Tien van de elf verkiesbare partijen deden dinsdagavond mee aan het Groot Leids Studentendebat in de Stadsgehoorzaal. Afwezig: Forum voor Democratie, omdat meerdere partijen hadden aangegeven niet met die partij in debat te willen.
De avond, georganiseerd door de Plaatselijke Kamer van Verenigingen, wordt aan elkaar gepraat door politieke theatermakers ‘De Kiesmannen’. Zij geven de studenten in de zaal voor aanvang van het debat nog een lesje over waar de gemeenteraad nou eigenlijk over gaat, en hoe laag de opkomst bij de vorige raadsverkiezingen was (55 procent).
Ook polsen ze de zaal of ze een beetje tevreden zijn met het pas aangetreden kabinet. Het boegeroep overstemt nipt het applaus.
Voordat het debat aanvangt verschijnt burgemeester Pieter Heijkoop kort op het podium om de studenten toe te spreken. Hij had gehoopt veel first time voters aan te moedigen, maar uit een handopsteken blijkt dat er maar één stemdebutant in de zaal zit. Desondanks roept hij iedereen op om wel te gaan stemmen, alhoewel dat bij het politiek geïnteresseerde publiek waarschijnlijk een onnodige aanbeveling is.
Wereldstad
Dan volgt het daadwerkelijk debat: drie stellingen over openingstijden van horeca, veiligheid en wonen, waarbij steeds drie of vier partijen naar voren komen om hun standpunt toe te lichten.
ChristenUnie (CU), Partij voor de Dieren (PvdD) en Studenten voor Leiden (SVL) trappen af met de eerste stelling: ‘Regels rondom openingstijden van horeca moeten worden versoepeld, ook als dat meer overlast oplevert.’ Een thuiswedstrijd voor Claire van Megen van SVL, die pleit voor een centraal uitgaansgebied en van Leiden een ‘wereldstad’ wil maken door de horecaregels te versoepelen. ‘We kunnen ervoor zorgen dat je gewoon hier in Leiden elke dag een feestje kan bouwen in plaats van dat je naar Den Haag of Amsterdam moet gaan als je een beetje uit je plaat wil gaan.’
Chris Noordzij (CU) en Nina Joziasse (PvdD) hebben de ondankbare taak om de zaal met studenten ervan te overtuigen dat rekening houden met andere binnenstadbewoners ook belangrijk is. ‘We zijn samen de stad’, houdt Noordzij de zaal voor. ‘Zullen we alsjeblieft kijken hoe we de leefbaarheid en de levendigheid in balans kunnen houden? En we zien ook dat het nu prima gaat met die sluitingstijden.’
Joziasse neemt het op voor de mensen die in het voorgestelde uitgaansgebied moeten wonen: ‘Mijn partner woonde aan de Nieuwe Beestenmarkt en die was blij dat die in het weekend bij mij kon slapen. We moeten niet over bewoners heengaan als we openingstijden uitbreiden.’
Veilig
Van Megen overspeelt haar hand als ze tijdens haar introductiepraatje zegt dat het SVL ‘gelukt is’ iets aan het voorgestelde hospiteerbeleid van Duwo te doen, doelend op de vorige week aangenomen motie in de gemeenteraad, waarvan nog moet blijken of die daadwerkelijk iets aan de plannen gaat veranderen.
‘Om de privacy van burgers te respecteren moet zo min mogelijk gebruik worden gemaakt van camera’s’, luidt de tweede stelling, waar Stefan Haas van SP het mee eens is, in tegenstelling tot Ophir Waasdorp (Volt) en Julius Terpstra (CDA).
‘Iedereen in Leiden verdient het om veilig te zijn, maar het lastige aan camera’s is dat ze registreren wat er is gebeurd, en ze helpen met mensen opsporen’, zegt Haas. ‘Maar we moeten bezig zijn met het voorkomen dat er überhaupt een misdaad plaatsvindt.’
