Mare Nummer 18     28 januari 2010

18
Het einde van de aardse ellende
Hoe internet religieuze connotatie en hoofdletter verloor

Internet zou een einde maken aan honger, oorlog en andere rampspoed, zo beweerden vroege webgelovigen. Gaandeweg werden ze realistischer. ‘I come from Cyberspace, the new home of the Mind.

DOOR VINCENT BONGERS De opkomst van het internet had religieuze trekjes. Volgens schrijvers, futurologen en computerwhizzkids zou de nieuwe informatietechnologie het einde inluiden van alle aardse ellende en de mens ruimte geven om tot volledige zelfontplooiing te komen.

In haar proefschrift Believing in the Net schetst Karen Pärna, waarop ze vandaag hoopt te promoveren, een beeld van de westerse wereld waarin de traditionele religies minder effectief zijn geworden in het beantwoorden van levensvragen.

Ook is er na het ineenstorten van de Sovjet-Unie begin jaren negentig van de vorige eeuw een ideologisch vacuüm ontstaan. Mensen zijn op zoek naar nieuwe dingen om in te geloven.

‘We are at the dawn of the Age of Networked Intelligence, an age that is giving birth to an new economy, a new politics and a new society’, schrijft de Canadese schrijver Don Tapscott in 1995. ‘Het internet wordt duidelijk niet alleen maar als nieuwe technologie gezien ’, zegt Pärna. ‘De technologie kan een ommekeer teweeg brengen in de wereld. Een einde maken aan honger, oorlog en andere ellende. En rijkdom en welvaart brengen. Dit soort teksten kom je in deze periode in allerlei bronnen tegen. In manifesten maar ook in tijdschriften als Newsweek en Playboy.’

‘De technologie wordt met mysterie omgeven en onvoorstelbare macht toegedacht. Mensen die techniek achter het internet doorzien, worden haast gezien als magiërs. Dat zijn elementen die je ook in gevestigde religies terugziet.’

Pärna, inmiddels docent en onderzoeker aan de universiteit van Maastricht, beweert nadrukkelijk niet dat het geloof in het internet de concurrentie aangaat met het christendom of de islam. ‘Er kunnen meerdere goden naast elkaar bestaan. Kevin Kelly, oud hoofdredacteur en een van de oprichters van het gezaghebbende ict-tijdschrift Wired, is een internetprofeet maar ook een born again Christian.’ Ook veel andere uitgesproken voorvechters van de technologie zijn diepgelovig.

‘Er zijn vooral functionele overeenkomsten’, zegt Pärna. ‘Ik heb een brede definitie van religie geformuleerd. Ik omschrijf het als een systeem van gedeelde waarheden en geloofsovertuigingen dat een zingevende functie heeft en verankerd is in een kracht, voorwerp of idee dat het menselijke overstijgt.’

Het religieuze aspect komt sterk maar voren in uitspraken en artikelen van één van de bekendste profeten van het internet, John Perry Barlow: ‘Is TCP/IP (het belangrijkste internet communicatie protocol, red.) another name for God? Because in essence, this is a way that you’re finding a unity between people’, zo zei hij in een interview in USA Today, in 1997.

‘Het internet heeft uiteraard ook geen heilig schrift’, zegt Pärna ‘Wired, dat in 1993 is opgericht, zou je met een beetje goede wil de bijbel van internet kunnen noemen. In de stukken, vooral in de begintijd, vind je taalgebruik met sterk religieuze connotaties. Dat is nu wel veranderd. Het is geen toeval dat het blad vanaf 2004 internet met een kleine letter schrijft.’

De hype komt tot een hoogtepunt in 2000. Er wordt grootschalig geïnvesteerd in bedrijfjes die iets met internet doen maar eigenlijk alleen maar gebakken lucht verkopen. Uiteindelijk klapt de dotcombubble uit elkaar met als gevolg een beurskrach en een groot aantal faillissementen. ‘Door het vertrouwen in de techniek en een betere wereld bleven zakenmensen er maar inpompen. Terwijl er duidelijk aanwijzingen waren dat het niet goed zou gaan. Ze hadden hoop tegen beter weten in: een blind geloof.’

In de hype rond de millenniumbug - de overgang van 31 december 1999 naar 1 januari 2000 zou voor grote problemen kunnen zorgen omdat de computerprogrammering 2000 als 1900 zou interpreteren - zag Pärna ook religieuze elementen terug. ‘De naderende digitale Apocalyps kan alleen afgewend door ict-specialisten die wel moeten beschikken over magische krachten.’

Ook bepaalde producten krijgen een bijna mythische status .’De iPod is een goed voorbeeld’, zegt Pärna. ‘De titel van het boek iPod, therefore I am van Dylan Jones is veelzeggend. Maar als je even googlet vind je zo vijf andere boeken met soortgelijke titels.’

Je ziet vergelijkbare dingen buiten de wereld van de technologie. Mensen zijn op zoek naar iets wat ze kunnen delen. Collectief rouwen is een goed voorbeeld. De dood van André Hazes in Nederland. De enorme aandacht voor zijn uitvaart stond eigenlijk in geen verhouding met zijn status van toen hij nog leefde. Mondiaal zou je de dood van prinses Diana kunnen noemen. ‘Zij werd van een prinses een heilige. Er werd van alles aan haar toegeschreven.’ Het belang van hypes moet volgens de onderzoeker niet onderschat worden. ‘Dit soort collectieve ervaringen zijn essentieel voor het functioneren van de mensheid. Het geeft troost en zekerheid.’


Internetprofeten


‘In Nederland zijn we te nuchter voor internetprofeten’, zegt Pärna. ‘Je zou Fransisco van Jole kunnen noemen. Maar dat is toch van heel andere orde dan de Amerikaanse voorbeelden.’ De Amerikaanse veeboer John Perry Barlow (1947) is een echte profeet van het internet. Hij had zeventien jaar lang een ranch in Wyoming. Verder schreef hij teksten voor de ultieme hippieband The Grateful Dead.

Vanaf begin jaren negentig schrijft hij onder andere over de mogelijkheden die cyberspace en het internet bieden om de spirituele verbondenheid tussen mensen, die volgens hem verloren was gegaan, te herstellen.

‘Het doet het natuurlijk goed in de media: iemand die met het zweet op de rug en met de voeten in de modder staat, zijn hoofd opricht en vervolgens het licht ziet’, zegt Pärna over Barlow. Enkele uitspraken:
George Gilder (1939) wordt wel de Johannes de Doper of de Messias van het internet genoemd. Zijn essays en lezingen over technologie en het internet van de voormalige speechschrijver van Richard Nixon en Nelson Rockefeller zijn doorspekt met Bijbelse beelden en mystiek taalgebruik. Hij zei onder meer: