Nieuws
Haagse opening is voor iedereen nog even wennen
Voor het eerst in 451 jaar werd het academisch jaar geopend in Den Haag. In een lang niet vol theater Amare discus­sieerden wetenschappers over AI. ‘Hak knopen door! Het is voor studenten superverwarrend wat er wel en niet mag.’
Sebastiaan van Loosbroek
woensdag 2 september 2026
Foto’s Arash Nikkhah

Het was voor iedereen even wennen: geen opening van het nieuwe academisch jaar in de eeuwenoude Leidse Pieterskerk, maar in het betrekkelijk nieuwe Haagse theatergebouw Amare. Voor het eerst in de 451-jarige geschiedenis van de Leidse universiteit werd deze traditie namelijk in Den Haag gevierd, om zo de sterke band tussen beide steden te benadrukken. 

Immers, benadrukken het college van bestuur en de burgemeesters van beide steden maandagmiddag meermaals: Den Haag is allang geen ondergeschoven kindje van de universiteit meer, maar een volwaardig onderdeel van de universiteit.

Dat het breken met een eeuwenoude traditie voor iedereen nog een beetje onwennig was, bleek onder meer tijdens het cortège dat van Wijnhaven naar Amare liep. Tijdens deze optocht van hoogleraren, bestuurders en andere belangrijke personen - normaal gesproken alleen bij de dies – lukte het niet om de rij gesloten te houden.

Bovendien waren er (de afgelopen jaren wél traditie) Pro-Palestinademonstranten op de been die vlak bij de ingang van Amare de in toga gehulde dames en heren toezongen met teksten als ‘LU LU YOU CAN’T HIDE, STOP SUPPORTING GENOCIDE!’ Twee agenten hielden de boel in de gaten, terwijl de wetenschappers stug naar binnen stiefelden.

Eenmaal binnen wist niet iedereen waar ze nu precies heen moesten. Ook bleek de zaal lang niet vol te zitten, waar de Pieterskerk jaarlijks afgeladen is. Bij de aftrap van de middag zong de zaal het Io Vivat en Gaudeamus - zij het een stuk minder uitbundig dan in de kerk – maar de setting was duidelijk losser dan anders: zo werd het college van bestuur kort geïnterviewd vanuit een zithoek en werd de middag vrolijk, luchtig en kundig gepresenteerd door Leids student en stagiair bij RTL Nieuws Bo Nieuwenhuis.

‘De universitaire systemen onderscheppen per dag 38.000 verdachte e-mails’

‘Voor eerst in 451 jaar is de opening van het academisch jaar in Den Haag, dat is een historisch moment’, begon collegevoorzitter Luc Sels. De aanwezigheid van burgemeesters Jan van Zanen (Den Haag) en Peter Heijkoop (Leiden) symboliseerde volgens Sels ‘op een prachtige manier wat wij vandaag willen uitdragen’.

‘Ik heb begrepen dat jij een fervent surfer bent’, zei presentatrice Nieuwenhuis tegen vice-collegevoorzitter Timo Kos. ‘Wat is de beste surfspot van Den Haag?’ ‘Net ten noorden of ten zuiden van de pier van Scheveningen, afhankelijk van de windrichting en golfrichting’, antwoordde hij resoluut. ‘Maar als er te veel wind is vind ik dat nog steeds leuk, omdat ik ook een heel fanatieke windsurfer ben.’

Leiden of Den Haag?

Sels moest kiezen of hij zich meer een Leidenaar of Hagenaar voelt. ‘Mag ik de joker inzetten?’ vroeg hij. Dat mocht niet, waarna hij politiek correct antwoordde: ‘Ik voel me in eerste instantie een Europeaan. Ik woon graag in Leiden, ik kom heel graag in Den Haag en ben blij dat de steden zo dicht bij elkaar liggen.’

De - moeilijkere - vraag hoe beide steden van elkaar kunnen leren, was voor rector Sarah de Rijcke. ‘Leiden heeft stevige academische tradities en disciplines, Den Haag is sterk op het gebied van gezondheid, internationale betrekkingen, veiligheid, vrede en recht. Veel vakgebieden vinden hun broedplaats in Den Haag.’

Na een toespraak van staatssecretaris Digitale economie en soevereiniteit Willemijn Aerdts over AI en digitale veiligheid, en ter introductie van product owner AI Julian Kraats, vertelde Nieuwenhuis dat dit thema ‘voor de Universiteit Leiden dagelijkse kost’ is. ‘De universitaire systemen herkennen iedere dag 600 miljoen verdachte schadelijke digitale verzoeken en per dag worden 38.000 verdachte e-mails onderschept.’

Bas Haring leidt de paneldiscussie over AI.

Speciale aandacht was er voor AI in het onderwijs. Onder leiding van Leids hoogleraar Publiek begrip van wetenschap Bas Haring gingen wetenschappers en een student met elkaar in gesprek. Hamvraag: heeft het essay nog bestaansrecht? ‘We schrijven teksten, maar hoe relevant is dat nog als AI dat ook voor ons kan doen?’ wilde Haring weten.

‘Het is nu nog belangrijker om veel vakspecifieke kennis te hebben om fouten door AI te kunnen herkennen’, vond universitair docent ontwikkelingspsychologie Ili Ma. ‘Ik ben er echter niet op tegen als studenten met hulp van AI een essay schrijven. Misschien moeten we de nadruk wat meer op het idee van de student leggen dan op de zinsstructuur en de grammatica van de tekst. Ik denk dat dat de kern is van een essay.’

