‘Na 2016 heeft er een grote verschuiving plaatsgevonden in de manier waarop de Europese Unie met cyberveiligheid bezig was’, zegt Ben Ferrand, hoogleraar Law & Emerging Technologies van de Universiteit van Newcastle.
‘Er leefde het idee dat de publieke en private sector op één lijn zaten en dezelfde waarden deelden: wat goed was voor de een, was dat ook voor de ander. Grote techplatformen werden als apolitiek gezien, vooral bezig met het uitbreiden van hun marktaandeel, en als je je aan de regelgeving hield, lukte dat het best.
Maar dat is veranderd, beschrijft Ferrand in het boek Geopolitical union: Europe’s attempt to take back control of technology regulation, dat hij donderdagmiddag presenteert tijdens een online seminar van de Faculteit Governance and Global Affairs.
Wat is er verschoven?
‘De kentering kwam door toegenomen zorgen over Russische cyberaanvallen en desinformatie. Cyberveiligheid is niet meer alleen een technisch issue, het is ook geopolitiek van belang. Jean-Claude Juncker, voormalig voorzitter van de Europese Commissie, sprak al over de noodzaak om grote online platforms aan te pakken, want wat goed was voor de platforms was dat niet per se ook voor Europa.
‘Dat zie je sinds de overname van Twitter door Elon Musk die zich ook steeds meer bemoeit met Amerikaanse en via X ook met de Europese politiek. Ik heb ook grote zorgen over hoe OpenAi omgaat met data. Er wordt ook steeds kritischer gekeken naar Palantir en hoe die steeds nauwer betrokken zijn bij software in de publieke sector.’
‘Reguleringsmercantilisme’, noemt u de aanpak van de EU. Wat is dat?
‘Dat is het idee dat je regelgeving gebruikt als antwoord op een geopolitieke instabiliteit of dreiging. Het is een terugkeer naar Realpolitik van grote machten. Europa is voor sommige technologieën afhankelijk van China, en voor andere weer van de Verenigde Staten. Gecombineerd met het feit dat de wereld een stuk minder stabiel is, schept dat een gevoel van kwetsbaarheid.'
‘We bewegen weg van de gedachte dat globalisering en een wereldwijde vrije markt de beste manier is om dingen aan te pakken. In plaats daarvan gebruiken we reguleringen om te zorgen dat we onze eigen markten en strategische positie beschermen tegen actoren die onze waarden niet delen.
‘Zo kun je digitale soevereiniteit bereiken. Dat betekent dat je als Europese Unie regels maakt en strategische beslissingen neemt zonder dat je daarbij afhankelijk bent van andere staten of technologieën die zij produceren.’
Slaagt Europa daarin?
‘Wisselend. De EU is best actief op het gebied van halfgeleiders en kritische grondstoffen voor elektronica. De halfgeleidercrisis tijdens de pandemie heeft de EU doen inzien dat het op het gebied van chips nodig is om in ieder geval gedeeltelijk zelfvoorzienend te zijn.
‘Met de Digital Markets Act en Digital Services Act doet Europa ook een poging om de grote online platforms te reguleren. Er zijn boetes uitgedeeld aan X. Of die daadwerkelijk worden betaald is een tweede, maar je kan in ieder geval zeggen dat ze regels stellen en op basis daarvan sancties treffen.
‘De wens om ons los te weken van Amerikaanse tech groeit, omdat we ons realiseren dat het als wapen kan worden ingezet. Dat zie je met digitale euro, waarmee de EU onafhankelijker wil zijn van de systemen van Visa en Mastercard. Europa is nu ook nog zeer afhankelijk van Amazons clouddienst AWS. Er wordt in samenwerking met de private sector naar een Europese concurrent gekeken, maar dat vergt grote investeringen.’
Hoe gaat dit zich in de toekomst verder ontwikkelen?
‘Rommelig, zeer rommelig. Het besef dat de VS geen betrouwbare partner zijn, wordt alleen maar sterker. In de afgelopen maanden heb ik niets gezien dat erop wijst dat de verhouding tussen de EU en VS zal verbeteren. Ze verslechteren zelfs, als je kijkt wat er nu in de Straat van Hormuz gebeurt en niet lang geleden met nog de dreigingen richting Groenland. De belangen van de EU en VS drijven steeds verder uit elkaar.’
Geopolitical Union: Europe’s Attempt to Take Back Control of Technology Regulation, online seminar, 17 maart, 16:00-17:00. Registreren via de universiteitswebsite