Mare Nummer 23     13 maart 2008

23

FOTO: Taco van der Eb
‘Er hangt hier een chille vibe’
Minder studenten, maar meer winst: Minerva-discotheek HIFI herleeft

‘Er was bijna altijd sprake van verlies’, maar de laatste jaren loopt de Minerva-discotheek HIFI ‘op rolletjes’. Mede dankzij Augustijnen met connecties in het feestcircuit. Mare feestte mee tot sluitingstijd.

DOOR THOMAS BLONDEAU Er zit nog steeds een kogel in zijn rug. Hij mag van geluk spreken. Op 31 juli 1992 werd er zevenmaal gevuurd op G.S. Sahinbas. Sahinbas (‘Zeg maar Kurt, zo kennen mijn collega’s, vrienden en de politie me’) is directeur van beveiligingsbedrijf National Security Team. Na 21 jaar in de branche doet hij het wat rustiger aan.

Daarom staat hij vanavond in de HIFI Bar, de discotheek in het Minerva-pand. ‘Hier verwacht ik geen al te grote problemen. Maar ja, overal waar mensen en alcohol zijn, heb je risico’s. Hij wordt bijgestaan door twee collega’s die voortdurend door de zaal patrouilleren.

Vrijdag organiseerde Oscar van Velsen samen met wat vrienden, Minimal Fabric. Een dansfeest waarbij verschillende dj’s minimal draaien, een muziekgenre dat omschreven kan worden als een kalere, rustige variant van techno. Van Velsen (20) is nog niet van het vwo af maar organiseerde al vaker dit soort feesten. De vorige party vond plaats op de cruiseboot van de fameuze Amsterdamse Supperclub. ‘Ik doe het uit liefde voor de muziek. We maken winst maar niet teveel. Veel eigenbelang is er niet bij. Ik wil op steeds gekkere locaties deze muziek brengen. Meer aanhang creëren.’

Enige zendingsdrang is hem niet vreemd, wanneer hij het over minimal-liefhebbers heeft: ‘Deze feesten zijn nooit agressief. Er komt ook een intelligent publiek op af. Mensen van tussen de 18 en 28.’ Hij pauzeert even omdat er een meter aan pizzadozen op de bar wordt geschoven. Het is half tien, de deuren zijn nog dicht. De vraag wie welke pizza besteld heeft, gaat verloren omdat de geluidsinstallatie wordt getest.

Van Velsen vervolgt: ‘Een paar van de dj’s die ik vanavond gevraagd heb, zijn mensen die ik op afterparties en zolderkamers ben tegengekomen. De grote naam vanavond? Jason Shae. Wat die vraagt? Dat zeg ik liever niet.’ Vijfduizend euro? ‘Nee man, dat brengt deze hele avond nog niet eens op.’

Minervaan Philip van Es behoort tot het vierkoppige management dat vrijwillig de HIFI beheert dit jaar. Hij gaat over promotie en sponsering. Hij weet te vertellen dat de bar 1750 euro moet binnenkrijgen of dat de organisator anders moet bijleggen. Wat boven dat bedrag gaat, is ook voor de HIFI. Een biertje kost vanavond € 1,50. Van Velsen en de zijnen verdienen alleen aan de kaartverkoop. Rond middernacht zal de break-even makkelijk gehaald worden. Van Velsens volledige voorkoop van 180 kaarten bereikte niet eens de verkooppunten. Die avond kunnen er nog maximaal 170 mensen bijkomen.

Om half twaalf begint de HIFI al aardig vol te raken. ‘Er hangt een chille vibe’, aldus Van Es. De meerderheid van de feestgangers cirkelt rond de twintig, eigenlijk meer rond de achttien. De kleding is ingetogen. Accessoires van het moment, herenhoedjes voor de dames, wollen mutsen voor de heren. Een zonnebril mag, evenals de occasionele blote schouder. T-shirts bedrukt met computerspelletjesnostalgie zijn een pré. Corporalen zijn er niet of nauwelijks. Sowieso zijn de studenten een minderheid in de HIFI. ‘Ik schat dat ze maar een kwart van ons publiek uitmaken. Behalve dan op dinsdag, de studentenavond.’

