Wetenschap
Crisisdeskundige: ‘9/11 was geen keerpunt’
Veranderde de wereld echt door de aanslagen van 9/11? In zijn boek Chasing Events durft crisisdeskundige Thijs van Dooremalen dat te betwijfelen. ‘Het is zorgelijk dat er geen ruimte is voor andere meningen.’
Marciëlle van der Kraan
donderdag 18 juni 2026
In de puinhopen van het World Trade Center roept een New Yorkse brandweerman reddingswerkers bij zich, september 2001. Foto US Navy

Het wordt vaak als een kantelpunt van de moderne geschiedenis gezien, het moment waarop de kijk op islam, immigratie en integratie definitief omsloeg. De aanslagen op de Twin Towers op 11 september 2001 zouden de VS, maar ook Nederland voorgoed hebben veranderd.

Maar is dat werkelijk zo?

Die vraag spookte al sinds zijn studie door het hoofd van Thijs van Dooremalen, universitair docent governance of crises. ‘Na een aanslag, revolutie of pandemie klinkt al snel dat “de wereld nooit meer hetzelfde zal zijn”. Maar we kijken alleen naar wat er vóór en na gebeurde. Als we vervolgens verandering zien, schrijven we die automatisch toe aan die gebeurtenis. Maar in die tussenliggende periode kunnen natuurlijk allerlei andere ontwikkelingen hebben plaatsgevonden die voor verandering zorgen. Dus daar wilde ik in duiken.’

Voor zijn boek Chasing Events onderzocht Van Dooremalen hoe de aanslagen twintig jaar lang werden besproken in politieke debatten, en wat kranten erover schreven. Welke betekenis kreeg 9/11 na verloop van tijd? ‘Om de impact te begrijpen, moet je de gebeurtenis echt chasen door de tijd.’

Hij analyseerde 150.000 krantenartikelen en vergeleek de aanslag met andere grote gebeurtenissen, zoals de aanslagen in Madrid, en Charlie Hebdo en de Bataclan in Parijs. Maar nam ook anderssoortige ingrijpende zaken als de Arabische Lente, de verkiezing van Donald Trump in 2016 en de coronapandemie mee in zijn analyse.

En hij vergeleek drie landen die volgens hem elk een andere relatie hebben met 9/11. ‘De VS omdat de aanslagen daar plaatsvonden, Frankrijk als Europees land met een langere geschiedenis van rechtspopulisme en Nederland omdat de aanslagen hier vaak worden gezien als een politiek omslagpunt. Nederland is ook meer het kleine broertje van Amerika. En Frankrijk wil zelf op het wereldtoneel een belangrijke rol spelen.’

In Nederland was 9/11 een zogenoemd ‘focus-event’. ‘De aanslagen vestigden aandacht op sentimenten en discussies die al langer bestonden.’ Door de opkomst van Pim Fortuyn, de moord op Theo van Gogh en nieuwe terroristische aanslagen ontstond gaandeweg het idee dat 11 september een historisch omslagpunt was in discussies over de islam en immigratie. ‘Daardoor werd eigenlijk vergeten dat veel van die debatten er al vóór werden gevoerd.’

‘Laten we iets voorzichtiger zijn met de uitspraak dat de wereld nooit meer hetzelfde zal zijn. Dat gebeurt veel minder vaak dan we denken’

In de VS zag Van Dooremalen juist een heel ander patroon. Daar was het een ‘shock-event’. ‘Voor 9/11 leefde sterk het idee dat Amerika militair superieur en onaantastbaar was en nooit op eigen grondgebied kon worden aangevallen. Dat verhaal werd op één dag onderuitgehaald.’

Dat maakte ruimte voor radicale veranderingen. ‘In Nederland was het veel meer een moslim-issue. In de VS meer een veiligheidskwestie. De overheid voert na de aanslagen snel de Patriot Act in. Kort samengevat: meer veiligheid en dat mag ook best ten koste gaan van privacy. Verder worden landen als Afghanistan en Irak die terrorisme zouden steunen aangevallen.’

In Frankrijk heeft 9/11, zeker in vergelijking tot de Charlie Hebdo-aanslagen, veel minder impact. ‘Daar was nauwelijks een binnenlands debat, terwijl Nederland internationale gebeurtenissen veel vaker op zichzelf betrekt. We zijn maar een kleine jongen die een beperkte rol speelt. Maar het buitenland is wel heel belangrijk voor ons, dus we hebben het er heel veel over. Frankrijk ziet zichzelf nog altijd als een groot land met veel internationale invloed, daarom hoeven ze het niet ook nog eens in het binnenland te bespreken.’ 

Wat de onderzoeker nog het meest verraste, was hoe hardnekkig zulke nationale patronen blijken te zijn. De manier waarop Nederlanders, Fransen en Amerikanen grote gebeurtenissen interpreteren, verandert nauwelijks door de tijd. 

Daarnaast ontdekte hij dat er vaak meteen een sterke consensus ontstaat om gebeurtenissen op één specifieke manier te definiëren. ‘Bij 9/11 in Nederland werd het debat meteen gekoppeld aan de islam. Mensen die zeiden dat de aanslagen daar eigenlijk weinig mee te maken hadden, kwamen al snel buiten het debat te staan. Dat vind ik wel zorgelijk.’

Ook bij de coronapandemie ontstaat er een bepaald frame waar iedereen zich toe moet verhouden. 

‘Dat is begrijpelijk, want er moet snel gehandeld worden. Maar het risico is dat andere perspectieven minder ruimte krijgen. We moeten accepteren dat er verschillende manieren zijn om naar een gebeurtenis te kijken. En laten we iets voorzichtiger zijn met de uitspraak dat de wereld nooit meer hetzelfde zal zijn. Dat gebeurt veel minder vaak dan we denken.’


Thijs van Dooremalen, Chasing Events, 9/11 and Other Cases in the American, French, and Dutch Public Spheres (2001 – 2021) Springer Nature, 188 pag. €152,59 Ebook: €117,69