Voor een cum laude bij geesteswetenschap moet je straks gemiddeld een achtenhalf staan. Een negen voor je scriptie, zoals het faculteitsbestuur wilde, is niet nodig.
Dat bleek vorige week woensdag tijdens de vergadering van de faculteitsraad Geesteswetenschappen. Universiteitsbreed gelden sinds dit academisch jaar dezelfde regels voor een cum laude – te weten een achtenhhalf gemiddeld – maar faculteiten hebben de vrijheid om aanvullende eisen te stellen.
Bij de alfa’s gold tot voor kort een negen gemiddeld als cum laude-eis. Het bestuur zag graag opgenomen in het nieuwe reglement dat de student dan in elk geval voor de eindscriptie minstens een negen zou halen. De faculteitsraad was het daar niet mee eens. Zij vond dat het scriptiecijfer een te subjectief karakter heeft. Want wat bijvoorbeeld als er geen ‘klik’ is tussen student en scriptiebegeleider? Dan raak je op de valreep je cum laude-aantekening kwijt.
Het bestuur wees er vergeefs op dat een scriptie gezien kan worden als de meesterproef, en dat het cijfer dus wel degelijk bepalend kan zijn voor een cum laude-toekenning. De raad vond het overigens geen probleem dat de overige zogeheten iudicia – zoals ‘met genoegen’ en ‘met zeer veel genoegen’ niet langer op het diplomasupplement worden vermeld. Dat zou een te zware last leggen op de medewerkers die de diploma’s vervaardigen. Bij andere faculteiten was die gewoonte al langer afgeschaft. AvV