Emiel Bangert is dit jaar de financiële man van de discotheek en ziet het publiek met gemengde gevoelens aan. ‘Het is wel een heel jong publiek. We moeten opletten dat het hier geen kinderdisco wordt.’ Bangert studeert econometrie aan de Erasmus Universiteit en is vooral geïnteresseerd in het runnen van het bedrijf dat HIFI heet. Hij legt uit dat het niet alleen de aantallen feestgangers tellen maar ook het soort. ‘In het verleden hadden we hier ook r’n’b-feesten maar daar doen we niemand meer aan. Veel te agressief publiek.’

Vroeger had de HIFI niet de luxe zich druk te maken over het soort publiek. Dat was er namelijk nauwelijks. Voor de verbouwing in 2002 trok de discotheek alleen nog maar Minerva-leden. Het was een donkere, benauwde ruimte die sinds de opening in 1969 nauwelijks veranderd scheen te zijn. Voor ’69 was op deze plek de kegelbaan van de sociëteit.

De verbouwing gebeurde naar een ontwerp van de architect Henk Louer, die al jaren interieuradviseur voor Heineken is. Een strakke, functionele ruimte met niveauverschillen en een stevige bar was het resultaat. Bij de toenmalig opening omschreef Louer zijn creatie als ‘eigentijds, met een tikkeltje homofilie maar damesvriendelijk.’ Louers broodheer resoneert in de typische groene panelen achter de bar, bezet met vochtdruppeltjes en afgezoomd met rode sterren. ‘Die panelen gaan er overigens binnenkort uit’, zegt Van Es. ‘Die zijn me nu wel te ouderwets.’

Maar ondanks het nieuwe (lees ‘minder corporale’) jasje bleven de nieuwe klanten weg. Bangert: ‘Het is geen geheim dat het vijf jaar geleden best wel slecht met de HIFI ging. Er was bijna altijd sprake van verlies.’ Er zijn toen twee Augustijnen bij de disco betrokken. Deze hadden een netwerk en ervaring binnen het partycircuit. De HIFI herleefde en heeft nu een volle zaal en een dito agenda. Bangert wil geen cijfers noemen maar zegt dat ‘het op rolletjes loopt. Het is een meer dan gezond bedrijf.’

Wil de dronken jongen met open broek opstaan?

Studentendiscotheek HIFI wordt gemoedelijk en grotendeels vrijwillig gerund

TARA-TATATA-TATATA-TATATA-TARA-TA. Tussen de beukende muziek door klinkt wel heel vaak dezelfde sample. Zelfs als er een dj-wissel is. Misschien de gimmick van het moment? Dj Melchior weet ook niet waar het geluid vandaan komt. Hij draait al een jaar of drie. ‘Deep house, tech en minimal dus. Wel een leuk feestje hier, chill zeg maar. Maar je merkt toch dat deze mensen hier niet echt voor de muziek komen. Het is meer een leuk avondje uit voor ze.’

Dj Alexander Engels is nog maar acht maanden actief met lp’s en cd’s en loopt over van enthousiasme. ‘Echt een goede avond. Dat heb je soms: dat je gewoon steeds net die goede plaat pakt.’

Wegens gemeentebeleid gaan de deuren om twee uur dicht. De HIFI gaat dan nog door tot vijf uur. Maar ruim voor tweeën moeten Kurt al de deuren dicht houden. De tent is vol. Dit zeer tot ongenoegen van een groep buitenlandse studenten die niet begrijpen waarom ze niet worden binnengelaten. ‘Porque non?¿Porque non?’ weerklinkt het in de steeg. Er wordt geschreeuwd en geduwd. En druk gebeld met vrienden die wel binnen zijn. Een jongen houdt het voor gezien: ‘Fok man, dit is niks. Ik ga naar Amsterdam.’ Iemand wordt buitengelaten waarop smoezen en duwwerk worden ingezet om binnen te komen maar Kurt is onverbiddelijk. Een agent op de mountainbike komt op het geschreeuw voor de gesloten deuren af. Hij kijkt alleen toe wat genoeg is om de braniestokers af te doen druipen. ‘Yo Belgium,’zegt een aangeschoten Brit tegen zijn drinkebroer ‘Fuck this, ik ga me zelf niet laten arresteren. Laten we gaan.’

TARA-TATATA-TATATA-TATATA-TARA-TA. Binnen is het druk maar Van Velzens inschatting over de aard van het publiek is accuraat. De meerderheid lacht veel, is beleefd en gaat op een haast lieve manier met de medemens om. ‘Ruik jij ook die wietlucht?’vraagt Bangert. Inderdaad ging kort voor zijn komst een joint de ronde. Drugs zijn verboden in de HIFI.

