‘Wij zijn een verbond van jonge, vaderlandslievende Nederlanders’, schrijft de rechtsextremistische Geuzenbond op haar site. ‘Wij zetten ons in voor de hereniging van de Nederlanden.’ Die gedachte van Groot-Nederland, ook wel Dietsland genoemd, houdt in dat Nederland en Vlaanderen weer één staat worden.
De Geuzenbond is sterk verbonden met de omstreden Groot-Nederlandse Studentenvereniging (GNSV), waarvan de naam weinig aan de verbeelding overlaat. Op de site van de GNSV staat een quote van Karel Dillen, politicus voor het Vlaams Belang en voorzitter van de radicale organisatie Were Di: ‘Wie zich nationalist noemt, moet als nationalist zijn principes bepalen, ze verkondigen, ernaar handelen, zijn levenshouding ernaar bepalen.’
Overigens wordt Zuid-Afrika, althans alleen de witte bevolking volgens deze extremistische organisaties, ook gezien als een deel van Groot-Nederland.
Verstrengeling
De Universiteit Leiden worstelt al een tijd met de deelname van de extreemrechtse GNSV aan de introductieweek. Dietsland lijkt plots actueel in Nederland. ‘Het is opvallend dat deze organisaties pleiten voor de verstrengeling van Nederland met Vlaanderen’, vindt Harold van der Kraan. ‘Geheel onverwachts is het ook weer niet, want Geert Wilders heeft verschillende keren een lans gebroken voor een Groot-Nederland.’
Partijgenoot Martin Bosma deed dat ook. Hij zei vorig jaar nog tijdens een etentje van Kamerleden met de Franse ambassadeur dat Nederland Vlaanderen er wel bij kon hebben, onthulde NRC. Wallonië kon dan naar Frankrijk.
Van der Kraan is lector communicatie, geschiedenis en media aan de AP Hogeschool Antwerpen en promoveert in Leiden op een proefschrift over de Groot-Nederlandse gedachte. Ook daar is Dietsland bij bepaalde partijen nog steeds een onderwerp, vertelt hij. ‘Tom Van Grieken, partijvoorzitter van het Vlaams Belang, ziet een fusie zitten’. Al betwijfelde hij in de Vlaamse krant KW of die wens wel reëel was. ‘Mijn hart zegt ja tegen een fusie, maar mijn verstand zegt neen.’
raciaal zuiver
‘Het gaat hier niet om kleine jongens’, zegt de onderzoeker. ‘Het Vlaams Belang is volgens de laatste peilingen de grootste partij in Vlaanderen. Ik stoor me er dan ook aan dat de academische perceptie is dat het concept na de Tweede Wereldoorlog is gemarginaliseerd. Ik stel vast dat het idee altijd aanwezig is gebleven.’
De symboliek van het Groot-Nederland blijft belangrijk voor de rechtse organisaties. ‘Ze kijken met weemoed naar het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden dat in 1815 ontstond.’ In 1830 kwam België in opstand tegen koning Willem I en werd na een korte strijd onafhankelijk. De Geuzenbond schrijft daarover: ‘Wij geloven dat de Brusselse Muiterij van 1830 een grote fout was, die dient te worden teruggedraaid.’
De GNSV en de Geuzenbond zien een Groot-Nederland als een sterk nationalistisch en raciaal zuiver front dat zich verzet tegen alles wat zij als ‘de ander’ beschouwen. Dat gaat dan vooral om migranten.
‘In België is de context van de Groot-Nederland gedachte anders’, aldus Van der Kraan. ‘De bevoegdheden van de federale overheid zijn hier steeds minder groot geworden. Dat heeft een impuls gegeven aan Vlaams-nationalistische verenigingen die zeggen: België is uitgekleed, onze culturele band met Nederland is veel sterker dan die met Wallonië.
‘En dat is ook zo. Als de Belgische zangeres Pommelien Thijs in Wallonië gaat optreden, dan kent niemand haar. In Nederland en Vlaanderen is ze bijzonder populair. Het is niet alleen de taal, maar economisch heeft Vlaanderen ook veel meer banden met Nederland dan met Wallonië.’
In zijn proefschrift onderzoekt Van der Kraan het gedachtegoed over Dietsland in Vlaanderen tussen 1880 en 1980. ‘Eind negentiende, begin twintigste eeuw neemt het Vlaams-nationalistische bewustzijn in België toe. In het interbellum wordt dat nog meer geactiveerd, en daar past die connectie met Nederland ook bij. Die is sterker dan met de Walen en Fransen.’
Oranje dassen
In zijn proefschrift spelen extremisten een grote rol, al waren zij zeker niet de enigen die voor samensmelting ijverden. ‘Er waren in België zeker organisaties als het Vlaamsch Nationaal Verbond waar zeer extremistische collaborateurs met de Duitsers deel van uitmaakten. Ook ontstaan na de Tweede Wereldoorlog Dietse jeugdbewegingen. De leden van het Algemeen Diets Jeugdverbond (ADJV) droegen oranje dassen op hun uniform als eerbetoon aan Willem van Oranje.
‘In het blad De Vendeljongen van de ADJV werden SS’ers op het schild gehesen. Een artikel gaat bijvoorbeeld over Wim Heubel. Dat was niet alleen de zwager van NSB’er Rost van Tonningen, maar tijdens de oorlog ook een belangrijke pion in de Waffen-SS.’
