Mare Nummer 06     08 oktober 2009

06
Leden van Augustinus amuseren zich tijdens een cantus. Maar gaat ouderwets brallen nog wel samen met de strengere studieaanpak? Sommige verenigingen laten zich nu in met studiebegeleiding.
FOTO: Taco van der Eb
‘We weten op wie we moeten letten’
Wat doen verenigingen om leden op tijd te laten afstuderen?

Naar aanleiding van strengere maatregelen om studenten sneller te laten afstuderen, ontstond onlangs discussie in Mare over de rol van de studentenverenigingen. Wat doen zij eigenlijk?

DOOR VINCENT BONGERS Maarten Hoijng (Quintus): ‘We hebben de nodige maatregelen genomen om het studiesucces te bevorderen, bijvoorbeeld het eerstejaarsmentoraat: ouderejaars nemen eerstejaars studiegenoten onder hun hoede. Er worden afspraken gemaakt over de studievoortgang. Verder hebben we voor geneeskundestudenten een studievereniging, MediQ, die de leden sterk bij de studie betrekt en gaan dat ook voor andere studierichtingen doen. Ook zijn we een database met samenvattingen aan het samenstellen. Studie heeft de prioriteit. Dat is de reden om naar Leiden te komen. Maar het is prima te combineren met een verenigingsleven. Ook op informeel niveau gebeurt er veel. Binnen de disputen is het heel normaal dat bijvoorbeeld een eerstejaars voor een moeilijk tentamen om advies vraagt van een ouderejaars die een zelfde studie doet.’

Brenwan Ferdinandus (Catena): ‘We hebben geen vaste borrelavonden, en geen verplichte aanwezigheid. Bij ons komen mensen dan ook niet zo snel in de knel in de studie. Als leden een studiegroepje willen oprichten juichen we dat natuurlijk toe. Maar we gaan echt niet cijfers controleren, of zo. Er staan ook geen specifieke maatregelen om het studiesucces te verbeteren op het programma.’

Evelien Sandberg (Minerva): ‘De mentaliteit is behoorlijk veranderd sinds ik hier vier jaar geleden kwam. Een goed voorbeeld hiervan is de oprichting van het Minerva Scholarship Fund vorig jaar, een studiefonds op initiatief van een studentenvereniging. Studiebegeleiding wordt gecoördineerd door middel van bijeenkomsten met mentoren en groepen eerstejaars, ingedeeld per studie. Indien nodig wordt vroegtijdig begeleiding gegeven. Ook houden we repetitor-bijeenkomsten voor verschillende studies. Al twee jaar ondertekenen onze nieuwe leden een document waarmee het bestuur de mogelijkheid krijgt om hun studieresultaten in te zien op te vragen. Dit zal dit jaar weer gebeuren. Boven het bureau van de Assessor hangt een rooster met de tentamenperiodes, waar we bij het inplannen van activiteiten rekening houden. In de loop van het jaar weten we natuurlijk wel op wie we moeten letten. Als er op woensdagavond laat nog leden op de sociëteit zijn die donderdag tentamen hebben, sturen we die naar huis. Ook de huizen werken goed mee. We merken dat ouderejaars zich steeds meer bezig houden met het stimuleren van de eerstejaars op studiegebied. Binnen de huizen functioneren ze als vraagbaak en informatiepunt.’

Coen Koopman (Augustinus): ‘We zijn bij Augustinus bezig een studiebegeleidende structuur op te zetten. Wat dat betreft lopen we wel een beetje achter op andere verenigingen. We willen graag leden met dezelfde studie meer met elkaar in contact brengen.’

Bas Blanken (SSR): ‘We doen weinig aan studiebegeleiding omdat dit niet nodig is. Uit onderzoeken die er zijn gedaan naar studiesucces blijk dat het bij ons eigenlijk heel goed gaat. Wel worden leden die commissiewerk willen gaan doen, goed geïnformeerd over de werklast. We gaan wel kijken of er bij onze leden, vooral de eerstejaars, behoefte is aan studiebegeleiding. Verder gaan we graag de dialoog aan met de universiteit, de faculteiten en de andere verenigingen.’