontological Security in the wake of MH17 and the Brussels Attacks. Promotie op 11 juli

‘Minister kende feiten niet en reageerde te snel en te emotioneel’

Emoties van bewindslieden speelden vaker op tijdens MH17. De Leidse emeritus hoogleraar anatomie George Maat, die had meegeholpen met het identificeren van de slachtoffers, gaf in april 2015 een lezing aan de Universiteit van Maastricht, georganiseerd door de studievereniging gezondheidswetenschappen, over zijn MH17-werk en toonde daarbij foto’s van slachtoffers. 

Maar in de zaal zaten ook twee journalisten van RTL Nieuws die vervolgens berichtten dat Maat gevoelige informatie uit het strafrechtelijk onderzoek over de oorzaak van de ramp zou hebben onthuld.‘Buitengewoon onsmakelijk en ongepast’, oordeelde Ard van der Steur, minister van Justitie, meteen. In de Tweede Kamer kwalificeerde hij de uitspraken van Maat als ‘speculatief, onjuist en gedeeltelijk buiten zijn terrein van expertise’. Ook zou Maat uit het Landelijk Team Forensische Opsporing zijn gezet. Iets wat Maat ontkende. 

Er volgde een politieonderzoek naar de lezing, maar dat bleef geheim. Pas na lang aandringen van de Tweede Kamer maakte Van der Steur dit onderzoek en de onderliggende stukken openbaar te maken. Alleen: de documenten waren voor 85 procent zwartgelakt.
Maat mocht het rapport zelf echter wel inzien. Hij toog met blocnote en potlood naar het politiebureau, schreef daar het rapport over en onthulde het in Mare. Het bleek dat er in het onderzoek wel heel erg naar de wens van de minister toegeredeneerd werd.

Uiteindelijk maakte Van der Steur onder grote druk van de Kamer excuses en ging hij na een gesprek met Maat publiekelijk door het stof. ‘Achteraf gezien heb ik mij te veel door de emotie laten leiden’, zei hij. ‘Ik heb hiervoor mijn excuses aangeboden aan professor Maat.’ Die werden geaccepteerd en Van der Steur mocht aanblijven als minister. 

‘Hier gebeurde ongeveer hetzelfde als met Timmermans’, aldus Daan van den Wollenberg. ‘Er ontstond opnieuw ophef in het MH17-dossier. Van der Steur kende de feiten niet en reageerde snel en te emotioneel. Zo ontstond er een nieuwe politieke werkelijkheid. De Kamer ging zich ermee bemoeien, het dossier kreeg zo weer een extra lading.

‘Als je als minister plots moet reageren op een casus, moet je toch voorzichtig zijn en ook kunnen zeggen: “Ik ken alle feiten nog niet en reageer later.” Je wil echter ook niet te lang wachten want anders komen anderen met reacties en loop je achter de feiten aan. Die balans is heel moeilijk te vinden.’