Column: Sjaarzenkamer

Door Esha Metiary

Trots had hij zijn ouders verteld over zijn verovering: een sjaarzenkamer in een van grootste mannelijke studentenhuizen van het corps. Hij had er voor moeten knokken: met hem nog een legioen eerstejaars die zich op het schamele aanbod van eerstejaarskamers had gestort. Veel was het niet; vier muren en een raam, maar met een likkie verf hier en daar was dit zijn thuis.
Had hij zich zorgen gemaakt tijdens de KMT? Welnee, zoals het een goed corpsbal betaamt had hij namelijk netjes deelgenomen aan alle illustere rituelen die van hem een gave pik zouden maken. Hospiteeruitnodigingen krijgen zou voor hem geen probleem zijn. Erg veeleisend was hij bovendien niet, hij zou desnoods een Harry Pottertje doen en zijn intrek nemen in de bezemkast.
Een ontgroening van twee weken was slechts het begin. Vanaf het moment dat hij zich met recht lid mocht noemen en niet langer met het predicaat nul aangesproken werd, begon het echte werk. Vanaf nu was het zaak dat hij zich zo zou profileren opdat hij in een zo gaaf mogelijke club terecht zou komen. Het kernen, zoals de periode van clubvorming heet, waren weken van afzien waarin het kaf van het koren werd gescheiden.
Hij wist uit verhalen dat meisjes op de meest venijnige manier van hun kern te horen kregen dat ze niet langer welkom waren en dat ze hun heil maar moesten gaan zoeken bij een groepje meisjes dat later bekend zou komen te staan als ‘Clubje Kut’. Bij de mannen ging het er wat minder omslachtig aan toe, maar ook hier kon je van de een op de andere dag worden gedumpt.
Maar dat gebeurde niet. Hij had een club gevonden die later zonder schaamte om de dominantie aan het Eiland, zoals de borreltafel van de mannen heette, kon vechten.
Alles was wel.
Totdat hij die ene ochtend thuis kwam. Ontberingen en ontvoeringen had hij doorstaan om met zijn club te mogen worden geïnaugureerd. God, wat was hij blij dat hij niet bij de huislozen hoorde en dus niet na deze lange, lange nacht ergens zou moeten logeren of erger: terug naar zijn ouders. Nee, hij zou nu lekker in zijn eigen bed ploffen en de volgende ochtend pas weer aan studentenproblematiek en katers denken. Het echte leven was begonnen en niks kon hem nog stoppen.
Strompelend liep hij naar zijn kamer en in zijn beschonken staat wist hij zich nog vaag te herinneren dat samengaand met zijn clubinauguratie ook zijn geliefde sjaarzenkamer onder handen genomen zou worden. Ach, in een kuub zand zou hij ook wel kunnen slapen en als zijn kamer ineens verbouwd was tot een zwembad, tukte hij wel op de fusiebank.
Hij duwde de deur van zijn kamer open.
En toen brak de pleuris uit.

Deel dit bericht:

Voorpagina

Dit haalt niets uit

‘Als ze een pink face nodig hebben, schuif ik aan’, zegt de Leidse …

Achtergrond

Wetenschap

Studentenleven

Nieuws

Rubrieken

Scheikunde op de wc

Scheikundige Ludo Juurlink schreef het boekje Scheikunde voor in bed, op het toilet of in …

English page