‘Het allermooiste was om tijgerende mensen helemaal kapot te schieten!’
FOTO: Taco van der Eb
Niets zo voor goed voor de groepsband als pijn
DOOR BENJAMIN SPRECHER Twee bio-farmaceutische wetenschappers in spe hurken gespannen achter een houten muurtje. Ze dragen een masker, een groen overal en roze konijnenoortjes.
Voorzichtig turen ze over de rand naar wat struikgewas, tien meter verderop. Heel even gebeurt er niets. Plotseling is er wat beweging te zien. Gelijk duiken ze weer achter de bescherming van het muurtje. Ze overleggen even en sprinten dan gebukt naar een houten muurtje even verderop. Onmiddellijk vliegen de verfballetjes hen om de oren. Slechts één zal de eindstreep halen.
80 studenten bio-farmaceutische wetenschappen uit Utrecht, Groningen en Leiden hebben zich in een stuk bos bij het pittoreske Assendelft verzameld om mee te doen aan de sportdag van de Koninklijke Nederlandse Pharmaceutische Studenten Vereniging (KNPSV), bestaande uit een middag paintballen en een borrel.
Tijdens de lunch voorafgaand aan het kleurrijke geweld is het kandidaatsbestuur (KB) van de drie lokale studieverenigingen, en die van het overkoepelende landelijke KNPSV, aan de leden voorgesteld. De sportdag fungeert voor de KB’s tevens als letterlijk openingschot van een weekendlange ontgroening.
De 80 studenten zijn opgedeeld in team rood en team groen. In team groen hebben de huidige besturen zich verenigd om op de KB’s te jagen, die, samen met nog twintig andere onfortuinlijke studenten, team rood bevolken. De KB’s van de verschillende steden zijn ook nog eens te herkennen aan attributen als konijnenoortjes en feloranje hesjes. Alleen de Leidse studenten tonen zich solidair: iedereen draag dezelfde blauw-gele oorlogsverf op het gezicht. ‘Niets zo goed als pijn om de groepsband wat te versterken’ licht een bestuurslid grijnzend toe, terwijl hij de veiligheidspal van zijn paintballgeweer naar zich toe trekt.
De opzet lijkt geslaagd; na de eerste ronde staan de kandidaat-bestuursleden driftig met elkaar handen te schudden. ‘Ik hoef in ieder geval niet meer te vragen wat je studeert!’
Bij aanvang van de tweede ronde blijkt dat de allesverhullende groene overalls en maskers als nadeel hebben dat iedereen volstrekt anoniem wordt. Alle goede bedoelingen ten spijt: in de chaos die op het eerste contact met de tegenstanders volgt, blijft er bij team rood van teamwork en tactiek niets over. Zo was uw Mare-journalist vast van plan om de heldhaftige daden van het Leidse KB te rapporteren, maar nadat team groen met een flankerende beweging een strategisch gelegen brug achter de rode linies had ingenomen moest deze zich het vege lijf redden, waarna het Leidse KB de rest van de ronde onvindbaar bleef.
Nadat de laatste verfballetjes verschoten zijn verzameld men zich om sterke verhalen uit te wisselen en te borrelen. Een Leidse student (oranje stropdas, blonde krullen en een Quintus T-shirt) is luidkeels opzoek naar degene die hij precies in zijn nek geraakt heeft, en een 4e-jaars uit Utrecht roept, terwijl hij een blikje bier opentrekt, dat alle vrouwen laf zijn.
“Mijn god, wat is deze wc smerig!” zegt Jeanine van Mechelen, derdejaars student en KB voor Leiden, terwijl ze naar een blauw chemisch toilet kijkt. ‘Dit is echt de smerigste wc ooit. Nee, schrijf dat maar niet op.” Ze kijkt even bedenkelijk en zegt dan: ‘Zo zonnig als deze dag was, zo zonnig was deze activiteit. En het allermooiste was om tijgerende mensen helemaal kapot te schieten! Helaas was ik niet de enige met die mening’, en ze richt ietwat beteuterd haar blik naar de paarse plekken op haar vingers.