De historische onenigheid Japan en China vlamde in november fel op toen de kersverse premier van Japan, Sanae Takaichi, een uitspraak deed waarmee ze impliceerde dat Japan militair zou ingrijpen als China Taiwan binnenvalt.
‘Japan mag volgens haar eigen wetgeving alleen extern militair ingrijpen als het voortbestaan van het eigen land op het spel staat’, vertelt Casper Wits, universitair docent Oost-Aziëstudies, gespecialiseerd in de relatie tussen China en Japan. Maandag 26 januari geeft hij een actualiteitencollege over het onderwerp.
De opmerking van Takaichi viel niet goed bij de Chinezen, aldus Wits. ‘Want zij zien Taiwan eigenlijk als een binnenlandse aangelegenheid, dus iets waar andere landen zich niet mee dienen te bemoeien.’
De ligging van Taiwan is echter belangrijk voor Japan. ‘Het heeft van zichzelf heel weinig grondstoffen. Ze halen bijvoorbeeld veel olie uit het Midden-Oosten en vloeibaar aardgas uit Zuidoost-Azië en Australië. Al die tankers varen door de Zuid-Chinese Zee en daarna langs Taiwan. Als dat opeens geen vrije internationale wateren meer zijn omdat China dat hele gebied in handen heeft, dan kunnen ze Japan economisch afknijpen en zo het land snel op de knieën dwingen. Daarom wordt Taiwan als een existentieel probleem gezien door Tokyo.’
Anti-Japans sentiment
Verder zit er nog veel oud zeer tussen de landen. Er zijn twee oorlogen tussen hen gevoerd. De eerste Chinees-Japanse oorlog (1894-95) is gewonnen door Japan. De tweede Chinees-Japanse oorlog van 1937 tot 1945 was een strijd van het imperialistische militaristische Japanse rijk richting de Chinezen.
‘De Japanners hebben daar enorm veel oorlogsmisdaden gepleegd. In China leeft sterk het gevoel dat ze daar geen berouw voor hebben getoond. Als Japans internationaal beleid bij China tegen de haren instrijkt, wordt dat meteen geïnterpreteerd als “ah, de Japanners zijn nog steeds bezig met duistere plannen”.
‘De Chinese overheid speelt daarop in door, met succes, een sterk anti-Japans sentiment aan te wakkeren bij de bevolking, waarmee ze vervolgens Chinees nationalisme en de communistische partij legitimeren.’
‘De Japanse reactie op de Taiwan-kwestie wordt door de Chinezen ook op die manier geïnterpreteerd: ze bemoeien zich met onze binnenlandse aangelegenheid en denken weer de baas te kunnen spelen in Oost-Azië. Kritiek op Japan wat betreft het verleden is deels terecht, misschien kunnen de Japanners meer doen om schuld te betonen.
‘Maar wat de Japanners nu zeggen over het belang van Taiwan heeft daar weinig mee te maken. Het gaat Japan wel degelijk om het behoud van die vrije vaarroutes voor schepen en om het behoud van internationaal recht en democratie in Oost-Azië. Dat element willen de Chinezen niet erkennen.’
Tot China Taiwan binnenvalt, verwacht Wits niet dat het tot een gewapend conflict zal komen tussen China en Japan. ‘De relaties zijn nu op een dieptepunt. Aan de andere kant is er veel economische verwevenheid, de landen drijven veel handel met elkaar. Maar deze kwestie raakt zo erg de kernbelangen van beide landen, dat onderschatten wij in het Westen misschien. Taiwan moet en zal bij China gaan horen.’
Status Quo
Er is eigenlijk geen oplossing te bedenken voor dit conflict, zegt Wits: ‘Het beste scenario is gewoon een behoud van de status quo, dus de situatie zoals die nu is. Maar China gedraagt zich steeds agressiever ten opzichte van Taiwan en dat brengt Japan in een moeilijk parket.’
Wits verwacht niet dat China op korte termijn Taiwan binnenvalt: ‘De economie en het leger zijn daar nog niet klaar voor, maar over twee jaar kan de situatie al heel anders zijn.’
Een invasie raakt niet alleen de regio. Taiwan is een cruciale schakel in de ontwikkeling van geavanceerde chips. Als dat door een oorlog wegvalt, is die niet zomaar te vervangen. ‘Er wordt wel eens geschat dat die oorlog zo’n tien procent van het mondiale BNP kan kosten.’
Bovendien kantelt de machtsbalans in de regio dan ten voordele van China, dat daarmee ook hun mondiale invloed kan vergroten. ‘Het verzwakt Japan en zal de democratieën in dat deel van de wereld een enorme klap toebrengen. Mogelijk kan het ook een domino-effect hebben: dat democratieën over de hele wereld verzwakt worden.’
Europa lijkt het belang van Taiwan niet heel duidelijk op de radar te hebben, hoewel tegenwicht bieden zeker effect kan hebben. ‘China kan ervoor kiezen om deze regio in de fik te zetten. Dus het is zaak om in te zetten op afschrikking. De Japanners doen dit door meer te investeren in hun defensie. Europa kan bijvoorbeeld de banden met Taiwan meer uitbouwen op economisch gebied en op het gebied van onofficiële diplomatie. Door ze internationaal meer te laten meedoen, kan Europa laten zien het voortbestaan van een democratisch Taiwan te steunen.’
Als het aankomt op militaire hulp, kan Europa weinig beginnen. ‘Daar gaat het uiteindelijk om de vraag: wat gaan de Amerikanen doen? Zij hebben nog steeds heel veel militairen gelegerd in de regio. Zo’n 30.000 in Zuid-Korea en zo’n 50.000 in Japan, dat is de grootste groep Amerikaanse militairen buiten de VS. En dan zijn er nog meerdere bases in de Filipijnen.
‘Het langetermijndoel van China is een Azië zonder Amerikaanse soldaten’, zegt Wits. Maar dat zal niet zo’n vaart lopen. De Amerikanen hebben veel economische belangen bij de handelsroutes in de regio. ‘Ze zijn voorlopig nog niet bereid om Japan onder de bus te gooien, terwijl Trump wel bereid lijkt te zijn om de Europese bondgenoten in de steek te laten.’
Casper Wits. China & Japan: rivalen op een wereldwijde breuklijn. 26 januari, 17.00-18.15 (inloop 16.45). Amare, Spuiplein 150