Achtergrond
‘Vrouwen krijgen al veel gezeik, bij mij komt er racisme bij’, zegt Nadia Bouras
De academische vrijheid is niet voor iedereen gelijk, betoogt universitair docent migratiegeschiedenis Nadia Bouras in de Annie Romein-Verschoorlezing. ‘Mensen die op mij lijken, doen er blijkbaar niet toe.’
Vincent Bongers
donderdag 5 maart 2026
Foto Melissa Schriek

‘In de trein kreeg ik hartkloppingen’, vertelt universitair docent sociale geschiedenis Nadia Bouras (1981). ‘Ik dacht: shit, wat is er aan de hand? Naarmate Leiden dichterbij kwam, werd het erger. Wandelend naar het Huizinga-gebouw werd het me duidelijk: mijn werkplek is onveilig. Ik voel me hier niet vrij.’

Bouras is gespecialiseerd in de Marokkaanse migratiegeschiedenis en geeft vrijdag de Annie Romein-Verschoorlezing in het Academiegebouw. In het publieke debat, op social media en in haar columns voor OneWorld is ze uitgesproken, maar dat heeft ook zijn weerslag. Regelmatig is ze mikpunt van kritiek, beledigingen én intimidatie. In 2021 plakte de radicaalrechtse beweging Vizier op Links een sticker op de voordeur van haar huis in Amsterdam met de tekst ‘geobserveerde locatie’.

‘Bij trollen op social media, denk ik: sodemieter op, ik blokkeer je gewoon’, zegt Bouras. ‘En als ze aan de borreltafel op televisie iets lelijks over je zeggen, dan kan ik daar ook nog mee omgaan. Maar wat ik heel erg vind, zijn mensen die mijn leidinggevende of de rector mailen dat ik moet worden ontslagen. Dat gebeurt aan de lopende band.’

Vandaar dus de hartkloppingen. ‘Ik kreeg er fysiek last van. Een docent geschiedenis ergens op een middelbare school, schrijft dan aan mijn leidinggevende dat “u zich wel kunt voorstellen dat ik tegen mijn scholieren zeg dat ze niet in Leiden moeten gaan studeren”, omdat ik hier werk.

‘Als de rector zulke brieven ontving, kreeg ik daar een mailtje over van haar secretaresse. Toen dacht ik echt: waarom doe je dit? Tenzij er een gegronde reden is om een onderzoek naar mij in te stellen hoef ik dit allemaal niet te weten. Ik heb daar nu ook afspraken over gemaakt, ook met mijn leidinggevende, want het vergalt mijn werkplezier. Het heeft zes maanden geduurd om dat nare gevoel weer kwijt te raken.’

Je lezing gaat over ‘de prijs van vrij denken’. Wat bedoel je daarmee?
‘De academische vrijheid is ongelijk verdeeld, en daarmee bedoel ik niet dat sommige wetenschappers meer rechten hebben dan anderen. Academische vrijheid is niet alleen een juridisch recht, maar ook een sociaal ervaren ruimte – en die ruimte is niet voor iedereen even groot. Niet iedereen kan zich even zorgeloos vrij voelen. Niet iedereen betaalt dezelfde prijs voor zichtbaarheid. Sommige stemmen worden vanzelfsprekend als deskundig gehoord, andere moeten hun legitimiteit telkens bewijzen.

‘Ik ben me heel erg bewust van wie ik ben en wat ik vertegenwoordig in de ogen van de ander. Ik heb Marokkaanse wortels, ben vrouw en ook nog eens een eerstegeneratiestudent. Mijn moeder had heel graag geschiedenis willen studeren in Marokko, maar toen trouwde ze met mijn vader die al in Nederland was. Migratie was voor haar ook afstand doen van haar eigen ambities. Ik heb ook altijd een lichte druk gevoeld: ik doe het niet alleen voor mezelf.

‘In mijn lezing ga ik in op hoe deze zaken zich verhouden tot de vrijheid die ik voel binnen de academie. Het zijn ook kenmerken van mijn identiteit die heel vaak tegen mij worden gebruikt.’

Hoe dan? 
‘Vrouwen in de wetenschap krijgen al veel gezeik, bij mij komt er nog een laag racisme bij. “Hou je bek en donder op naar je eigen land”, het zijn altijd mannen die dat roepen. Of ik krijg te horen dat de aanvallen op mij niks met academische vrijheid te maken hebben, want ik ben geen academicus maar een docent. Ik ben slechts een activist en heb mijn baan gekregen omdat ik Marokkaans ben. Het raakt me, maar het is de story of my life.

‘Ook in de collegezaal denk ik soms: holy shit! Ik vroeg tijdens een college: “Wat is de Nederlandse identiteit?” Toen antwoordde een student: “Mevrouw Bouras, u bent geen Nederlander. Wat vindt u als buitenstaander?” Ik vond dat shocking en reageerde: “Wat? Ik ben al langer Nederlander dan jij.”

‘Soms wordt het grimmig. Een slimme student, een Fortuynist, zei: “Als u een hoofddoek had gedragen, had ik u niet getolereerd.” Maar studenten zijn er om te leren dus die mogen ook dit soort akelige dingen zeggen. Het daagt me wel uit: waarom vind je dit? Daarom zei ik: “Ik ben verbonden aan Het Nederlands Instituut Marokko. Ga daar maar heen om iets op te steken.” Dat heeft hij gedaan en dat is, denk ik, heel belangrijk voor hem geweest.