Hoogleraar tweede taalverwerving Nivja de Jong laat studenten ‘meer het hele proces inleveren’ dan alleen het resultaat. ‘De empirische data moeten erbij zitten, de stappen van die data naar de conclusie moeten inzichtelijk zijn. Dan draait het meer om het proces van onderzoek doen dan om het eindproduct dat al dan niet met hulp van AI is geschreven.’

Boekdrukkunst en AI

Rechtenstudent Annelaurien Brinkman pleitte er juist voor dat studenten zelf moeten blijven schrijven. ‘Het is zo veel meer dan woorden op papier zetten. Het is het ordenen van je gedachten. Ik vind het heel erg belangrijk dat we die vaardigheid intact houden. Er moet plek blijven voor het essay in het onderwijs.’

Doen alsof AI niet bestaat, lijkt onmogelijk. ‘Met wie je ook praat, mensen zeggen allemaal dat ze AI gebruiken, ook in het bedrijfsleven’, zegt hoogleraar cybersecurity governance Bibi van den Berg. ‘De vraag is dus: moeten we de vaardigheden die we studenten aanleren niet aanpassen aan deze nieuwe ontwikkelingen? Voor de uitvinding van de boekdrukkunst reisden troubadours en minstrelen door Europa die 100.000 dichtregels uit hun hoofd kenden. Na de boekdrukkunst ging die vaardigheid op z’n retour omdat kennis zich op een andere manier kon verspreiden.’

‘Het is goed om het taboe van AI-gebruik door studenten eraf te halen’

Hoogleraar informatica Joost Batenburg is ervan overtuigd dat zijn studenten AI gebruiken. ‘Dat weet ik, omdat het fantastische papers zijn die ze voorheen helemaal niet kónden schrijven. Je kunt daar op twee manieren mee omgaan: schandalig, ik stap naar de examencommissie. Maar je kunt ook zeggen: blijkbaar beheerst de student de vaardigheden extreem goed om AI te gebruiken. Het is goed om het taboe van AI-gebruik af te halen. Maar blijf er wel met elkaar over praten hoe we er verantwoord mee om kunnen gaan.’

Studenten van drie jaar geleden zijn andere studenten dan nu, stelt Haring. Zijn docenten ook veranderd door de komst van AI? Van den Berg: ‘Ik ben een meer weifelende docent geworden. Hoe moeten we toetsen? Wat moeten de eindcriteria nog zijn? Wat wordt er van mij verwacht?’

Nerveus en onzeker

‘We willen heel graag experimenteren, maar er zijn meer kaders nodig vanuit de universiteit waarbinnen docenten en studenten dat veilig kunnen doen’, vulde Ma aan. ‘Nu is nog heel onduidelijk wat wel en niet kan, wat door een examencommissie kritisch wordt bekeken. Dat maakt studenten nerveus en docenten onzeker.’

Haring besloot het gesprek met de vraag: ‘Stel, je bent het college van bestuur en je moet iets met AI aan de universiteit. Wat doe je dan?’ Hij benadrukte: ‘Je antwoord mag niet zijn: “een klankbordgroep starten”.’ 

‘Hak knopen door’, reageerde Brinkman. ‘Voornamelijk in beleid. Het kan voor studenten superverwarrend zijn wat er nu wel en niet mag met AI.’

Ma: ‘Nu hebben we alleen maar onzekerheid. Alleen met richtlijnen heb je de vrijheid om te experimenteren. We hebben immers ook de kwaliteit van het diploma te waarborgen.’

Van den Berg sloot af met de gouden tip, gevolgd door gelach in de zaal: ‘Zet AI af en toe uit en ga lekker naar het strand.’

Rachel Schats wint onderwijsprijs

Universitair hoofddocent Human osteoarchaeology Rachel Schats heeft de LUS Onderwijsprijs gewonnen. ‘Onderwijs is voor mij het mooiste wat er is: eerlijk, kwetsbaar, persoonlijk en soms ongemakkelijk.’

De prijs voor de beste docent van de Universiteit Leiden werd uitgereikt bij de opening van het academisch jaar in Amare. Net als vorig jaar is de winnende docent ook dit jaar afkomstig van archeologie. 

Studenten roemen Rachel Schats om haar ‘enorme passie voor onderwijs en haar oprechte betrokkenheid bij haar studenten’. Ook weet ze ‘complexe onderwerpen toegankelijk te maken en zoekt ze voortdurend naar nieuwe manieren om het onderwijs te verbeteren’. Daarnaast vinden haar studenten dat ze altijd tijd voor hen maakt en hen het vertrouwen geeft om verder te groeien. De jury van het LUS (Leids Universitair Studenten Platform) was het daarmee eens en besloot haar de prijs toe te bedelen.

‘Ik kan nog steeds niet goed beseffen dat ik hier mag staan’, zei Schats vlak na de bekendmaking. ‘Wat een enorme eer dit, ontzettend bedankt.’ Ook bedankte ze haar studenten, die haar hebben genomineerd.

‘Onderwijs is voor mij het mooiste wat er is. Het is eerlijk, kwetsbaar, persoonlijk en soms ongemakkelijk. En dat mag ook, maar dat zet me altijd aan tot nadenken. Dat hetgene waar ik zo ontzettend veel plezier uit haal, mag resulteren in deze prijs, is echt ongelooflijk mooi.’

De andere genomineerden waren universitair docent Japanstudies Hitomi Koyama en universitair docent museumarcheologie Martin Berger.