Achtergrond
Alles moet anders door AI: ‘Het is erg moeilijk op te sporen’
Hoe test je de kennis van je studenten nu zij steeds vaker ai gebruiken? Docenten van de faculteit Geesteswetenschappen gingen erover in discussie tijdens een symposium. ‘Ik heb studenten in mijn werkgroep gehad die niet eens weten waar de bibliotheek is.’
Sebastiaan van Loosbroek
donderdag 5 februari 2026
Illustratie Carmen Brouwer

Terwijl AI zich rap ontwikkelt en studenten er maar al te graag gebruik van maken, zoeken docenten naarstig naar nieuwe manieren om de kennis van hun studenten toetsen. Dat is nog niet makkelijk, bleek vorige week donderdag bij het door de faculteit Geesteswetenschappen georganiseerde symposium Wat betekent AI voor ons onderwijs?

Docenten en onderzoekers gingen daar in discussie over de impact van AI op de faculteit en Mare schoof aan bij het rondetafelgesprek over de invloed van AI op toetsing.

‘Laten we positief beginnen’, opent gespreksleider en universitair docent computerlinguïstiek Matthijs Westera de discussie. ‘Tegen welke problemen lopen jullie aan bij het toetsen?’

‘Een van de grootste problemen is dat ik niet met zekerheid kan zeggen of een student wel of geen AI heeft gebruikt voor papers’, reageert een docent.

‘AI-gebruik is erg moeilijk op te sporen’, vult een ander aan. ‘Hoe kunnen we ervoor zorgen dat studenten het niet gebruiken?’

De vraag is of verbieden nog tot de mogelijkheden behoort, nu het gebruik van AI diep in het systeem van studenten is binnengedrongen. Westera oppert dat AI studenten kan helpen bij het schaven aan teksten en het brainstormen over ideeën, maar maakt er de kanttekening bij dat die hulp de leerdoelen van studenten kan aantasten. ‘Alsof we studenten willen afleveren die niet zelf op ideeën kunnen komen.’

‘Studenten gebruiken liever AI als onderzoeksbron dan het archief in de bibliotheek’

Bovendien ligt fraude in papers op de loer, waarschuwen sommige docenten, terwijl daar moeilijk tegen op te treden is. Een lid van de examencommissie bevestigt dat en zegt dat examencommissies niet de middelen hebben om adequaat op te treden tegen studenten die fraude plegen met AI. ‘We vragen studenten er wel naar als we misbruik vermoeden, maar als ze ontkennen, kunnen we erg weinig doen.’

Om dat te ondervangen, heeft een docent een oplossing bedacht. ‘Het is een try-out, maar ik laat nu mijn studenten in groepjes een assignment schrijven met behulp van chatbots. Vervolgens vraag ik aan hen om alle informatie die ze hebben verzameld te checken. Dan heb ik een open conversatie met ze over de resultaten en blijf ik weg van fraude.’

Een andere docent stelt dat het ontbreekt aan goed onderwijs in onderzoeksvaardigheden, waardoor studenten eerder naar AI grijpen. ‘Studenten gebruiken liever AI als onderzoeksbron dan het archief in de bibliotheek, waar nota bene alle journals liggen die de universiteit voor ze betaalt. Ze weten niet goed hoe ze daarin moeten zoeken. Het is onze plicht om ze daarop te wijzen.’

‘Ik heb studenten in mijn werkgroepen gehad die niet eens weten waar de bibliotheek is’, vult een andere docent aan.

Een filosofiedocent zegt dat er bij haar vak rigoureuze maatregelen zijn genomen om fraude te voorkomen, met alle gevolgen van dien: ‘Wij hebben takehome-schrijfopdrachten gebannen uit de eerste drie semesters. Maar de studenten balen daarvan en hebben de indruk dat hun schrijfvaardigheid naar beneden gaat. Hoe zorgen we ervoor dat ze genoeg blijven oefenen met schrijven?’

Creatief werk hoeft niet altijd schrijven te zijn, reageert een collega van filosofie. ‘In plaats van studenten een essay te laten schrijven, kan je ze ook een PowerPointpresentatie of een korte video laten maken. Dat verkleint ook de kans dat ze ChatGPT gebruiken.’ 

‘Sommige studenten nemen er aanstoot aan dat er zo over hen wordt gedacht’

En wat ook nog kan, stelt hij, is dat studenten een kort essay moeten schrijven dat niet wordt becijferd, maar dat wel verplicht is om aan het tentamen te mogen deelnemen. ‘Ze doen het allemaal, en zo ben je er zeker van dat ze al ver voor het tentamen met de stof aan de slag zijn. Dat werkt. Ik vermoed dat maar een stuk of vier van de driehonderd studenten ChatGPT hebben gebruikt.’

‘Dit is een fundamentele verschuiving’, merkt een ongeruste docent op. ‘Schrijfvaardigheid is heel erg belangrijk voor onze faculteit. We moeten in gedachten houden dat dit ook negatieve kanten heeft.’

Ook wilde een docent een lans breken voor de studenten die bewust géén AI gebruiken. ‘We denken misschien dat alle studenten AI gebruiken en de boel bedriegen, maar dat is niet zo. Sommige studenten nemen er aanstoot aan dat er zo over hen wordt gedacht.’
Bovendien waren veel huidige problemen er ook al voor de opkomst van AI, brengt een docent in herinnering. Zo gebruiken studenten massaal AI ter voorbereiding van tentamens, door bots samenvattingen van de stof te laten schrijven. Docenten vrezen daardoor dat zij alleen nog maar de samenvatting bestuderen, in plaats van de hele stof. Maar die samenvattingen bestonden voorheen ook al, middels papieren uittreksels van bedrijven als Joho.

‘We hebben er niet genoeg gesprekken over hoe we hier in het curriculum mee moeten omgaan’, concludeert een docent. ‘Dat heeft tijd nodig. Het probleem is alleen dat we die tijd niet krijgen.’