Nieuws
Universiteiten worstelen met Woo-verzoeken
Het afhandelen van Woo-verzoeken kost de universiteit veel tijd en geld. Leiden hoopt op compensatie vanuit het Rijk, zoals ook gemeenten die hebben gekregen.
Mark Reid
donderdag 22 januari 2026
Het zwartgelakte rapport over anatoom George Maat, die hij uiteindelijk zelf in 2016 via Mare openbaarde

De Wet open overheid (Woo) verplicht overheden en instellingen die onder de overheid vallen, waaronder universiteiten, om op verzoek documenten openbaar te maken.

Leiden ontving in 2024 dertig en in 2025 twaalf Woo-verzoeken. Deze verschilden in omvang van documenten omtrent een enkel bedrijfsongeval tot een verzoek over alle beleidsstukken, rapporten, actieplannen, besluitvormingsstukken, medewerkersonderzoeken, jaarverslagen tot alle correspondentie van een heel jaar over diversiteit en inclusie.

Omdat het afhandelen van de verzoeken veel geld en tijd zou kosten liet het Leidse college van bestuur weten samen met koepelorganisatie Universiteiten van Nederland (UNL) op zoek te zijn naar manieren om de werklast van Woo-verzoeken te verminderen en zelfs te kijken naar een mogelijke uitzonderingspositie, meldde nieuwsplatform ScienceGuide onlangs, op basis van een antwoord dat het bestuur gaf op een schriftelijke vraag van de universiteitsraad, afgelopen mei.

Dat werd destijds al als ‘waarschijnlijk niet haalbaar’ bestempeld, en inmiddels is UNL ook afgestapt van dat streven, zo verklaarde voorzitter Caspar van den Berg tegen het Hoger Onderwijs Persbureau.

‘De universiteit wil er niet vanaf, we hechten juist aan openheid en transparantie’

Hoeveel tijd ermee gemoeid is om Woo-verzoeken af te handelen durft woordvoerder van de universiteit Caroline van Overbeeke niet precies te zeggen. ‘Dat is lastig in fte’s of geldbedragen uit te drukken. Bij onze afdeling Juridische Zaken is net een Woo-medewerker gestart, een nieuwe functie. Buiten het werk van onze eigen juristen en deze nieuwe medewerker, maakt de universiteit vaak ook kosten als een verzoek te groot is om zelf te kunnen behandelen en we dit werk uitbesteden aan externe deskundigen.’

Van Overbeeke benadrukt dat de universiteit niet op zoek is naar een manier om onder de Woo uit te komen. ‘De universiteit wil er niet vanaf, we hechten juist aan openheid en transparantie en leggen vanzelfsprekend verantwoording over ons werk af, en vinden ook dat dit moet.’
Wat wel blijft, is het streven naar een vorm van compensatie vanuit het Rijk voor de hoeveel tijd en arbeid die gaat zitten in het afhandelen van Woo-verzoeken, zoals ook gemeenten die hebben gekregen.

‘We vragen aandacht voor het toenemende aantal Woo-verzoeken en het feit dat we de behandeling ervan niet gecompenseerd krijgen, zoals bij overheidsinstanties doorgaans wel het geval is’, aldus Van Overbeeke. ‘Het kost ons dus steeds meer geld, wat we niet aan onderwijs en onderzoek kunnen besteden.’