Mare Nummer 21     26 februari 2009

21
Nog maar dertig bier per week
Vrouwen minderen makkelijker dan mannen, ontdekken Leidse psychologen

Studenten drinken meer dan goed voor ze is. Leidse gezondheidspsychologen zochten uit hoe verenigingsleden het beste kunnen minderen. Vrouwen hebben genoeg aan een beetje voorlichting. Maar bij mannen is er meer nodig.

DOOR BART BRAUN ‘Afslaan is voor iedereen best ingewikkeld’, vertelt gezondheidspsychologe Winnie Gebhardt. ‘Er wordt altijd gezegd dat het een vrije keus is, maar iemands biologie en de sociale context spelen ook een rol. Het kost zoveel mentale energie om je daaraan te onttrekken. Die heb je gewoon niet altijd paraat.’

Gebhart heeft het over afslaan in het algemeen: ongezond eten, sigaretten of andere drugs. Maar ze heeft het vooral over bier op de studentenvereniging. Dat heeft zij met haar collega Pepijn van Empelen en haar studenten onderzocht. ‘Er zit een grote kloof tussen wat mensen willen, en wat mensen doen’, legt ze uit. ‘Als gezondheidspsycholoog wil ik graag weten hoe dat komt, en of je dat kunt beïnvloeden. Uit recent onderzoek blijkt dat je voornemens veel beter uitkomen als je van tevoren plannen maakt. Als ik in situatie X kom, dan doe ik Y. Als je zo’n zinnetje opschrijft, blijkt dat heel effectief te zijn.’

Het onderzoek naar dit soort voornemens richt zich vooral op dingen die mensen doen, in plaats van laten: meer bewegen, gezonder eten, enzovoort. Gebhardt: ‘Er was nog amper bekend of ze ook werkten bij mensen die minder willen drinken. Dat hebben wij gedaan. Bij alcohol is het logisch dat je je op studenten richt, want die drinken lekker veel, en dan kun je tenminste een effect meten.’

‘Lekker veel’ is een eufemisme. Een groot gedeelte van de studenten drinkt zoveel dat het lichamelijk ongezond wordt. Het zogeheten binge-drinken, in hoog tempo veel alcohol wegtikken, is schadelijk voor de lever en de hersenen. Wat is veel alcohol? Daar zit een man al aan bij vijf luttele pilsjes op een avond. Meer dan drie is teveel voor de meisjes. Gebhardt: ‘Ik denk dat veel vrouwen niet beseffen hoe ontzettend weinig ze eigenlijk maar zouden mogen drinken.’

Tel daar nog wat andere problemen van teveel drinken bij op – roekeloos gedrag, verhoogde kans op kanker, verslavingsgevaar – en je zou je prima kunnen voorstellen dat mensen wat minder willen drinken. De onderzoekers wilden weten of plannen helpt bij het houden aan dat voornemen.

Daarvoor benaderden ze meer dan tweehonderd studenten van gezelligheidsverenigingen uit verschillende steden. Verenigingsstudenten drinken namelijk nog meer dan de gemiddelde student, bleek uit een onderzoek uit 2003. Die wilden wel meewerken, maar alleen onder de voorwaarde dat niet gekeken zou worden naar de onderlinge verschillen in drankverbruik. Wie wil weten of de gemiddelde Minervaan meer of minder drinkt dan de gemiddelde Quint, moet dus niet bij Gebhardt zijn. ‘Of er geen competitie daarin is, tussen de verenigingen? Wie weet, maar in elk geval niet bij de besturen.’

Drie manieren om te minderen werden nader bekeken. De deelnemers konden zich voornemen om vanaf het vijfde (of derde in geval van vrouwen) biertje te weigeren. Een tweede groep moest zich voornemen om minder te gaan drinken. ‘Dat is dus minder expliciet op de sociale interactie gericht’, legt de psychologe het verschil uit. Groep drie moest concrete plannen maken over hoe ze om zouden gaan met situaties waarin de verleiding om toch meer te drinken opkomt. Alledrie de groepen, en een controlegroep, kregen een A4’tje met informatie over de gevolgen van overmatig drankgebruik.

Voor de vrouwen was dat laatste al genoeg; het werkte zelfs ietsje beter dan de uitgebreidere preventiestrategieën. ‘Ik denk dat er een tekort aan kennis was onder die groep, en dat ze schrokken van de informatie.’

Bij mannelijke studenten was meer nodig. Alleen optie drie, waarbij uitgebreid plannen werden gemaakt, hielp. Hun inname ging van gemiddeld veertig naar gemiddeld dertig alcoholische consumpties per week. Nog steeds meer dan de 21 die artsen als maximum adviseren, maar het is iets.

Probleem was wel dat er juist onder de zware drinkers veel afvallers waren. ‘Dat zie je wel vaker bij dit soort studies’, verzucht ze. ‘Onderzoekers proberen zich absoluut niet moraliserend op te stellen, maar voor de deelnemers is het toch confronterend.’

In een vervolgstudie probeerden de psychologen ook de emoties van de studenten te manipuleren. ‘Stel je voor dat het leuk was op de tent, maar je je toch aan je limiet hebt gehouden. Je gaat tevreden naar huis.’ Of juist: ‘Stel: je bent op je vereniging, het is reuze gezellig, en iedereen heeft een paar biertjes op. ’s Morgens had je je echter voorgenomen om niet meer dan drie consumpties te nemen. Aan het eind van de avond ga je naar huis, met spijt en een afkeer van jezelf.’

Het nadenken over dit soort situaties blijkt ook al te helpen in de gezondheidspsychologie. Van tevoren bedenken over hoe je je zult voelen na een nachtje onbeschermde seks, zorgt ervoor dat mensen veiliger vrijen. Maar in deze studie bleef zo’n effect uit. ‘De mensen waren wel meer gecommitteerd, maar je zag het vervolgens niet terug in hun gedrag.’

‘Het is voor mij veel interessanter om te weten waarom mensen wél roken, en wél bier drinken, dan hoe ik ze daar vanaf kan helpen. Ik ben niet echt een missionaris’, zegt de psychologe van zichzelf. Maar toch: ‘Uit het hersenonderzoek van de laatste jaren blijkt dat alcohol behoorlijk schadelijk is voor het brein, met name bij jongeren tot 22 jaar. Onze maatschappelijke normen zouden moeten veranderen, daarin. In elk geval zou iedereen er kennis van moeten hebben.’


Deel op Facebook

Tweet
Deel op Facebook