‘Was Nederland maar mijn moederland’ Hoe een Ghanese schoonmaker spoorloos verdween en weer opdook
Sinds 2005 maakte Emanuel verschillende Leidse studentenhuizen schoon. Hij spaarde om te kunnen studeren in Ghana. In mei 2009 verdween hij plotseling.
‘Hij is klein, komt uit Afrika, draagt roze handschoenen en slippers en wil volledig anoniem blijven. Geen naam, geen herkenbare foto, geen adressen waar hij werkt. Logisch: E. komt uit Ghana en verblijft illegaal in Nederland. Soms is E. jaloers op de studenten. Zelf wil hij graag bedrijfskunde studeren in Ghana maar boeken en huur zijn kostbaar. Daarom werkt hij bij zoveel mogelijk huizen om geld te sparen. “Ze betalen me 80 euro voor 8 uur. Daarvoor doe ik heel erg mijn best, want als ze zien dat ik netjes werk, dan raden ze me aan bij andere huizen en krijg ik meer werk. Als ik heel slordig werk, ontslaan ze me misschien!” In januari wil E. terug naar Afrika om de toelatingsexamens bij de universiteit van Ghana te doen.’
Aldus Mare van 21 juni 2007. E. heet eigenlijk Emanuel en verbleef vanaf 2005 illegaal in Nederland. ‘Ik dronk vaak koffie met hem’, zegt Sjaak Baars, student Nederlands, een oud-bewoner van een studentenhuis in de Houtstraat, waar Emanuel schoonmaakte. ‘Hij vertelde mij dat zijn voornemen was om in 2009 terug te gaan naar Ghana. Toen kreeg hij last van waanideeën. Hij dacht dat iedereen op straat over hem sprak en dat hij gezocht werd door de politie.’ Baars ging met hem naar de dokter. ‘Hij kreeg zware medicijnen die hem suf maakten, maar wel hielpen.’
In mei 2009 kwam hij niet meer opdagen. Ook reageerde hij niet op telefoontjes. De studenten maakten zich zorgen. Misschien was hij uitgezet, vreesden ze, of erger. ‘De laatste tijd was hij psychotisch.’ Samen met huisgenoot Ineke Rinzema benaderde Baars het Legers des Heils, de illegalenopvang en verschillende organisaties voor geestelijke hulp gebeld. Tevergeefs
Tot afgelopen januari. Toen belde Emanuel Sjaak om hem gelukkig nieuwjaar te wensen.
‘I love that boy’, zegt Emanuel aan de telefoon vanuit Ghana. ‘Toen ik gek werd heeft hij veel met mij gepraat. Er is veel gebeurd, maar ik kan niet beschrijven wat precies. Ik zag mezelf gewoon in Ghana. Opeens was ik daar in het ziekenhuis. Ik was helemaal in de war. Ik ben veel naar de dokter geweest. Hij zegt dat het nu goed met me gaat. Ik voel me ook goed. Ik ga door met mijn leven.’
De voormalige schoonmaker heeft zijn studie opgepakt en haalt goede cijfers. Hij woont in Accra samen met zijn vriendin. ‘Niet in een studentenhuis, maar in een kamer. Het is hier heel anders dan in Nederland.’
Ooit wil hij terug, zegt hij. ‘Als de ambassade mij een beurs en een visum geeft, dan kom ik. Ik heb veel achtergelaten.’ Hij begint te snikken. ‘I love Netherland. Ik wou dat het mijn moederland was. Ik zal nooit iemand vergeten. Zeg tegen iedereen dat het goed met me gaat en dat ik van hen houd.’