English
Zoeken
Digitale krant
App
Menu
Voorpagina Achtergrond Wetenschap Studentenleven Nieuws Cultuur Columns & opinie Podcast  

Menu

Categorieën

  • Voorpagina
  • Achtergrond
  • Wetenschap
  • Studentenleven
  • Nieuws
  • Cultuur
  • Columns & opinie
  • Podcast

Algemeen

  • Archief
  • Contact
  • Colofon
  • App
  • Digitale krant
  • English
Nieuws
Oranjes ‘zonder twijfel medeverantwoordelijk’ voor kolonialisme en slavernij
Koning Willem-Alexander en emeritus hoogleraar Gert Oostindie betreden het Academiegebouw. Foto Taco van der Eb
Vincent Bongers en Marciëlle van der Kraan
vrijdag 2 oktober 2026
Het koningshuis verdiende aan de koloniën, ondersteunde slavenhandel en sloeg verzet neer. Maar de Oranjes hadden weinig invloed op het koloniale beleid. Dat blijkt uit het Leidse onderzoek dat koning Willem-Alexander vrijdagochtend in het Academiegebouw in ontvangst nam. ‘Een schrijnende en confronterende conclusie.’

‘In de koloniale geschiedenis speelde het Huis Oranje-Nassau een eigen rol, met overtuiging betrokken, en dus zonder enige twijfel medeverantwoordelijk’, dat zei emeritus hoogleraar Gert Oostindie, voorzitter van de commissie die onderzoek heeft gedaan naar de rol van de Oranjes in de koloniale geschiedenis van Nederland. Vrijdagochtend presenteerde hij de onderzoeksresultaten in de Telderszaal in het Academiegebouw.

Koning Willem-Alexander was aanwezig om het eerste exemplaar van een van de vijf boeken in ontvangst te nemen. Het onderzoek is op initiatief en op kosten van de koning verricht door het instituut geschiedenis van de Universiteit Leiden. Er werkten meer dan zestig onderzoekers aan mee.

‘Alle stadhouders, koningen en koninginnen, althans tot en met Wilhelmina, waren overtuigd van de legitimiteit van het kolonialisme en het belang ervan voor Nederland’, ging Oostindie verder. En al die Oranjes achtten ‘koloniale oorlogvoering en gewelddadige onderdrukking van opstanden onvermijdelijk en gerechtvaardigd’. Ze gaven steun aan ‘een koloniaal beleid dat per definitie was gebaseerd op het uitgangspunt van Europese, witte superioriteit’.

‘onverbloemd en indringend’

‘Uw bevindingen zijn onverbloemd en indringend’, reageerde koning Willem-Alexander. Hij heeft eerder gereflecteerd op de rol van het Huis van Oranje-Nassau in de koloniale geschiedenis en slavernij. Het onderzoek bevestigt volgens hem dat beeld, maar voegt daar ook nieuwe inzichten aan toe.

‘U laat zien dat kolonialisme en slavernij door stadhouders en koningen actief werden ondersteund, inclusief instemming met het neerslaan van verzet. Daarmee droegen zij medeverantwoordelijkheid voor het voortbestaan ervan.’

De stadhouders en koning Willem I gaven geen blijk ‘van bezwaren tegen handel in slaafgemaakten of slavernij’, vertelt Oostindie. ‘Willem II en Willem III dachten daar wel iets anders over, maar droegen niet bij aan de afschaffing ervan.’

De betrokkenheid van het Huis Oranje-Nassau was slechts bij uitzondering bepalend voor het Nederlandse kolonialisme. ‘Zonder de Oranjes was Nederland ook wel een koloniale mogendheid geworden. De stadhouders en vorsten ondersteunden het kolonialisme wel, maar alléén koning Willem I was van beslissend belang.’

Half miljard winst

De Oranjes verdienden aan de koloniën. Maar met uitzondering van koning Willem I en zijn kleinzoon prins Hendrik was hun directe financiële bemoeienis beperkt. ‘Het financiële profijt dat de Oranjes uit de koloniën trokken was vooral in de negentiende eeuw zeer substantieel, in de orde van een half miljard hedendaagse euro’s.’

