Mare Nummer 29     29 april 2010

29
Met name emotionele verwaarlozing gaat gepaard met stemmingstoornissen en sociale fobie.
FOTO: Hollandse Hoogte
Verwaarlozing is slechter dan incest
‘Te weinig aandacht voor gevolgen van emotioneel misbruik’

Dat tegenslagen in je jeugd de kans vergroten dat je later een depressie of angststoornis ontwikkelt, was al bekend. De Leidse psycholoog Philip Spinhoven ontdekte dat het effect van emotionele verwaarlozing sterker is dan dat van fysieke mishandeling of seksueel misbruik.

DOOR BART BRAUN Klein beetje ophef in verzekeringsland eerder dit jaar: de psychoanalyse wordt niet meer vergoed. Het is de oudste vorm van psychotherapie, ooit ingezet door Sigmund Freud himself. De patiënt kan samen met een therapeut zijn jeugd en persoonlijkheid in kaart brengen, en daardoor hopelijk zijn psychologische problemen overkomen.

Hoewel de psychoanalyse al meer dan honderd jaar bestaat, zijn de beoefenaars ervan er nooit in geslaagd om goed aan te tonen dat het ook echt werkt. De verzekeraars vonden het mooi geweest. Wat in de psychologie nog wel recht overeind staat, is het idee dat problemen van nu mede hun oorsprong hebben in dingen die eerder zijn gebeurd. Een traumatische jeugd vergroot de kans op een angstige of depressieve volwassenheid.

Dus als de Leidse hoogleraar klinische psychologie Philip Spinhoven met een publicatie komt waarin hij een verband legt tussen tegenslagen in de jeugd en psychologische problemen, is niet meteen duidelijk waarom dat nodig is.

‘Het unieke van dit onderzoek is dat we niet gekeken hebben naar één type stoornis en één type trauma’, legt hij uit. ‘Veel studies bekijken één specifieke vorm van tegenslag, en proberen die dan te relateren aan een bepaald psychologisch probleem dat daaruit voor kan komen. Dat is eigenlijk raar, want veel mensen die depressief zijn, hebben bijvoorbeeld daarnaast ook een angststoornis. Het leuke van deze publicatie is dat we dankzij de grote studie ook konden kijken naar specifieke verbanden.’

De grote groep waar Spinhoven het over heeft, is de Nederlandse Studie naar Depressie en Angst (NESDA), een samenwerkingsverband van drie universiteiten, de bijbehorende Universitaire Medische Centra en instellingen voor geestelijke gezondheidszorg. Zij onderzoeken samen bijna drieduizend patiënten met een depressie of angststoornis. De Leidse tak richt zich sterk op de gevolgen van traumatiserende gebeurtenissen.

Omdat er zo veel mensen in de NESDA zitten, kunnen wetenschappers als Spinhoven helemaal los gaan met statistiek om zo allerlei verbanden aan te tonen. De publicatie in het Journal of Affective Disorders brengt zo keurig in kaart wat de gevolgen van een bepaalde tegenslag zijn op een bepaalde psychologische stoornis.

Het overlijden van een naast familielid maakt de kans dat iemand depressief wordt bijvoorbeeld anderhalf keer zo groot, maar heeft geen invloed op de kans dat iemand een angststoornis ontwikkelt. Mensen die als kind mishandeld zijn hebben een grotere kans op paniekaanvallen, maar niet op het ontwikkelen van pleinvrees, enzovoort. ‘De meeste verbanden die je in eerste instantie ziet, vallen weg als je statistisch corrigeert voor meerdere tegenslagen en het hebben van meer dan één psychische stoornis’, vult Spinhoven aan. ‘Na deze correcties bleek het belangrijkste verband dat van emotionele verwaarlozing met stemmingsstoornissen en sociale fobie. Dat het effect van emotionele verwaarlozing zo sterk is, heeft in mijn ogen echt nieuwswaarde. Sterker dan dat van fysieke mishandeling of seksueel misbruik, bijvoorbeeld.’

Of iemand als kind emotioneel is verwaarloosd werd vastgesteld met een interview. De kritiek daarop ligt voor de hand, begrijpt de hoogleraar. ‘Het zijn immers volwassenen, vaak met een depressie, die terugkijken op hun jeugd. Misschien wordt de herinnering wel gekleurd door de huidige depressie. We hebben dat ondervangen door ook te kijken naar mensen die vroeger wel een depressie hadden, maar tijdens van het onderzoek niet meer. Het verband bleek daarvan onafhankelijk te zijn; de huidige stoornis leverde geen sterkere correlatie met emotionele verwaarlozing op dan een stoornis die inmiddels voorbij is.’

Tweede probleem: een ongeluk komt nooit alleen. Door de effecten van emotionele, fysieke of seksuele mishandeling statistisch van elkaar te scheiden, kan de suggestie gewekt worden dat er ook gezinnen zijn waar alles koek en ei is, afgezien van op zijn tijd wat incest. Die gezinnen bestaan niet. ‘Het klopt dat verschillende vormen van misbruik, mishandeling en verwaarlozing vaak samen gaan’, legt Spinhoven uit, ‘maar als je statistisch voor dit samen gaan corrigeert blijkt dat met name emotioneel misbruik sterk gekoppeld is aan psychische problemen. Mogelijk is de emotionele context waarin bijvoorbeeld incest plaatsvindt belangrijker dan het misbruik op zich.’

Hij vervolgt: ‘Er is traditioneel altijd veel aandacht geweest voor seksueel misbruik en fysieke mishandeling en de gevolgen daarvan, en misschien te weinig voor de gevolgen van emotionele verwaarlozing die daar ook bij komt kijken, en ook los hiervan kan voorkomen. Daar valt misschien klinische winst te behalen. Hopelijk helpt dit onderzoek om iedereen in de geestelijke gezondheidszorg ervan te doordringen dat emotionele verwaarlozing sterk verbonden is met stemmingsstoornissen en sociale fobie. Zo’n artikel zal het onzichtbare leed niet oplossen, maar als het een kleine bijdrage aan de erkenning en herkenning van dit probleem levert, is dat al praktische winst.’


Deel op Facebook

Tweet
Deel op Facebook