‘Het plaatsen van camera’s is geen doel op zich’, antwoordt Terpstra. ‘Maar veel mensen voelen zich onveilig. Je moet voorkomen dat er iets gebeurt, maar als iemand bijvoorbeeld gemolesteerd wordt is het ook de taak van de politie om mensen netjes te straffen, en daarbij helpen camera’s.’
Waasdorp kijkt in typische Volt-stijl over de grens en haalt het voorbeeld van Londen aan, de stad met de meeste bewakingscamera’s. ‘Nu is Londen ook niet de veiligste stad, dus ik wil niet alles volhangen met camera’s. Maar er zijn wel plekken in Leiden waar we zo de veiligheid kunnen verbeteren.’
Ook pleit Waasdorp ervoor om te zorgen dat de camera’s softwarematig goed zijn beveiligd, zodat ze niet makkelijk te kraken zijn door derden, verwijzend naar de camera’s die de universiteit een paar jaar geleden heeft opgehangen (en na protest weer verwijderde).
Quotum
Als showtrucje haalt Terpstra een papiertje uit zijn binnenzak, een motie ter verkenning van de mogelijkheden van cameratoezicht, waar de SP tegen had gestemd. ‘Kunt u mij uitleggen waarom u al tegen het verkennen van de mogelijkheden bent?’
‘Een mooi voorbereide exercitie’, noemt Haas het. ‘Ik kan dit ook doen met voorstellen voor meer blauw op straat waar het CDA landelijk jarenlang geen thuis heeft gegeven.’
Als De Kiesmannen de zaal inlopen blijkt dat niemand van de toeschouwers zit te wachten op sommige van de voorgestelde plannen. Een student geeft aan zich niet veiliger te voelen door aanwezigheid van boa’s of politie, en een criminologiestudent deelt de resultaten van een onderzoek naar veiligheid onder Leidse studenten waarbij niemand aangaf meer camera’s te willen, maar dat het belangrijker is om straten veiliger in te richten door te zorgen voor goede verlichting en om aan voorlichting te doen.
Voor wonen, het laatste onderwerp, komen de laatste vier partijen naar voren. Stelling: ‘Het quotum verkamerde huizen per straat moet omhoog van 25 naar minstens 50 procent’.
Dat klinkt goed volgens Wietske Veltman (D66). ‘Er zijn 2300 studenten op zoek naar een kamer en dat worden er steeds meer. We willen ook bijbouwen, maar door de quota te versoepelen kunnen we heel veel meer studenten snel een kamer bieden, en ook mensen die na hun studententijd nog een huis willen delen.’
Dion Vijverberg (VVD) schaart zich ook achter de stelling. ‘Wij willen quota helemaal loslaten en bouwen in de Oostvlietpolder. Laat je niet wijsmaken dat die percentages niet zouden kunnen, jullie kunnen prima samenleven met elkaar.’
Verkameren
‘Ik vraag me af of andere partijen weten wat het verkameringspercentage in de binnenstad nu is’, werpt Emma van Bree (GL-PvdA) tegen. ‘Dat is 22 procent, die 25 wordt niet eens gehaald. Er kan meer verkamerd worden. En in veel wijken buiten de binnenstad is er al een quotum van 100 procent.’
‘Iedereen profileert zich deze verkiezingen als bouwpartij, maar het probleem zit in de doorstroming’, brengt Dave de Jong (Partij Sleutelstad) in. ‘Door meer te verkameren haal je precies die woningen uit de markt die nodig zijn voor starters in het middensegment, waardoor de hele keten van huiszoekenden stil komt te staan.’
Wat volgt is een gegoochel met getallen waarbij veel aanwezige partijen prat gaan op hoeveel woningen ze wel niet willen bouwen, of de afgelopen periode al hebben laten bouwen, waarbij de conclusie is dat alle partijen willen dat iedereen ergens kan wonen.
Na nog een laatste uitleg van De Kiesmannen over hoe het nieuwe stembiljet werkt wordt de avond afgerond. Het is te hopen dat met nog een week tot de verkiezingen de enige first time voter in de zaal wijzer naar huis is gegaan.
> Zie ook: Deze studenten willen je stem bij de gemeenteraadsverkiezingen: ‘Nu knallen, straks scriptie’