‘Er werd geen tegendraads leiderschap getoond’

Uit het onderzoek blijkt dat ‘in een oogopslag duidelijk is wanneer en waar het Huis Oranje-Nassau wezenlijk winsten behaalden uit de koloniën: veruit het meest in de negentiende eeuw, en veruit het meest in Nederlands-Indië’.  

De trans-Atlantische slavenhandel en Caribische slavernij leverden echter vrijwel geen geld op. Oostindie: ‘Voor alle duidelijkheid: niet omdat ze dat niet wilden, maar omdat het niet lukte.’

Prestige en plezier

‘Het Nederlandse kolonialisme was belangrijker voor het Huis Oranje-Nassau dan het Huis Oranje-Nassau was voor het Nederlandse kolonialisme’, vervolgde hij. Dankzij de compagnieën bouwden de stadhouders exotische collecties op en konden ze hun huizen en tuinen versieren met koloniale elementen. Daarbij verschafte het aanstellen van zwarte bedienden extra aanzien. De vorsten steunden koloniale collectievorming en onderzoek en onderhielden persoonlijke, maar hiërarchische relaties met vorsten in de koloniën. ‘Dit alles droeg bij aan hun prestige, en wellicht ook aan hun plezier.’ 

Oostindie benadrukte dat de Oranjes niets deden om de misstanden in de koloniën aan te pakken. Ze onderscheidden zich in hun opvattingen niet van het grootste deel van de Nederlandse elite en van koloniale vorsten elders in Europa. ‘Maar dat signaleren is iets anders dan hen excuseren. Zij wisten van verzet, er circuleerden andere opvattingen. Zij hadden zich anders kunnen opstellen. Er werd geen tegendraads leiderschap getoond.’

Tot Juliana legden de Oranjes echter nooit hun gewicht in de schaal om hun landgenoten anders te laten denken over kolonialisme of slavernij. ‘Niets wijst erop dat zij dat zelfs maar overwogen.’  

‘Dat is een schrijnende en confronterende conclusie’, vond de koning. ‘Een conclusie die me raakt, ook al ben ik van drie generaties later.’

Geen excuses

Oostindie ging ook in op mogelijke excuses van de Oranjes. ‘De excuses van regering en koning gingen tot nu toe vooral over de Atlantische slavernij en het extreme geweld tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog, beide na een duidelijke roep om erkenning. Ook over andere dieptepunten uit vier eeuwen koloniale geschiedenis zou de koning zich nog kunnen uitspreken. Maar erg zinvol zou het niet zijn om dat alles een voor een “af te vinken”.’ Wat dan wel zinvol is, liet hij in het midden. 

Willem-Alexander bood geen excuses aan. Hij constateerde dat we ons ‘bewust moeten zijn van onze eigen geschiedenis om ervan te kunnen leren en samen verder te kunnen. Kennis van het verleden is cruciaal om het heden te begrijpen. Zonder erkenning van wat er is gebeurd, komen we niet verder.’ 

Voor de koning vormen de ongemakkelijke uitkomsten geen afsluiting, maar juist een aansporing om zich in te zetten voor het heden en de toekomst. ‘Voor mij is uw onderzoek met zijn ongemakkelijke uitkomsten een extra stimulans om mijn volle krachten te blijven geven aan wat ik bij mijn inhuldiging heb gezworen. Namelijk om de vrijheid en de rechten van alle Nederlanders en alle ingezetenen te beschermen.’ 

Deel dit artikel:

Lees ook

Nieuws
AI of niet, studenten moeten blijven schrijven
Een werkgroep van de faculteit Geesteswetenschappen onderzoekt hoe om te gaan met AI in het onderwijs. ‘Schrijfopdrachten moeten op de ene of andere manier in de studie blijven.’
Nieuws
Nijmegen weert de extreemrechtse GNSV na AIVD-rapport, Leiden (nog) niet
Nieuws
Rode cijfers bij FSW (maar ook nog veel onzekerheden)
Nieuws
Meer studiepunten en minder financiële zorgen bij Rechten
Nieuws
Geesteswetenschappen staat (voorlopig) in de plus
Download nu de Mare app voor je mobiel!
Downloaden
✕

Draai je telefoon een kwartslag, dan ziet onze site er een stuk beter uit!