In de tijdschriften doken steeds dezelfde personen op. ‘Bijvoorbeeld de historicus Robert Van Roosbroeck, die als schepen van onderwijs in Groot-Antwerpen had gecollaboreerd met de nazi’s en lid was geweest van de Algemeene-SS Vlaanderen. Hij schreef voor allerlei naoorlogse publicaties.’
Van Roosbroeck was na de oorlog uitgeweken naar het Nederlandse Oosterhout. Hij kreeg in 1979 zelfs de gouden erepenning van de stad, die in 2021 postuum weer werd ingetrokken. ‘Oei, realiseerde de gemeente zich toen pas: de verdienstelijke historicus was blijkbaar een notoire SS’er.’
‘Bert Van Boghout, een van de personen die aan de basis stond van het Vlaams Belang (toen nog Vlaams Blok), was lid van de Waffen-SS en schreef over Dietsland. Hij had in Antwerpen een boekhandel waarvoor hij veelvuldig promotie maakte in Berkenkruis, het blad van de vereniging van Vlaamse SS-oostfronters.’
Dat zit ook niet alle Vlaams Belang-politici lekker. ‘Ik heb Gerolf Annemans, Europarlementariër voor de partij gesproken en die vond Van Boghout maar een “vreemd mannetje”. Maar dat vreemde mannetje had best veel invloed.’
Maar voor de Tweede Wereldoorlog was de Dietsland-beweging veel breder. ‘Vlaamse socialisten als Leo Magits, Pieter Ursi en Hendrik Brugmans zagen de gezamenlijke taal en cultuur en als een essentieel wapen in de socialistische strijd. Het gevecht van arbeider was niet gebonden aan landsgrenzen. Samen kon men voor betere omstandigheden en scholing zorgen, was het idee.
‘Magits en Ursi, die na de Eerste Wereldoorlog vanwege het activisme met de Duitsers naar Nederland waren gevlucht, probeerden toenadering te zoeken tussen de Nederlandse en Belgische socialisten en invloed uit te oefenen. Binnen de grotendeels Franstalige socialistische partij in België zijn ze echter nooit serieus genomen.’
In Nederland was Pieter Geijl, die in Leiden geschiedenis en Nederlands studeerde en later een invloedrijk hoogleraar werd in Londen en Utrecht, de grote voorvechter van Dietsland. ‘Hij wordt wel eens afgeschilderd als rechts, maar dat was hij niet. Hij heeft zich altijd gedistantieerd van en verzet tegen extreemrechts. In de Tweede Wereldoorlog is hij zelfs opgepakt door de Duitsers.
Huisideoloog
‘Geijl zag Groot-Nederland als geografisch-historisch geheel, ik wil hem zeker niet in de etnisch-nationalistische hoek plaatsen. Sommige historici hebben dat wel gedaan. Hij was een soort huisideoloog van de Groot-Nederlandse gedachte, ook als verzet tegen de Franse invloed waarmee de elite zich vereenzelvigde.’
Zijn pogingen om politiek te beïnvloeden waren echter vergeefs. ‘Hij zag met lede ogen aan dat in de jaren dertig de socialisten en vooral extreemrechtse organisaties met Dietsland aan de haal gingen.’
Dietsland landde nooit helemaal in Nederland. ‘Vlaamse organisaties probeerden Nederlanders te enthousiasmeren, distribueerden tijdschriften en zetten afdelingen op, maar het kwam allemaal niet echt van de grond.’
Ook in België was er, bijvoorbeeld onder katholieken en socialisten, veel versnippering als het om de kwestie ging, en waren er maar weinig figuren die tot de verbeelding spraken en politieke invloed hadden. ‘Zo is de Groot-Nederland gedachte vooral in rechtsextremistische hoek blijven hangen.’
IJzerbedevaart
Geijl bleef zich inzetten voor de kwestie. Hij sprak in 1962 op de IJzerbedevaart die jaarlijks ter nagedachtenis van gevallen Vlaamse soldaten uit de Eerste Wereldoorlog wordt gehouden. ‘De bedevaart was toen nog niet gekaapt door extreemrechts. Er is letterlijk gevochten tussen gematigde Vlaams-nationalisten en radicale groepen zoals het Vlaams Blok, over de ideologie van de herdenking. Het kwam zelfs tot een splitsing, vanaf 2003 organiseert extreemrechts de alternatieve IJzerwake.’
Van der Kraan verwacht niet dat de PVV en het Vlaams Belang ooit daadwerkelijk stappen richting een Groot-Nederland zouden zetten. ‘Het draait bij beide partijen toch vooral om migratie. Zeker in Nederland is er niet veel animo voor. Wilders is clever genoeg om er geen groot thema van te maken. Ik denk dat ze Groot-Nederland vooral symbolisch zullen blijven gebruiken voor hun achterban.
‘Nederlanders zijn vaak ook minder bekend met Dietsland dan Vlamingen. ‘Als je in Vlaanderen een café binnenstapt en begint over Groot-Nederland, is de kans groot dat een aantal bezoekers daar wel iets over weet. Onlangs riep iemand nog tegen mij: “O ja, Pieter Geijl!” In een Nederlandse kroeg verwacht ik niet meteen zo’n reactie.’
Harold van der Kraan, Dietsland: rookgordijn en onderstroom, De Groot-Nederlandse gedachte onder Vlaamsgezinde opiniemakers (1880-1980). Promotie is vrijdag 6 november