Mare Nummer 07     15 oktober 2009

07
Op weg naar Boston zijn de acht roeiers van concurrerende clubs even niet elkaars rivalen. ‘Je probeert toch elkaars vereniging te verneuken.’
FOTO: Evelyne Jacq
In Boston herken je de tegenstanders van tv

DOOR HANS KLIS In de koude, stromende regen roeien acht man over de Vaartsche Rijn in Utrecht. Vanaf de oever lijkt de kakofonie van de synchroon omklappende riemen en de ritmisch uitademende roeiers te versmelten tot het geluid van een passerende stoomtrein. Chef d’equippe Maarten Harteveld moet hard fietsen om de boot bij te houden. Hij is tevreden. ‘Dit is een mooie generale repetitie.’

Samen met coach Vince de Hoog heeft hij de afgelopen maanden een selectie van acht roeiers van verschillende studentenroeiverenigingen klaargestoomd voor het grootste roei-evenement van de wereld: ‘Head of the Charles regatta’ in Boston.

Daar zullen zij op zondag 18 oktober uitkomen onder de groene kleur van roeivereniging Minerva, een onderdeel van de Koninklijke Nederlandsche Studenten Roeibond. De deelname aan dit evenement is bedoeld om derdejaars ‘talenten’ een kans te geven internationale ervaring op te doen en zo ‘te groeien’ als sporter. Harteveld: ‘Het gaat om de happening rondom de wedstrijd en van de samenwerking in zo´n groep. Je leert veel van elkaar.’

Harteveld en de Hoog, beiden afkomstig van de Utrechtse studentenroeivereniging Triton, zijn geselecteerd als de begeleiders van deze ‘acht’. Naast studenten van roeiverenigingen Triton, Nereus, Skadi, Laga en Aegir zijn ook Leidse roeiers Jelmer Gaastra en Tim Christen van roeivereniging Njord aanwezig.

Samen starten zij in de Champions Eight, waarin ze het onder andere opnemen tegen de gedoodverfde winnaar: the Great Eight, een voor de gelegenheid samengesteld team van acht soloroeiers uit de Olympische finale van 2008. ‘Onze ambitie is om de top tien te halen’, legt Christen uit na een warme douche. Gaastra: ‘Natuurlijk ga je er heen voor een goed resultaat, maar het is niet zo dat er een acht wordt uitgezonden om te winnen. Je komt niet voor de winst, je gaat erheen voor de ervaring van een internationale wedstrijd. Het is mooi dat je aan de start naast toppers ligt. Dat is gewoon heel vet, deze mensen ken je alleen van tv.’

Na twee maanden ieder weekend intensief getraind te hebben is er een hechte band ontstaan. ‘Het grappige is dat je normaal gesproken tegen elkaar moet roeien. Dan zijn het je grootste vijanden’, vertelt Tim. ‘Tijdens een race wil je ze natuurlijk het liefst kapotmaken’, zegt Gaastra. ‘Nu groei je wat dichter naar elkaar toe, omdat je elk weekend van ’s ochtends tot ’s avonds op elkaars lip zit.’

Maar dat ze nu samen in één boot zitten, betekent niet automatisch dat de onderlinge rivaliteit er is verminderd. ‘Je probeert toch elkaars vereniging te verneuken’, zegt Gaastra. ‘Dat is leuk.’ Christen: ‘Je maakt bijvoorbeeld flauwe grapjes dat tradities van andere verenigingen eigenlijk onzin zijn.’ ‘Neem bijvoorbeeld Thomas van Aegir’, valt Gaastra bij. ‘We noemen hem altijd een grote knor.’ Waarom hij het predikaat voor een niet-corporaal lid verdient? ‘Bij Aegir bedanken ze altijd de stuur als ze uit de boot stappen. Dat doen ze vaak bij de knorrenverenigingen.’

Onenigheid over een strijdkreet of aanmoediging van de kant zal de gemoedelijke rivaliteit niet vergroten. Chef d’equippe Harteveld: ‘De rivier in Boston leent zich niet om mee te fietsen en aan te moedigen, dus voor die keus staan we gelukkig niet.’


Deel op Facebook

Tweet
Deel op Facebook