Mare Nummer MS     07 oktober 2010

Met de klok mee: Maurice Seleky, Rachid Finge, Diane Valkenburg en Klaas Dijkhoff
Ook zij deden een master

DOOR SEBASTIAAN VAN DE WATER

De schrijver

Maurice Seleky (28) is schrijver van de roman Ego Faber. Sinds 2008 prijkt er op zijn cv een master Informatierecht, behaald aan de Universiteit van Amsterdam. ‘Ik was achttien jaar, kwam net van de middelbare school, en wilde graag advocaat worden. Maar tijdens mijn rechtenstudie kwam ik erachter dat ik mijn tijd nog liever op een creatieve manier besteed. Ik ben toen allerlei nevenactiviteiten gaan doen, waaronder evenementen organiseren, de filmacademie volgen en veel stukjes schrijven. Dat laatste ging zo goed dat ik tijdens mijn masterjaar een contract aangeboden kreeg om mijn eerste boek te gaan schrijven. Dat is uiteindelijk de roman Ego Faber geworden. De invloed van mijn studie op dat boek is groot, ook qua schrijfstijl. Rechten is eigenlijk een heel talige studie. Je leert dat een komma meer of minder impact heeft op de betekenis van een zin. Je leert er bovendien om heel efficiënt te schrijven.’

De nieuwslezer

Rachid Finge (24) is nieuwslezer bij NOS Radio. Hij is bijna klaar met de master Communicatiewetenschap, variant Journalistiek en Media, aan de Radboud Universiteit Nijmegen. ‘Ik heb mijn eindscriptie net ingeleverd en verwacht binnenkort een berichtje dat die goedgekeurd is. Gelukkig maar, want ik begon mijn studie steeds meer te ervaren als een blok aan het been. Door tentamens en dergelijke kon ik niet fulltime aan de slag bij de NOS. Ik was negen jaar oud toen ik een keer een prijsvraag won bij de lokale radio en naar de studio mocht komen. Toen besloot ik dat ik daar op een dag wilde werken. Voor mijn scriptie heb ik onderzoek gedaan naar taillines, de opsomming van belangrijke nieuwspunten aan het eind van sommige nieuwsblokken. Wat blijkt? Het heeft geen enkel nut. Het idee dat je als luisteraar daardoor de belangrijkste nieuwsitems beter onthoudt blijkt niet waar. Sterker nog, je vergeet de overige nieuwsberichten juist! Helaas is de NOS nog niet op de hoogte van deze conclusies, dus voorlopig zal ik die taillines moeten blijven oplezen.’

Het Kamerlid

Klaas Dijkhoff (29) is sinds enkele maanden Tweede Kamerlid voor de VVD. In 2005 rondde hij de onderzoeksmaster Grondslagen van het recht af aan de Universiteit van Tilburg, cum laude. “Na het behalen van mijn doctoraal in rechten heb ik mijn studietraject vervolgd met een onderzoeksmaster. De twee studenten die de beste cijfers haalden mochten een eigen onderzoeksproject samenstellen en daarop promoveren. Ik wilde erg graag een studie maken naar oorlogsrecht en stelde mezelf dus ten doel om bij die top twee te eindigen. Ik was niet de enige, dus met ons kleine clubje studenten stuwden we elkaar steeds verder omhoog. Dat resulteerde wel eens in onderlinge spanningen, maar omdat je zoveel met elkaar optrok, bouwde je ook een goede band op. De verhouding met de docenten was ook een stuk anders dan bij de doctoraalstudie die ik eerder had gedaan. We zaten nooit in een collegezaal waar we twee uur lang naar een docent moesten luisteren. In plaats daarvan gaven de hoogleraren ons een kijkje in hun eigen onderzoeken en vroegen naar onze meningen daarover. Uiteindelijk ben ik bij de top twee geëindigd. Dat competitie-element heeft geholpen.’

De schaatser

Diane Valkenburg (26) is professioneel schaatsster. Ze won dit jaar tweemaal brons op de NK afstanden en behaalde een zevende plaats bij de WK allround. Sinds 2007 studeert ze de master Bewegingswetenschappen aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. ‘Nog een paar kleine onderdelen afronden, en dan ben ik klaar. Het combineren van studeren en schaatsen is soms lastig, maar ik ben de faculteit dankbaar voor haar flexibele opstelling. Ik kom maar een paar keer per jaar op de universiteit en moet vaak studeren als ik op trainingskamp in het buitenland ben. Ik vind het erg interessant om te leren hoe een menselijk lichaam functioneert. Bij het begrijpen van de theorie kan ik uit mijn eigen ervaringen putten, en andersom kan ik de theorie weer gebruiken voor mijn trainingen. Ik weet nu precies wanneer en hoe ik mijn eigen spieren moet stimuleren. Dat geeft me een voorsprong ten opzichte van andere schaatsers. Ik hoef ook niet klakkeloos aan te nemen wat mijn trainer Jac Orie beweert. Soms zeg ik: “Hé Jac, jij vertelt me nu dit, maar op mijn studie heb ik iets anders geleerd. Hoe zit dat precies?” Daarop volgen leuke discussies. Gelukkig heeft Jac dezelfde studie gedaan, dus meestal komen we er uiteindelijk wel uit.’

Deel op Facebook

Tweet
Deel op Facebook