Columns & opinie
Vakevaluaties moeten juist blijven bestaan, betoogt docent
De faculteit Geesteswetenschappen wil niet langer elk semester alle vakken door studenten laten evalueren. Dat is een slecht idee, betoogt universitair docent William Michael Schmidli, want de beoordelingen zijn essentieel voor beter onderwijs én het signaleren van ingrijpende problemen zoals wangedrag.
Gastschrijver
donderdag 4 juni 2026
Illustratie Schot

‘Maak mij overbodig’, zeg ik altijd tegen mijn studenten. ‘Neem je opleiding in eigen hand.’ Dat idee houdt mij als docent in het hoger onderwijs al meer dan twintig jaar gaande. In die tijd is mijn haar grijs geworden, maar de droom is nog steeds springlevend: wie heeft er nog een professor nodig als studenten zo’n diep historisch besef ontwikkelen – bewustzijn is misschien een beter woord – dat de grens tussen docent en student vervaagt?

Ik geef het toe: het is een radicaal idee dat weinig lijkt op de dagelijkse praktijk van colleges en werkgroepen. We hebben allemaal wel eens een slechte dag in het hoger onderwijs – studenten die niet voorbereid zijn, verkeerde slides voor hoorcolleges – maar ook al kunnen we het pedagogische ideaal niet verwezenlijken, we moeten er alles aan doen om studenten meer regie te geven, ons onderwijs te verbeteren en de hoogste academische standaarden te waarborgen.

Ik was dan ook verrast en teleurgesteld toen ik hoorde dat het bestuur van de faculteit Geesteswetenschappen ontmoedigt om voor elk vak elk semester evaluaties af te nemen. Wegens de kosten, de tijd die nodig is om de evaluaties te beoordelen en de lage respons onder studenten, vindt het bestuur minder frequent evalueren aanvaardbaar. Hierdoor zal er dit semester voor veel vakken geen vakevaluatie plaatsvinden. Bij de bachelor International Studies wordt elk vak voortaan slechts eens in de drie jaar beoordeeld.

Ik vind dat een slecht idee.

Vakevaluaties zijn een van de meest concrete manieren waarop studenten hun opleiding kunnen vormgeven. In een systeem waarin ze voortdurend te horen krijgen wat ze moeten doen – ga naar dit college, maak dat tentamen, schrijf dat essay – bieden evaluaties een formele, door de instelling erkende gelegenheid om anonieme feedback te geven. ‘Dit is jullie universiteit’, zeg ik tegen mijn studenten. Willen jullie die verbeteren? Neem de vakevaluaties dan serieus.’

Essentieel

Voor docenten zijn studentenevaluaties een essentieel hulpmiddel om hoogwaardig onderwijs te kunnen bieden. Zijn de colleges duidelijk? Sluit de leesstof goed aan? Is er samenhang tussen de colleges en werkgroepen? Op kernpunten laten vakevaluaties zien wat goed werkt en waar ruimte is voor verbetering. Dat geldt niet alleen voor beginnende, maar voor álle docenten die hun onderwijs voortdurend willen vernieuwen.

Net als vrijwel iedereen ben ik dol op positieve feedback. Maar lovende vakevaluaties laten ook zien wat er goed werkt in mijn manier van lesgeven. Zoals een student schreef over mijn vak Arsenal of Democracy: The United States and the World van de master North American Studies: ‘Hoe het vak is ingedeeld, met een variatie aan opdrachten, presentaties, colleges, werkgroepen, digitale ondersteuning en zelfs livemuziek, maakt het heel prettig om te volgen. Verander het alstublieft niet.’

Tegelijkertijd stellen studenten nuttige verbeteringen voor. Zo heb ik de harde les geleerd dat ze het erg vervelend vinden als ik tijdens een drie uur durend seminar vergeet pauzes in te lassen. ‘Twee pauzes van 10, of liever nog 15 minuten, zijn een must’, schreef een student. 

‘Dit is jullie universiteit’, zeg ik tegen mijn studenten. Willen jullie die verbeteren? Neem de vakevaluaties dan serieus’

Feedback biedt ook inzicht in specifieke zwakke punten. ‘U moet uw kennis over nationalisme versus chauvinisme versus patriottisme bijspijkeren’, schreef een student over het vak Arsenal of Democracy. ‘De meningen in de klas, ook die van u, gingen alle kanten op, maar er kwam weinig zinnigs uit.’ Dat doet pijn, maar als het constructief wordt toegepast, leidt het tot betere discussies in de daaropvolgende jaren.

Er is nog een laatste reden waarom het een slecht idee is om af te stappen van studentenevaluaties voor alle vakken: ze zijn essentieel voor de opleidingscommissies die als taak hebben de kwaliteit te bewaken. Zonder evaluaties zijn ze minder goed in staat om problemen te signaleren en het onderwijs te verbeteren.

Wangedrag signaleren

Toen ik zelf deel uitmaakte van zo’n commissie voor de masteropleiding North American Studies, waren de evaluaties van onschatbare waarde. De kwesties waar we tegenaan liepen waren klein, maar niet onbelangrijk, zoals studenten die om meer specifieke instructies vroegen voor een bepaalde opdracht. Maar studenten kregen ook de kans om anoniem grote problemen aan te kaarten, zoals wangedrag van docenten. Het signaleren van dat soort situaties is een topprioriteit, en vakevaluaties zijn een belangrijk middel om dat mogelijk te maken.

Het is goed om te benadrukken dat deze punten gangbaar zijn in het hoger onderwijs. De Universiteit Leiden benoemt het zelf in een bericht aan alle studenten op de website: ‘Docenten, de opleidingscommissie van je opleiding, en de opleidingsdirecteur gebruiken dat wat jij hebt opgeschreven om de kwaliteit van de vakken en het onderwijs te verbeteren. Er wordt serieus gekeken naar jullie aanbevelingen en jullie feedback helpt om de vakken voor het komend collegejaar te verbeteren.’

Natuurlijk kost het tijd en geld om ieder vak elk semester te evalueren. En uiteraard kunnen studenten hun zorgen via andere kanalen kenbaar maken, kunnen docenten hun onderwijs verbeteren door middel van informele studentenenquêtes, en kunnen opleidingscommissies problemen signaleren door inloopmomenten voor studenten te organiseren.

Toch zijn algemene studentenevaluaties van alle vakken een verstandige investering. Het formele karakter levert meer inhoudelijke feedback en kritiek op dan informele enquêtes, en omdat de bevindingen officieel worden gearchiveerd, kunnen problemen over meerdere semesters heen worden gesignaleerd en aangepakt.

Belangrijker nog is dat evaluaties studenten ertoe aanzetten om uit hun vertrouwde rol te stappen en te reflecteren vanuit meerdere invalshoeken: die van de student, de docent, de opleiding en het academische vakgebied, en om hun ideeën over het hoger onderwijs te spiegelen aan hun ervaringen van het vak.

Elk semester vertel ik mijn studenten over mijn droom van een collegezaal waar ik overbodig ben geworden. In de twintig jaar dat ik lesgeef, heb ik dat nog nooit zien gebeuren. Maar wat mijn studenten aan het einde van het semester in ieder geval wel hebben geleerd, is dat ik hun ideeën serieus neem. En ze vullen bijna allemaal de evaluatie in.


William Michael Schmidli is universitair docent bij de opleiding geschiedenis