Het is de actie waarvan iedereen wist dat ie zou komen.
De jaarlijkse informatiemarkt van de El Cid-week is maandagmiddag nog geen kwartier gaande als het begint te stinken bij de kraam van de Groot-Nederlandse Studentenvereniging (GNSV). Op de kruising van de Koornbrugsteeg en de Breestraat, het uiterste hoekje van de markt waar de omstreden vereniging een plekje heeft toegewezen gekregen, verspreidt zich een zure lucht van braaksel.
De aanwezigheid van de controversiële radicaal-rechtse (en volgens sommige experts extreemrechtse) vereniging tijdens de introductieweek staat al jaren ter discussie en leidde al eerder tot bestuurlijke ophef, petities en protesten.
Extreem gedachtegoed
Uit onderzoek van de Volkskrant bleek dat de vereniging nauwe banden onderhoudt met de Geuzenbond, een extreemrechtse jongerenbeweging die door de politie en de veiligheidsdiensten in de gaten wordt gehouden. Volgens het Openbaar Ministerie streeft die groep naar ‘normalisering van het rechts-extremistische gedachtegoed en het weerbaar maken van het “blanke ras” door fysieke training’.
Afgelopen februari werd een Nijmeegs (en voormalig Leids) lid van GNSV en de Geuzenbond veroordeeld tot twee jaar cel, waarvan een jaar voorwaardelijk, voor het bezit en vervaardigen van wapens en munitie.
Maar ondanks alle weerstand en meerdere oproepen vanuit de medezeggenschap wil de universiteit de GNSV niet weren van de infomarkt, omdat daar geen juridische grond voor zou zijn. Gevolg: meer weerstand.
Vorig jaar dumpten activisten uit protest een lading compost voor de GNSV-kraam op de Leidse infomarkt. Ook hingen er in kramen van andere deelnemers posters met de opdruk: ‘FASCISTEN NIET WELKOM! Wij staan voor een veilige en inclusieve El Cid-week, zonder extreemrechts. El Cid en Universiteit Leiden: bied extreemrechts geen ruimte.’
Parodie
‘Het is ieder jaar hetzelfde liedje’, zucht voorzitter Wancho Karkalasev, net als de drie andere aanwezige GSNV’ers gekleed in een beige broek, licht overhemd en rood-wit-groen lint over de rechterschouder. Hij vindt alle ophef ‘onzin’. ‘Alles wat rechts is, wordt verdacht gemaakt: wij zijn het kwaad. Maar wij vertegenwoordigen een bepaalde stroming studenten. Daar moet óók ruimte voor zijn op deze markt.’
Dat leek de universiteit aanvankelijk ook te vinden. ‘Op basis van de huidige richtlijnen zien we echter onvoldoende grond om de vereniging uit te sluiten’, herhaalde rector Sarah de Rijcke vorige maand nog maar eens tijdens de universiteitsraad.
Maar mede onder druk van studentenverenigingen die hun zorgen kenbaar hadden gemaakt, kondigde de rector wel ‘een verkenning’ aan ‘of de richtlijnen mogelijk herzien moeten worden’.
Alleen: pas ná de huidige El Cid-week, in het najaar.
En dus was het wachten op de actie waarvan iedereen wist dat ie zou komen.
Lang duurt dat niet. Rond tien over twee loopt een jongen naar de beveiliger die leunend tegen een dranghek op de stoep van de Breestraat een oogje in het zeil moet houden, en stelt hem een vraag.
Een afleidingsmanoeuvre, zo blijkt.
Klemgezet
Want tegelijkertijd loopt een meisje richting de GNSV’ers en haalt een glazen pot met witgele smurrie uit haar katoenen tas. Maar nog voordat ze die weet leeg te schudden, heeft de beveiliger haar arm al beet.
De pot klettert kapot op straat. Terwijl de stank zich verspreidt, wordt de activiste klemgezet in de portiek van Franse bakkerij Paris Pain (‘t/m donderdag gesloten’, staat er op het raam). Met haar armen voor haar hoofd gevouwen zit het meisje bijna drie kwartier op de grond, ingesloten door drie BOA’s, tot ze uiteindelijk wordt meegenomen door de politie.
‘Een sneue actie’, vindt Karkalasev. Mede-GNSV’er en politicologiestudent Daan Meershoek spuit schoonmaakmiddel op de straatstenen en giet er water overheen uit twee emmers die de El Cid-organisatie heeft laten aanrukken. Maar de stank verdrijven lukt maar matig.
‘Het ruikt als boterzuur’, weet een demonstrant die recht voor de GNSV-stand protestflyers staat uit te delen. ‘Dat kun je maken door aardappelen met water in een pot te doen en ijzervijlsel toe te voegen: dat versnelt het rottingsproces.’
Kat-en-muisspel
De tegenflyeraars, die niets van de actie zeggen af te weten, zijn dan al een uur verwikkeld in een kat-en-muisspel met de beveiliging. Want nog voor de infomarkt is begonnen wordt hen al verboden om hun pamfletten te verspreiden met daarop de tekst ‘GNSV niet welkom in Leiden!’ en een afbeelding van een verbodsbord met een doorgestreept hakenkruis.
De El Cid-organisatie betoogt dat het gebied rondom het gemeentehuis en de Nieuwe Rijn een evenemententerrein is: dat staat ook op de borden die de informatiemarkt omringen. Activisten zouden alleen mogen protesteren in een met rood-witte linten afgezet demonstratievak tussen de pilaren van de Koornbrug, ver weg van de GNSV’ers.
‘Onzin’, reageert Bo (30, ‘geen achternaam’) die net door een beveiliger is gemaand om te stoppen met uitdelen. ‘Dit is openbare ruimte, dus we gaan gewoon door.’ Even later blijkt dat de politie alleen wil ingrijpen als een groep meer dan twee personen telt. En dus flyeren de activisten vanaf dat moment in groepjes van twee.
Leiden is niet de enige universiteit die met de GNSV in haar maag zit. De Nijmeegse Radboud Universiteit kondigde eerder aan de vereniging dit jaar wél te zullen weren uit de introductieweek, maar dat mislukte alsnog na een administratieve blunder: iedereen die betaalde, kreeg automatisch een plek.