Je kwam in 1994 naar Nederland. Wat viel je op?
‘Veel Amerikanen kijken Fox News en hebben een raar beeld van de Nederland-experience. Ze denken dat het hele land een rosse buurt is.
‘Ik was de eerste dag vooral verbaasd over de grachten met prachtige huizen. Maar ik botste ook meteen tegen een gigantische Burger King aan. De Amerikaanse invloed is groot. Nederland is een mengsel van Burger King en Gouden Eeuw, dacht ik toen. Maar ik ben nu lang genoeg hier om te weten dat de typische Nederlander niet bestaat.
‘Maar zelfs het vliegveld vond ik opvallend. Ik nam in New York een vlucht van JFK airport naar Amsterdam. JFK is een beetje een chaos, Schiphol is ordelijk, civilised, net als de rest van Nederland. Ik stapte uit het vliegtuig en stond vrijwel direct op het station op om een trein te pakken. Dat vond ik echt fascinerend.’
Veel Nederlanders zijn negatiever over hun eigen land.
‘Jullie moeten trotser op Nederland worden. Ik hoor maar steeds dat de tolerantie weg is, dat de polder dood is. Dat valt best mee. Ik zat eens in een panel op een symposium. Er zat één oer-Nederlander in, verder werd ik geflankeerd door Turkse, Chinese en Russische import. Wij waren heel enthousiast over het land, terwijl de Nederlander klaagde. Nederlandse trots komt blijkbaar alleen nog maar uit het buitenland.’
Nu speel je in een Nederlandse studentenkamer.
‘Ik heb een keer eerder op Stukafest gestaan, in Rotterdam. Het is heel apart. Maar ik ben ondertussen al redelijk wat vreemde plekken gewend. Ik speelde bijvoorbeeld ooit op een boot naast de machinekamer, dus ik red me wel.’
Je vindt de inburgeringcursus maar merkwaardig.
‘Er staan rare dingen in. Van die flauwe trick questions als: “Na hoeveel weken kun je op kraambezoek bij je buren?” Het antwoord is natuurlijk dat je alleen mag langskomen als je wordt uitgenodigd. Het is leuk om dit soort dingen juist met studenten langs te lopen en de spot ermee te drijven.’
Houden de Republikeinse voorverkiezingen je bezig?
‘Het is een merkwaardig spektakel. Gingrich is mijn favoriet als het om entertainmentwaarde gaat. Hij is de Amerikaanse Geert Wilders. De man heeft geen filter. De meeste mensen denken toch: “Zal ik dit zeggen? Of gaat dit te ver?” Gingrich blurt het er gewoon uit en blijft vervolgens achter zijn uitspraken staan. Hoe erg ze ook zijn. Hij roept de gekste dingen: ‘Obama is een socialist, of nog erger een foodstamp president. De meeste kandidaten denken toch wel even na voordat ze zoiets roepen.
‘De kans dat concurrent Mitt Romney het gaat redden, is groot. Het is moeilijk om hem te vertrouwen. Hij wil zo graag winnen dat elke week iets anders zegt om te pleasen. Zo fakkelt Romney de ziektekostenverzekering af terwijl hij als gouverneur van Massachusetts juist zo’n systeem introduceerde. Obamacare heette niet voor niets eerst Romneycare.’
Te zien bij: Liselotte, Lange Mare 96A