‘Een andere studente zei: “Wilders is geen racist.” Dan grijp ik in: dat is hij wel. Hij is ervoor veroordeeld (voor groepsbelediging vanwege zijn ‘minder, minder Marokkanen’-opmerking, red.).’

Ben je nooit bang om als activist te worden afgeschilderd?
'I don’t care. Ik vind activisme geen vies woord, maar dit is corrigeren op feiten. Mijn studenten weten dat ik kneiterlinks ben. Als zij zeggen dat ze PVV of FVD stemmen, vraag ik ze waarom. Maar dan denk ik echt niet: “Er gaat een punt af van je tentamen.”

Telegraaf-columnist Wierd Duk noemde mij op tv bij Vandaag Inside als voorbeeld van iemand die op een universiteit werkt maar niet geïntegreerd is en anti-westerse sympathieën heeft. Hij bedoelde niet alleen het stereotype “probleem-Marokkanen”: ook hoogopgeleide Marokkanen vormen volgens hem een gevaar voor de samenleving. Studenten vragen vervolgens aan mij wat ik daarvan vind. Het zou vreemd zijn om dat te negeren.’

‘Mijn identiteit wordt heel vaak tegen mij gebruikt’

Wat zeg je dan?
‘Kennelijk snakken mensen er nog steeds naar om over de islam en Marokkanen te debatteren. Er wordt voortdurend geprobeerd vanuit culturele, etnische en religieuze blik de samenleving te verklaren. “Antisemitisme is onderdeel van de islamitische cultuur en Marokkanen groeien ermee op”, hoor je dan van politici. Dat is bizar. Antisemieten stellen: bepaald gedrag zit de Joden in hun bloed, in hun DNA. En nu zeg je precies hetzelfde over moslims en Marokkanen. Dat is nazitaal. Waarom ziet niemand daar de ironie van in?

‘De aanval van Hamas op 7 oktober 2023 en de reactie van Israël daarop was natuurlijk een enorme trigger. Het kabinet vond dat Israël het recht had om zichzelf te verdedigen en deed niets. Mensen die op mij lijken, doen er blijkbaar niet toe.

‘Wat ik zo pijnlijk vind is de hoek waarin ik voortdurend word geduwd. Ik moet steeds begrip tonen voor het verdriet van anderen. En mijn verdriet dan? Wie komt er voor mij op? Je moet de hele tijd tweede viool spelen.’

Maar wentel je je dan niet te veel in slachtofferschap?
‘Ik ben óf te fel, óf ik ben een slachtoffer: wat is het nou? Deze generatie kan heel goed onder woorden brengen hoe hypocriet de houding is van veel Nederlanders.

‘Na de verkiezingswinst van de PVV was ik wel echt ontdaan. Gadver wat een rotland, dacht ik de volgende dag in de trein: Een flink deel van de mensen om mij heen heeft op Wilders gestemd.

‘Eenmaal op de universiteit vroegen collega’s, allemaal lief bedoeld hoor, hoe het met mij ging. Ik reageerde: “Hoe gaat het met jou? Jij bent ook wakker geworden in een kei-racistisch land. Of is het alleen mijn probleem?” 

‘Ik zei ook: “Als het zo doorgaat dan rot ik inderdaad op.” Dan zie je mensen heel geschrokken reageren. Wilders vinden ze naar, maar het gaat niet direct over hen.’

Heb je nog hoop dat het gaat verbeteren?
'Je moet strijdbaar blijven. We laten ons niet wegjagen, maar soms is het een hard gelag. Toen Trump voor de tweede keer werd gekozen had ik heel sterk het gevoel: er staat nu zoveel op het spel. We moeten met z’n allen beschermen wat er te beschermen valt, namelijk de rechtsstaat die kapot wordt gemaakt door krachten van buiten, maar ook van binnen. Dat bleek ook wel toen we midden in de Schoof-narigheid zaten.

‘We zien het oprukkend fascisme en de effecten daarvan op samenlevingen. Dus hou eens op met dat gezeur over moslims versus Joden. Laten we zorgen dat we niet steeds tegen elkaar worden uitgespeeld.’

‘Van de huidige regering heb ik geen hoge verwachtingen. Dat het eerste akkoord over de AOW gesloten wordt met de homofobe SGP en Markuszower, die gevaarlijker is dan Wilders, vind ik onbegrijpelijk. Het is een glijdende schaal: wat krijgen ze ervoor terug? Doen principes er niet meer toe?’

Je bent gaan voetballen.
‘Dat deed ik al als kind, maar had het lang niet meer gedaan. Nu speel ik samen met mijn tweelingzus in een team bij een club in Amsterdam-Oost. Het is heel leuk en ook lekker dat je je frustratie kwijt kunt door keihard tegen een bal te trappen. Ik stel me dan voor dat de bal het hoofd van Wierd Duk is… Nee hoor, zo erg is het allemaal niet.’

Annie Romein-Verschoorlezing, door Nadia Bouras, vrijdag 6 maart, Academiegebouw, 19:30 - 22:00 uur. De zaal is vol, maar de lezing is te volgen via een stream op de universiteitswebsite