Nieuws
Rode cijfers bij FSW (maar ook nog veel onzekerheden)
De begroting van de faculteit Sociale Wetenschappen schiet de komende jaren in het rood. Ook zijn twee nieuwe opleidingen afgekeurd door het ministerie.
Else van der Steeg
donderdag 1 oktober 2026

In de voorlopige meerjarenbegroting bij de faculteit Sociale Wetenschappen voor 2027-2031 staan veel rode cijfers. De verwachting is dat vier van de vijf volgende jaren worden afgesloten met een tekort.

Die lopen nogal uiteen, met het kleinste tekort in 2029 , namelijk 430.000, en het grootste in 2028, van bijna 2,3 miljoen. Maar naar verwachting behaalt de faculteit in 2031 weer een positief resultaat van 280.000 euro, zei controller Rob van Amsterdam onlangs bij de presentatie van de begroting aan de faculteitsraad.

Er is nog veel onzeker over de voorlopige meerjarenbegroting, vanwege verschillende redenen. Zo is de nieuwe CAO-verhoging, die in juli is vastgesteld door de vakbonden, nog niet verwerkt in de begroting. Ook is het ‘nog afwachten’ welke impact de nieuwe begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zal hebben op de universitaire financiën.

Te laat

Verder zorgt de aanhoudende chaos door het nieuwe administratieprogramma Bas Insite van softwareontwikkelaar Afas voor meer onduidelijkheid: er kan in het systeem niet vooruitgekeken worden op projecten, die daardoor ook niet in de meerjarenbegroting kunnen worden verwerkt (zie kader).

Positief voor de begroting, maar minder positief voor de faculteit, is het feit dat twee nieuw geplande opleidingen van de faculteit door het ministerie zijn afgekeurd, de masteropleiding data science (MADS) en de universitaire lerarenopleiding primair en voortgezet onderwijs (ULPRIVO).

‘Omdat deze beslissing pas begin september is genomen, was het voor ons te laat om dit nog in de meerjarenbegroting aan te passen’, zei Van Amsterdam. ‘We hebben het met goedkeuring van het college van bestuur voor dit jaar in de begroting laten staan.’

De studies zouden in de eerste paar jaar vooral geld kosten, en pas in latere jaren geld opleveren. Als de doorberekening voor de opleidingen volgend jaar uit de meerjarenbegroting wordt gehaald, valt de begroting dus automatisch een stuk positiever uit, zei Van Amsterdam.

Andere doelgroep

De masteropleiding data science zou een samenwerking worden met andere Europese universiteiten, lichtte vicedecaan Carlijn Bergwerff toe. Daarvoor was officiële erkenning van het ministerie nodig, door middel van een zogeheten Macro Doelmatigheidstoets, maar daar kwam de opleiding niet doorheen. ‘Dat is een teleurstelling, want dit had mooie kansen kunnen bieden voor samenwerking op internationaal niveau’, aldus Bergwerff. ‘De faculteitsraad heeft wel eerder zorgen geuit over instroom en rendabiliteit van de opleiding, die zorgen zijn nu wel weggenomen. Maar we hadden het liever op een andere manier gezien.’

Ook de nieuwe lerarenopleiding werd afgekeurd. ‘We zagen echt de meerwaarde om een bijdrage te leveren aan de oplossing van het lerarentekort. Daar gaf de minister ons gelijk in. Ze zei dat er inderdaad behoefte aan was vanuit de arbeidsmarkt, maar ze zagen te veel concurrentie met bestaande opleidingen.’ Sinds 2023 hanteert het ministerie strenger beleid met als uitgangspunt dat al bestaande opleidingen in Nederland in principe voldoende zijn.

‘Als je met iets nieuws wil komen, moet het zich dus echt onderscheiden van wat er al bestaat’, aldus Bergwerff. ‘In de komende jaren zullen er minder achttienjarigen zijn dan tien jaar geleden, dus ook met kleinere groepen studenten moet iets betaalbaar blijven. Maar het was niet ons beleid. Onze insteek was dat dit van toegevoegde waarde zou zijn omdat we een andere doelgroep zouden bedienen. Maar het is wat het is.’

Bas Insite blijft een probleem: ‘Het systeem is echt niet goed’

Het administratieprogramma is nog steeds ‘tergend traag’, aldus decaan Bart Barendregt. ‘Maar er gloort licht aan het eind van de tunnel.’

Het zogeheten implementatieproject van het administratieprogramma Bas Insite is officieel afgerond, maar er is direct een doorontwikkelingstraject opgestart, vertelde Mariska Enneking, die per september is gestart als directeur bedrijfsvoering bij de faculteit Sociale Wetenschappen, tijdens de raadsvergadering. ‘Er is geen discussie over dat we er nog lang niet zijn.’

Toekomstige projecten kunnen nog steeds niet worden ingezien in het programma, wat invloed heeft op de begroting. Bij de afdeling Planning & Control was een medewerker langdurig uitgevallen vanwege alle moeilijkheden.

Verkeerde stoel

‘Die is inmiddels fris teruggekomen’, aldus Enneking. ‘Wat ik zelf vind schelen: er is een gedeelde overtuiging dat het systeem echt niet goed is. Van daaruit kunnen we er samen aan werken.’

‘Laten we er geen te lange discussie over voeren’, vult decaan Bart Barendregt aan. ‘We weten dat we er nog lang niet zijn. Het is tergend traag, maar er lijkt licht aan het eind van de tunnel te zijn. We gaan de goede kant op.’

‘Dat je prioriteert dat mensen hun eigen budgetten in kunnen zien, snap ik’, zei faculteitsraadslid Rebecca Schaefer. ‘Maar er zijn ook verantwoordelijkheden verschoven die niet bij ons werk passen. Ik heb bijvoorbeeld ineens de HR-verantwoordelijkheid voor verschillende mensen, met daarbij allerlei taken die eerst geen onderdeel waren van mijn urenbesteding. Onze ondersteuner zei zelfs: “Oh, dat vond ik juist leuke taken om uit te voeren.” Dus nu zitten we allebei precies op de verkeerde stoel. Als je onderzoekers allemaal extra taken gaat geven, moet er ook iets vanaf.’