Murat, beveiliger en familie van Kurt, doet zijn ronde in de zaal en opereert volgens het principe ‘Als jij respect voor mij hebt, heb ik het voor jou.’ Wie met een joint wordt aangetroffen, krijgt vaderlijk een hand op zijn schouder. Wie het netjes afgeeft, kan het bij vertrek terugkrijgen. Het gebeurt een paar keer. Een dronken jongen met openstaande broek mag niet op de trappen gaan liggen. Een zoenend paartje dat op de rand van een balustrade zit, wordt gevraagd te verhuizen. Murats collega Hamza heeft een al even effectieve en relaxte manier van omgaan met de gasten. ‘Ik heb liever dat ze me mogen dan dat ze me een klootzak vinden’, vat hij zijn arbeidsethos samen.

Alle geruchten over comazuipen ten spijt, in de HIFI is er geen sprake van. Bier en Red Bull zijn de favorieten. Een paar flessen schuimwijn (25 muntjes) liggen onaangeroerd. Maar volgens Bangert is het echte spul wel verkrijgbaar: ‘Veuve, Moët, dat werk.’ De jongen met de openstaande broek gaat weer op de trap liggen en wordt weer gevraagd op te staan. Een andere jongen laat zijn broek tot onder zijn billen zakken om een tatoeage te laten zien.

TARA-TATATA-TATATA-TATATA-TARA-TA. Aan de bar gaat het even mis. Een slungelige jongen wordt ruw heen en weer getrokken door een andere jongen die er nuchterder uitziet. De beveiliging grijpt in. De slungelige wordt afgevoerd om een tijdje later onder begeleiding van Murat weer de zaal in te komen. Afwerend en bleu houdt de jongen zijn handen omhoog. Het is niet zijn schuld. Hij gaat af op het gezelschap waar hij eerder ruzie mee had. Die zijn niet van zijn toenaderingspoging gediend. Ze maken woeste wegwerpgebaren. Murat legt zijn hand weer in de nek van de jongen die weer wordt weggevoerd. Hij komt niet terug. Murat legt uit: ‘Tja, hij viel een meisje lastig waarop andere jongens dan weer tussenkwamen. Ik heb hem weer binnengelaten zodat hij zijn excuses kon aanbieden. Maar dat lukte dus niet.’

Na drieën druppelt de HIFI langzaam leeg. Het bar- en vestiairepersoneel kan het wat rustiger aan doen. Minervaan Bahador tapt biertjes en neem jassen aan, alles met een glimlach van oor tot oor. Op de beveiliging en schoonmaak na, gebeurt alles hier op vrijwillige basis. ‘“Je moet me helpen”, zei een clubgenoot. Nou, dan doet je dat toch gewoon.’ Hij heeft vijf euro gekregen van iemand. Even later staat hij op de bar te dansen.

Om vijf uur gaan onverbiddelijk de lichten aan. Applaus voor de dj. In een hoekje delen twee mensen een iPod. Ze luisteren naar rehab-diva Amy Winehouse. Hoe ze het feest vonden? Jongen: ‘Waardeloos kutfeest. Echt typisch Leiden.’ Meisje: ‘In Amsterdam is het veel gaver.’ Waarom zijn ze dan tot sluitingstijd gebleven? Geen antwoord.

Tussen de wegschuifelende feestgangers kaatst de vraag ‘Waar gaan we afteren?’ heen en weer. Waarbij after op zijn Engels wordt uitgesproken. Maar afterparty’s blijken dun gezaaid in Leiden. Carmen (20, herenhoedje, uit Amsterdam): ‘Wij gaan nog naar een meisjeshuis. Iemand zei dat daar nog wel iets te doen is.’ Hoe ze het feest vond? ‘Gaaaaaaf!!!’.

De HIFI-medewerkers verzamelen de lege flesjes Heineken en Corona. De rest is voor de schoonmaakploeg die over een paar uur langskomt. Op de muziekloze dansvloer shuffelt een nog bijzonder energieke jongen heen en weer. Een pilotenzonnebril en een groene wollen muts op. Keihard zingt hij: TARA-TATATA-TATATA-TATATA-TARA-TA.

Deel op Facebook

Tweet
Deel op Facebook