Mare Nummer 32     09 juni 2011

32
Nu ook met krasroddels
In verenigingsalmanakken zitten steeds meer gadgets verstopt

Traditiegetrouw beloont Mare de beste almanak met een fust bier, en natuurlijk eeuwige roem. De jury was onder de indruk van het meeneemsmoelenboekje en de pop-up sociëteit achterin

DOOR BERIT SINTERNIKLAAS Elk jaar komt een groep mensen samen die besluit de zware taak van het samenstellen van een almanak op zich te nemen. Maandenlang broedt de commissie op het boekwerk. Het begint met brainstormsessies over het thema en eindigt met nachtenlang zweten met InDesign en Photoshop. Met een knallend feest wordt het eindresultaat aan de leden gepresenteerd.

Voordat de boekwerken gaan staan verstoffen in de boekenkasten van de leden eert Mare het bestgelukte exemplaar met een fust bier.

Valse bescheidenheid kan de almanakcommissies niet worden verweten. Bij het openslaan van zeven van de tien almanakken stuiten we meteen op een foto van de glunderende commissie. En terecht, het resultaat van hun ongetwijfeld harde werk mag er zijn. Er is duidelijk veel tijd, liefde en moeite gestoken in de boekwerken.

Alleen: de strijd is ongelijk. De almanakken laten zien dat het budget van de ene vereniging vele malen groter is dan dat van een andere. De almanakken van de grote verenigingen zijn zware, ingebonden boeken met glimmend papier en full color fotospreads en dure extra’s. Zo zit achterin de Augustinusalmanak een heuse pop-up sociëteit verstopt en kom je de grofste verenigingsroddels van Minerva pas te weten als je 2 pagina’s met krasloten open krast.

Twee almanakken vielen in een buitencategorie en verdienen een eervolle vermelding. De boekwerken van Prometheus en Ichthus zijn onmogelijk eerlijk te vergelijken met die van de grote kapitaalkrachtige verenigingen. Het zijn kleine boekjes, in zwart-wit gedrukt en gebonden in ringband. Maar klein zijn heeft ook zijn voordelen. Beide verenigingen namen de moeite al hun leden te interviewen.

De overige almanakken beperken de informatie over hun leden tot het welbekende en bestgelezen deel van de almanak: het smoelenboek. Augustijnen krijgen het op zakformaat bij hun almanak. Handig om elke borrelavond bij je te hebben om het telefoonnummer die leuke gast achter de bar of die charmante meid even snel op te zoeken. In het smoelenboek van Quintus kun je door kleurenbalkjes meteen zien welke commissie(s) je potentiële lover heeft gedaan.

Een andere almanaktraditie: thema’s. Contrast (Quintus), Utopia (Augustinus) en Blik op oneindig (Asopos de Vliet) zijn slechts een kleine greep uit de lijst. Alle commissies slaagden erin om thema’s leuk uit te werken. Ook vaste prik zijn de voorwoorden van de burgemeester en de rector. Leuk om te lezen hoe ze, al dan niet geslaagd, voor elke almanak proberen om iets met het thema te doen. Zo laat de burgemeester in het voorwoord voor de Quintus almanak de kans niet voorbijgaan om de leden op hun verantwoordelijkheid te wijzen. ‘En dat is meteen een contrast dat we allemaal heel goed begrijpen; waarbij de nacht bedoeld is om te slapen en de dag er bijvoorbeeld is om colleges te volgen’, schrijft hij.

Mocht de nacht op Minerva toch een beetje uit de hand gelopen zijn biedt de almanak raad. Achterin is de rubriek ‘Wat te doen bij het vergeten van de pil?’ te vinden. De foto’s van wilde nachten zijn in de almanakken van Quintus en Minerva met de laklaag der liefde bedekt.

De almanakken van kleinere verenigingen Asopos de Vliet, de Leidsche Flesch en LIFE zijn degelijk maar niet speciaal. De roeivereniging kiest voor een originele witte cover. De inhoud is overzichtelijk maar blinkt niet uit in originaliteit. De twee bètastudieverenigingen lijken bij elkaar te hebben afgekeken. Beide kiezen voor een almanak in de stijl van eeuwen geleden. Deze thema’s zijn goed uitgewerkt. Jammer dat het ontbreekt aan grote redactionele stukken.

Grotius, de studievereniging van rechten, kiest voor een knallende gouden cover. Het trekt in ieder geval de aandacht. De inhoud is minder knallend, maar scoort punten door de verzorgde opmaak en overzichtelijkheid. VVD-Kamerlid Ard van der Steur bekent in een interview dat hij zes jaar over zijn rechtenstudie deed en ‘cijfertechnisch’ niet uitblonken. Puntje van kritiek: het interview met Plasterk is nogal saai.


De top drie

  1. SSR. Een mooie strakke almanak met veel oog voor detail. Leuke dubbelinterviews met oude en huidige bestuursleden.

  2. Augustinus. Leuke redactionele stukken in een uitgebreide, kleurrijke almanak. Bonuspunten voor het smoelenboekje op zakformaat.

  3. Grotius. Mooie, overzichtelijke almanak. Goed interview met Ard van der Steur.

Buiten de top drie: Minerva, Quintus, Asopos de Vliet, De Leidsche Flesch en LIFE.


Eervolle vermelding: Ichthus en Prometheus


‘Er zit bloed, zweet en tranen in’

De winnende almanak is die van SSR. De almanak straalt oog voor detail uit. Onderaan bijna elke pagina staat een doorlopend stripje dat door met de pagina’s te bladeren verandert in een mini-tekenfilm. Daarnaast staan op elke pagina quotes van de leden. Het nieuwsoverzicht is mooi opgemaakt in krantenstijl. Elk dispuut krijgt twee pagina’s om iets over zichzelf te vertellen. Dat levert leuke verhalen op over karavanen en kamelenrijders, zigeuners in de kelderbar en slechte slogans als ‘regeren, domineren en profileren’.

De voorzitter van de almanak commissie Benjamin van der Burgh is blij verrast. ‘We hadden het niet verwacht. Er zitten zeker bloed, zweet en tranen in de almanak. We hebben er in totaal acht maanden aan gewerkt. De dag voor de deadline hebben we zelfs 24 uur achter elkaar gewerkt. Het fust bier gaat opgedronken worden met de commissie. We hebben al eerder een almanak borrel georganiseerd en die was zeker voor herhaling vatbaar’, aldus van der Burgh.

Deel op Facebook

Tweet
Deel op Facebook