Mare Nummer 09     05 november 2009

09
‘Het is niet zo dat we constant “na u” zeggen.’
FOTO: Marc de Haan
Aardige frisbeeërs doen het zonder scheids

DOOR EILEEN BOSMAN Frisbeeën, is dat voor op de camping of is het toch een echte sport? Bij Panic Ultimate, de enige frisbee vereniging in Leiden, vinden ze ‘topsport’. ‘Het heeft wellicht een campinggehalte, maar het is eigenlijk heel tactisch en fanatiek’, zegt wedstrijdcommissaris Matthijs Hattinga Verschure.

Elke dinsdag en donderdag traint de vereniging op het Universitair Sport Centrum. Hoewel de weersomstandigheden niet ideaal zijn - het is koud en het regent - gebeurt dat vandaag buiten op het hockeyveld. Toch is de opkomst hoog. Zo’n twintig studenten beginnen rustig over te gooien om er in te komen.

De warming up is er een voor gevorderden. Rennen, sprinten, hakken billen en strekken. De frisbeeërs komen dan ook verhit het veld af. Panic-voorzitter Jelle Brill: ‘Zoals je ziet, loop je bij een campingsport niet op deze manier warm!’ ‘Zeker op hoog niveau komen er zaken kijken als sprinten, hoog sprinten en duiken naar de schijf’, zegt oud-voorzitter Gosse Overal. ‘Als de schijf te laag is, ga je ook gewoon op je bek.’

De training zet zich na het nodige rekken en strekken voort. Tijd om de tactiek van het gooien te oefenen. Teamgenoten gaan tegenover elkaar staan en werpen de schijf onder- of bovenhands en ‘met of zonder uitstappen’ naar elkaar toe.

‘Het is belangrijk om met verschillende bochtjes een schijf te gooien, bijvoorbeeld om je tegenstander heen’, aldus Jelle. ‘Er komt heel wat techniek bij kijken om dat te leren.’

De wedstrijdvorm van frisbee spelen wordt ultimate genoemd. De vriendelijke sport is de enige wedstrijdsport zonder scheidsrechter. ‘Aan het eind van elke match gaat iedereen in een kring staan. Beide partijen zeggen dan wat over de wedstrijd’, aldus Gosse. ‘Het klinkt misschien een beetje cheesy, maar daarna doen we altijd even een high five-rondje. Het wordt ook wel eens een hippiesport genoemd.’ Jelle: ‘Het is niet zo dat we constant “na u” tegen elkaar zeggen. We gaan wel voor de winst, alleen dan op een sportieve manier.’

Het gaat steeds harder regenen. De training gaat onverstoord verder. ‘In principe spelen we altijd door. Behalve als het echt heel erg heel erg is’, zegt Jelle, ‘zoals met onweer’. Een speler verderop roept: ‘Maar daar word je hard van!’

Aan het einde van de training wordt er afgesloten met een, uiteraard vriendelijk, wedstrijdje. Op het veld zijn tegenover elkaar twee gebieden gemarkeerd die de score zone voorstellen. Wordt de frisbee in die zone gevangen door de tegenstander, dan is er gescoord en wisselen de teams van helft en spelers. ‘Het verschilt hoe lang we spelen’, zegt Eric Siero, student wiskunde. ‘Dat kan 90 tot 100 minuten zijn, vandaar dat we zoveel wisselen.’

De oefenwedstrijd verloopt gemoedelijk. Tussen de wissels door wordt besproken wat goed ging en wat beter kon. Tactieken die zojuist zijn geoefend worden toegepast. ‘Het gaat hier niet echt om de winst, het blijft een oefenwedstrijd’, zegt Eric, terwijl terug rent en zich weer klaar maakt voor een potje ultimate frisbee.