Achtergrond
Drie Ghanese promoties op één middag: ‘Doctor Darko, dat klinkt echt goed’
Op één dag promoveerden drie wetenschappers uit Ghana achter elkaar. Samen onderzochten ze hoe moslims en christenen vreedzaam leerden samenleven in Madina, een voorstad van de Ghanese hoofdstad Accra. ‘In plaats van een ander te beledigen, kun je ook de mute-knop indrukken.’
Vincent Bongers
donderdag 4 juni 2026
Rashida Adum-Atta, een van de drie promovendi, maakt een selfie bij het Academiegebouw. Foto Marc de Haan

‘Martin is morgen als eerste aan de beurt en als hij zijn bul krijgt, ga ik juichen’, zegt de Ghanese promovendus Kauthar Khamis op maandag in een vergaderzaaltje in het African Studies Centre (ASC) in Leiden. ‘Zijn overwinning zal ons tweeën ook weer aansporen.’

Collega Rashida Adum-Atta tilt haar glas op alsof ze alvast een toost uitbrengt. ‘Doctor Darko!’

Martin Luther Darko is blij met zijn cheerleadende mede PhD’s: ‘Klinkt goed! Zeg dat nog maar een keer.’

Adum-Atta: ‘Doctooor Darkooo!’

Darko’s schaterlach schalt door de kamer. Naast hem ligt een sjerp met daarop een verwijzing naar een geslaagde verdediging. ‘Die kan ik nu natuurlijk nog niet omdoen.’

De drie verdedigden dinsdag achter elkaar hun proefschrift, en ook nog eens over hetzelfde onderwerp: hoe christenen en moslims in Madina, een voorstad met ruim 130.000 inwoners van de Ghanese hoofdstad Accra, manieren vinden om vreedzaam met elkaar te leven. Het is een unieke gebeurtenis, de promovendi maken deel uit van het Madina Project van de University of Ghana, de Universiteit Utrecht en het ASC in Leiden.

Ook Joseph Fosu-Ankrah is aangeschoven. Hij promoveerde afgelopen oktober al in Leiden op Madina en steunt de drie aankomende doctoren bij hun promotie. Hij moedigt Adum-Atta aan als ze op zachte toon over haar onderzoek vertelt: ‘Speak up!’

allerlei kwalen

Maar wat is Madina eigenlijk voor een stad? ‘Prof, zeg jij het maar’, zegt Adum-Atta met een knipoog tegen Fosu-Ankrah. ‘Madina is in 1959 gesticht door moslims die van de overheid moesten vertrekken van de locatie waar ze eerst woonden’, legt hij uit.

Sindsdien is het een plaats geworden met veel winkels en een enorme markt. ‘Het is een multi-etnische en multiculturele plek, maar de twee grootste groepen zijn moslims en christenen. Die slagen erin om vreedzaam met elkaar samen te leven en zij doen dat op een heel interessante manier.’

‘Madina is een zogeheten “zongo”, een van oorsprong islamitische nederzetting’, vult Adum-Atta aan. ‘Er zijn meerdere zongo’s in Accra, maar Madina is veruit de meest diverse en kosmopolitische.’ Er wordt echt van alles aangeboden, vertelt Darko: ‘Bijvoorbeeld medicijnen en traditionele middelen tegen allerlei kwalen, maar ook producten die je seksleven zouden moeten verbeteren.’

Khamis: ‘Het is ook omgeven door rijke wijken en ligt bij de campus van de University of Ghana. De bewoners van die buurten en de studenten komen er ook vaak. Sommigen omschrijven Madina als de maag van een olifant, daar is ook haast alles in te vinden.’

Van links naar rechts: Martin Luther Darko, Rashida Adum-Atta, Kauthar Kamis en Joseph Fosu-Ankrah (hij promoveerde al in oktober 2025). Foto Marc de Haan

De onderzoekers zien de plek als een blauwdruk voor vreedzaam samenleven. Niet alleen voor hun eigen land, maar ook voor elders. ‘Het is interessant hoe bewoners omgaan met spanningen tussen moslims en christenen’, vertelt Fosu-Ankrah die onderzoek deed naar de publieke ruimtes. ‘Ze hebben allerlei technieken om samen te leven ontwikkeld.’

Een van de manieren om conflicten te vermijden is om je strategisch terug te trekken en niet altijd te zeggen wat je denkt. ‘Als een gesprek gevoelig dreigt te worden zie je dat bewoners fysiek afstand nemen. Dat betekent niet dat ze jou haten, het is een manier om geweld te voorkomen.’

Kamis zoomt in haar proefschrift in op hoe ideeën van christelijke en islamitische vrouwen over schoonheid elkaar beïnvloeden. ‘Culturele en religieuze grenzen schuiven op. Soms zorgt dat voor spanningen. Het komt bijvoorbeeld steeds vaker voor dat islamitische vrouwen trouwen in een witte jurk, een christelijke traditie. Ze gaan dan ook nog eens zo de moskee binnen. Er zijn imams die klagen over deze ontwikkeling. Sommige mannen voelen zich ongemakkelijk door de aanwezigheid van een aantrekkelijke vrouw in de moskee.’

naakte paspoppen

Om de nieuwe gebruiken toch in te passen worden er compromissen gesloten. ‘De mannen in de moskee doen alsof ze de bruid niet zien. Dat is een bewust proces van negeren. Tegelijkertijd zie je steeds vaker moslimbruiden in een witte jurk maar mét hijab. Zo worden er allerlei oplossingen gevonden.’

Een ander veelzeggend voorbeeld: paspoppen. ‘Je hebt in mode- en beautywinkels etalagepoppen met duidelijk vrouwelijke rondingen. De winkeliers zorgen ervoor dat er nergens naakte poppen, die even niet gebruikt worden, te zien zijn in het straatbeeld. Want dat is aanstootgevend voor moslims. De streek rond de heupen en de borsten worden afgedekt met stof.’

Darko deed onderzoek naar de gezondheidszorg. Er is in Madina een groot ziekenhuis van de Pinksterbeweging waar overdag uitgebreide kerkdiensten worden gehouden. ‘De meerderheid van de patiënten is islamitisch en er werken ook moslims. Deze medewerkers kiezen er dan ook voor om ’s nachts te werken, want dan zijn er geen kerkdiensten.’

alcohol en varkensvlees

Er klonk uit christelijke hoek dan weer kritiek op een moslima die bij een ziekenhuisreceptie werkte. ‘De directie wilde dat ze hijab afdeed, anders volgde er ontslag. Maar na het nodige gekrakeel en overleg kon ze er toch blijven werken, en bleef ze de hijab dragen.’

Adum-Atta bestudeerde de eet- en drinkcultuur. ‘Moslims eten geen varkensvlees, maar op de markt wordt dit “taboe-product” wel verkocht. Het opvallende is dat de christelijke marktkraamhouders er rekening mee houden en het niet aan moslims verkopen. Ik heb dat getest. Als ik heel casual gekleed ben, en je zou kunnen denken dat ik geen moslim ben, dan wilden ze het wel verkopen. Toen ik met hijab naar de markt ging, kreeg ik wel waarschuwingen. Sterker nog: ook andere verkopers hielden me in de gaten om te voorkomen dat ik per ongeluk varken zou kopen. Interessant is dat het kopen van alcohol, ook haram, als minder erg wordt gezien. Ook als je een hijab draagt, kun je bijvoorbeeld bier kopen. Het ene taboe weegt zwaarder dan het andere.’

‘Madina is als de maag van een olifant, daar is ook haast alles in te vinden’

De onderzoekers zijn zelf een soort Madina in het klein. Darko en Fosu-Ankrah zijn christelijk. Adum-Atta en Khamis zijn moslima. ‘We werken heel goed samen’, zegt Fosu-Ankrah. ‘Ook omdat we hebben geleerd bepaalde gevoelige onderwerpen, buiten de academische discussie althans, te vermijden.’ Welke onderwerpen dat zijn, zeggen ze niet. Darko: ‘Als er iets in mijn hoofd opkomt over de islam waarmee ik mijn zuster Rashida zou kunnen beledigen, schakel ik liever mijn mute-knop in. En zij pakt het op dezelfde manier aan.’

Het is een mooie mix, vindt Khamis. ‘Ik kan nu als relatieve outsider aan mijn twee christelijke collega’s vragen wat bepaalde religieuze gebruiken precies behelzen.’

de nodige angst

Darko heeft zin in de verdediging: ‘Het is een lange reis geweest. Morgen ben ik dan wel de eerste, maar ik weet wat ik kan verwachten in Leiden. Want ik heb de stream van Joseph’s verdediging vorig jaar gevolgd. Maar het wordt spannend, want de commissie wil altijd meer, meer en nog eens meer weten. Ik zal ze dat geven.’

‘Er komt de nodige angst bij kijken’, zegt de meer gereserveerde Khamis. ‘Het zal eerst oncomfortabel voelen, maar als ik eenmaal vragen ga beantwoorden zal dat wegebben en zal ik door blijven emmeren. We doen het samen en dat scheelt.'

Fosuh-Ankrah: ‘Ik ben haar paranimf. Dus ik support van heel dichtbij.’

Adum-Atta is als laatste aan de beurt. ‘Ik hoop dat ik mijn onderzoek goed kan uitleggen. We dragen in ieder geval passende outfits bij de verdediging. Khauta en ik hebben een jurk van kente, een traditionele gewoven Ghanese stof.’

Darko: ‘Ik draag wat wordt genoemd: een Afrikaans politiek pak.’

Khamis: ‘We willen Afrika, en vooral Ghana, hier in Leiden vertegenwoordigen.’

ontzettend trots

Om kwart voor vier op dinsdagmiddag heeft Adum-Atta als laatste met succes haar proefschrift verdedigd. ‘Dit geeft zo’n voldaan gevoel’, zegt ze met de bul in haar handen. ‘Ik heb het niet alleen gedaan. Mijn man heeft een tijd alleen voor mijn twee zoons gezorgd. Dat hij dit mogelijk heeft gemaakt is heel fijn.’

‘Ik keek hier al zó lang naar uit’, vertelt Darko. ‘Ik ben benieuwd wat deze nieuwe status me gaat brengen.’

‘Ik ben ontzettend trots op ze’, straalt Fosuh-Ankrah. ‘Ik heb gemengde gevoelens over promoveren, want het is ook zwaar. Maar als je klaar bent, blijkt het toch echt de moeite waard te zijn geweest.’

Khamis is vooral heel ‘excited’ dat het is gelukt. ‘Ik kan nu eindelijk zeggen dat ik doctor ben.’