‘De eerste keer dat ik de blauwkeelbergnimf zag was het allergrootste “wauw”-gevoel van heel mijn carrière’, zegt Michaël Moens.
De bioloog die op 2 maart een lezing geeft bij Biology on Tap hielp in Ecuador mee bij het beschermen van de ernstig bedreigde kolibriesoort. Onderzoekers die de soort ontdekten hadden nog niet verteld waar de vogel precies leefde. ‘Ik had een vermoeden op welke berg deze kolibrie leefde, dus ik ben met mijn vrouw in de auto gestapt en de berg opgeklommen.’ Na uren wachten en spotten zagen ze de vogel met hun eigen ogen.
Dat had hij als student aan de KU Leuven nooit voorzien, vertelt hij. ‘Ik studeerde plantkunde, maar toen ik klaar was met mijn master had ik nog niet helemaal het gevoel dat ik al bioloog was.’
Zijn fascinatie voor orchideeën had zijn interesse in Zuid-Amerika gewekt. Met wat gespaard geld trok hij erheen om een halfjaar te backpacken. ‘Daarna ben ik nog een half jaar in Peru geweest om als vrijwilliger deel te nemen aan een expeditie om nieuwe soorten orchideeën te gaan zoeken’.
Hij besloot daarna om in Madrid een tweede master in biodiversiteit en natuurbehoud in tropische gebieden te volgen. Daar werd zijn liefde voor vogels aangewakkerd tijdens een onderzoek naar de blauwvoetgent, een zeevogel.
Goko goko toco
Op zoek naar werk kwam hij in Ecuador terecht bij Fundación Jocotoco, een ngo die oorspronkelijk werd opgericht om een bedreigde zangvogel te beschermen: de Jocotocomierpitta. ‘Die is in 1998 ontdekt. De plaatselijke bewoners hadden al een naam voor de zangvogel: namelijk de “goko goko toko”. De vogel heeft een roep: “goko goko”. Als het dier zijn territorium wil afbakenen, doet hij er ook nog een “toko” bij.’
Moens ging samenwerken met National Geographic en ging met ngo-collega’s tellen hoeveel blauwkeelbergnimfen er nog leefden op de berg. ‘Deze kolibrie ziet er super spectaculair uit met zijn blauwe keel. Een kolibrie is een van de meest fascinerende vogels die er bestaan. Ze zijn zo klein, kunnen achteruitvliegen, zijn supersnel en hebben prachtige kleuren.
‘Toen ik de kolibrie zag besefte ik dat ik naar een van de honderd nog levende exemplaren keek die er nog over zijn. We moeten ze redden, dacht ik.’ In zijn tijd bij Jocotoco heeft hij met zijn collega’s drie verschillende reservaten opgericht.
‘Het was hartverscheurend om te zien hoeveel regenwoud er wordt gekapt. Ik zag soms dagelijks vijftig vrachtwagens voorbijrijden met omgehakte bomen die soms wel vijfhonderd jaar oud zijn. Het houtbedrijf dat dat doet, is al veertig jaar actief.
‘Het ergste van dit alles is dat van die prachtige bomen niet eens dure meubels worden gemaakt, maar gewoon multiplex. Bezoekers van ons reservaat vonden dit zo erg dat ze ons cheques gaven van duizenden dollars zodat we zo veel mogelijk terrein konden kopen om dit te verhinderen.’
Droombaan
Moens was vier jaar lang directeur natuurbehoud van Jocotoco, maar woont inmiddels weer in België. ‘Ik heb mijn droombaan in Ecuador opgezegd zodat ik er meer kon zijn voor mijn twee jonge kinderen. In Ecuador zat ik de helft van de tijd ergens in een boom op zoek naar nieuwe soorten, dat was superplezant, en later hoop ik dat ook met hen te doen’, vertelt Moens. Ook was het er niet altijd even veilig. ‘De grens van Colombia en Ecuador is altijd een beetje gespannen geweest. Soms kwamen mensen met wapens stukken land opeisen’.
Ook in Vlaanderen werkt hij aan natuurherstelprojecten. ‘In die zin ben ik nu ook bezig met het redden van habitats en soorten.’
Zijn liefde voor vogels is niet achtergebleven in Ecuador: ‘Wanneer ik vanuit huis werk, kijk ik naar alle vogels in mijn tuin. Daar wonen zo’n tweeëntwintig soorten. Waar ik kan, maak ik daar foto’s van, maar ik ga ook vaak naar natuurgebieden in België.’
De tropen blijft hij bezoeken. ‘Vorig jaar ben ik met mijn familie naar de berg gegaan waar de blauwkeelbergnimf was ontdekt, de Cerro de Arcos. Het gaf zo’n goed gevoel om dat enorme reservaat daar nu te zien, en de kolibries gemakkelijk te kunnen spotten.’
Michaël Moens komt met haaienwetenschapper Gibbs Kuguru vertellen over zijn werk als explorer bij National Geographic.
Biology on Tap, Café Leidse Lente, maandag 2 maart, 20.00 uur