In de collegezaal van het Lipsiusgebouw luistert een groep van zo’n dertig aanwezigen muisstil naar de Oekraïense historicus Yaroslav Hrytsak. Hij legt uit waarom Oekraïne al meer dan een eeuw een speelbal is van grootmachten.
Door de rijkdom aan grondstoffen is het land overlopen door concurrerende legers en milities. ‘Rond 1910 vochten er maar liefst zeven legers om dit grondgebied. Als je eenmaal de fabriek bent en het toneel van een oorlog, is het praktisch onmogelijk om een eigen staat te vormen. In de woorden van politicoloog Samir Amin: “Zonder Oekraïne is Rusland Canada, maar met Oekraïne is het de Verenigde Staten.” Oekraïne was hét strategische zwaartepunt dat mede bepaalde hoe de naoorlogse orde zouden verlopen.’
Hrytsak werd maandag geïnterviewd door Karel Berkhoff, hoogleraar Oekraïense geschiedenis. ‘Na de Eerste Wereldoorlog ontstonden verschillende nieuwe, onafhankelijke staten’, zegt hij. ‘Denk aan Joegoslavië, Tsjecho-Slowakije, Roemenië, Finland en de Baltische staten, maar uiteindelijk kunnen we Oekraïne niet in dat rijtje plaatsen. Is daar een belangrijke reden voor?’
Kolonie
‘Tijdens en na de Eerste Wereldoorlog werd Oekraïne onderdeel van een machtsstrijd tussen grootmachten’, antwoordt Hrytsak. ‘Het land heeft een overvloed steenkool, staal, olie, alles wat nodig was voor een technologisch geavanceerde oorlog.’ Dat maakte het land cruciaal voor Rusland en Duitsland. ‘Wie Oekraïne controleerde, bepaalde de machtsverhoudingen in Oost- en Midden-Europa.’
‘Is het zinvol om te stellen dat Oekraïne eigenlijk een kolonie was?’, vraag Berkhoff. ‘Het begrip “dekolonisatie” wint aan populariteit, ook in Oekraïne zelf.’
Hrytsak is sceptisch. ‘Het doet me denken aan mijn favoriete boek en waarschijnlijk een van de wijste boeken die ik ooit heb gelezen: Winnie de Poeh.’ De zaal lacht. ‘En met name het moment waarop de beer ontdekt dat hij de verkeerde honing heeft gepakt. Het koloniale frame is hier de verkeerde honing. Oekraïne maakte deel uit van het Russische Rijk. Dat was geen overzees imperium met een duidelijke kern en verre koloniën, maar een rijk zonder duidelijke grens.’
En waar de kolonisator normaal gesproken verder is ontwikkeld dan de koloniën, ‘was dat in dit geval dus precies andersom’, aldus Hrytsak. ‘De Russische economie presteerde het slechtst. Het meest productieve deel van het rijk waren de Baltische staten, Georgië en Oekraïne. Oekraïners bouwden het Russische Rijk op, net als de Schotten in het Verenigd Koninkrijk. Daarbij speelden ze een disproportioneel grote rol in de tsaristische Sovjet-elite. Halverwege de achttiende eeuw was naar schatting de helft van de topfunctionarissen Oekraïens. De andere helft bestond uit Duitsers en Georgiërs. Dat maakt het koloniale label niet heel toepasselijk.’
Extreem divers
De veronderstelling dat het huidige Oekraïne diep verdeeld zou zijn in een westers, Oekraïens en oosters, Russischtalig deel noemt Hrytsak misleidend. ‘Oekraïne is juist extreem divers, zowel religieus, regionaal als cultureel, zonder één dominante groep. Er is geen overheersende kerk, geen overheersende regio. En dat dwingt tot compromissen.’ Waar Rusland een verticale machtsstructuur heeft, heeft Oekraïne volgens hem een horizontale en veerkrachtiger samenleving. ‘Als een verticale structuur breekt, stort alles in. Een horizontale structuur kan zich aanpassen en overleeft uiteindelijk.’
De Russische invasie van 2022 heeft die dynamiek versneld, betoogt Hrytsak, die zelf – evenals zijn vrouw en kinderen – de frontlinie bezocht. Zijn promovendi meldden zich vrijwillig aan als soldaat, enkele van zijn studenten stierven in de strijd.
‘Oorlog werkt homogeniserend: zodra je aangevallen wordt, weet je wie de vijand is. Je krijgt een soort intensivering van identiteit op basis van territorium. Daarnaast zijn met het verlies van de Krim en delen van de Donbas ook de meest pro-Russische regio’s weggevallen. Het gevolg is dat men plots ontdekt dat Oekraïne homogener is dan gedacht. Tegelijk tekent zich iets nieuws af: een civiele, niet-etnische opvatting van de natie.’
Hij noemt het bekende beeld van de entourage van president Zelensky in de eerste fase van de oorlog, een foto die viraal ging. ‘Daarop staan twee Joden, een Georgiër en twee etnische Oekraïners. Dat is Oekraïne vandaag. Het gaat niet om etniciteit, maar om verwantschap.’
Onvoorspelbaar
Rusland en Oekraïne vechten volgens hem een ‘oorlog van waarden’ uit. ‘Wat valt je het meest op als je kijkt naar mensen als Zelensky en Jermak? Het zijn veertigers die het land besturen. Vergelijk dit eens met Poetin en zijn aanhangers: zij zijn allemaal boven de zeventig. Het belangrijkste verschil zit hem in de manier waarop deze leiders de wereld zien. In Oekraïne zien we een generatie die is opgegroeid na de onafhankelijkheid, die het Westen als voorbeeld neemt en politieke vrijheid, zelfexpressie en autonomie hoog in het vaandel heeft staan, evenals rechten voor minderheden, zoals de lhbti-gemeenschap. Poetin is opgegroeid in een samenleving die werd gedomineerd door gehoorzaamheid, hiërarchie en traditionele normen.
‘Een oorlog als deze eindigt niet eenvoudig met een militaire overwinning, maar met het instorten van een van de partijen. Dat gebeurt meestal langzaam en onverwacht. Niemand had in 1916 kunnen zien aankomen dat het Russische Rijk een jaar later zou instorten, of dat het Duitse keizerrijk in de jaren daarna zou vallen. Zo’n proces is onvoorspelbaar.’
Hij benadrukt dat het niet alleen gaat om militaire campagnes. ‘Voor Oekraïne gaat het erom de oorlog te “winnen” in bredere zin, door standvastig te blijven en steun te mobiliseren. Je kunt geen snelle overwinning verwachten: het is een langdurig proces, dat tijd, geduld en volharding vergt.
‘En dan nu de vraag aan jullie: zijn jullie klaar voor zo’n scenario? Als Oekraïne aan zijn lot wordt overgelaten, heeft het geen kans. Maar als het samenwerkt met het Westen, heeft het veel meer middelen tot zijn beschikking dan Rusland. De grote vraag is: is het Westen bereid voor langere tijd te delen?’