Achtergrond
'Natuurlijk is dit geen oplossing'
De Duitse student psychologie Stefan Wizke fietst elke dag twintig kilometer op en neer naar zijn bungalow net buiten Noordwijkerhout. Mare fietste met hem mee. ‘Ik heb het alleen maar gedaan omdat ik echt niet anders kon.’
donderdag 27 september 2018
Stefan Wizke: 'Ik voel me echt in de steek gelaten door de universiteit.'

De tocht begint bij de faculteit Sociale Wetenschappen, waar Stefan Wizke (20) psychologie studeert. Hij heeft geluk dat fietsen een hobby van hem is, zegt hij, want dagelijks veertig kilometer afleggen is nogal wat.

Hij woont in een bungalow op Recreatiepark Noordwijkse Duinen, een tijdelijke noodoplossing van de universiteit om internationale studenten te huisvesten. ‘De universiteit noemt het een oplossing, maar dat is het natuurlijk niet. Ze doen dit alleen om te kunnen zeggen dat ze iets voor internationale studenten doen’, denkt Wizke.

‘Ik heb het aanbod genomen omdat ik echt niet anders kon.’ Hij kampeerde eerst in een tent op camping Stochemhoeve, maar het onweer werd hem teveel.

Hij fietst via Warmond naar Noordwijk. ‘We zijn nu ongeveer halverwege’, gokt Wizke net voor Noordwijk. Aan de linkerkant van het fietspad schijnt de zon, rechts daagt er een donkere wolk. ‘Laatst is mijn rugzak gestolen in de trein, vertelt hij. ‘Toen heb ik dit linnen tasje gekocht. Vorige week fietste ik terug naar de camping met mijn laptop in dat tasje toen er ook zo’n wolk verscheen, en het opeens heel hard ging regenen en waaien.’

Wizke demonstreert hoe hij zijn laptop beschermde tegen de regen, het schoudertasje tegen zich aan klampend. ‘Dat was een ellendige tocht, ja.’ Als het weer heel slecht is, kan hij met de bus. Op vier kilometer afstand ligt een bushalte. ‘Maar het kost acht euro om heen en weer te gaan, en ik doe er fietsend net zo lang over.’

Hij voelt zich ‘echt in de steek gelaten’ door de universiteit. Volgens hem ziet de universiteit internationale studenten zonder huisvesting als één geheel en is er geen aandacht voor de persoonlijke verhalen. ‘Maar er zit ook een positieve kant aan deze ervaring. Het geeft me veel zelfvertrouwen, ik kom er straks beter uit.’ Oftewel: what doesn’t kill you makes you stronger.

‘Nu begint het leuke deel’, zegt Wizke als hij de duinen opklimt. ‘Geen zorgen, straks gaat het ook weer naar beneden. Je went eraan. Het doet me denken aan een steenfabriek waar ik twee maanden werkte: elke dag was ik tien uur lang stenen aan het verpletteren. Eerst vond ik het vreselijk, maar op een gegeven moment krijg je er een bepaalde routine in en is het makkelijker vol te houden.’

Vlak achter het natuurgebied Hollands Duin ligt het recreatiepark met de bungalows. ‘Nou, welkom. De meeste mensen komen hier voor hun plezier, ik woon er. Mijn familie maakt er grapjes over: wat zit je nou te zeuren, je bent daar altijd op vakantie.’

De bungalow doet meer denken aan een stacaravan zonder wielen dan aan een ‘vakantiewoning’. Wizke woont er met twee anderen, en er is nog een ander huisje met vier vrouwen. De slaapkamers delen ze: Wizke is de enige gelukkige met een eigen kamer. Per persoon moeten ze ruim 600 euro per maand betalen. ‘En internet en de wasmachine kosten ook nog extra geld.’

Eind oktober sluit het park. Wat hij daarna gaat doen, weet Wizke nog niet. Voor de zekerheid heeft hij zich ingeschreven voor universiteiten in Duitsland, waar hij dan dit semester nog zou kunnen aansluiten.

‘Maar ik hoop hier een kamer te vinden. Afgezien van deze situatie vind ik Leiden een hele leuke stad, en het onderwijs is van hoog niveau. Dit probleem moet worden aangepakt. Ook als ik straks een plek vind, ga ik daarvoor strijden. Ik wil voorkomen dat internationale studenten zoals ik volgend jaar weer in deze situatie belanden.’