Geen Commentaar: Iso·leer·cel

iso·leer·cel (de; v(m); -len; isoleercelletje): klein vertrek voor de afzondering van patiënten, gevangenen of gestreste studenten.

Een studentenhuis nodigt uit tot een breed scala aan activiteiten. Eten, slapen, chillen, zappen, kotsen, hangen, kletsen, ketsen. Oké, studeren ligt van alle activiteiten misschien niet het meest voor de hand.
‘Thuis heb ik te veel afleiding.’
‘Ik heb een stok achter de deur nodig.’
Enkele uitspraken die Mare de afgelopen dagen opving.
En met het oog op wat hier volgt, misschien nog wel het meest opmerkelijk: ‘Op mijn kamer komen de muren op me af.’
In gevangenissen, psychiatrische klinieken en instellingen voor verstandelijk gehandicapten bieden sterk versoberde isoleercellen een ‘prikkelarme omgeving’. Eén + één = twee, moet iemand gedacht hebben, dus beschikt de universiteitsbibliotheek sinds een paar maanden over zestien van deze pareltjes.
Een of andere marketingmanager heeft vast maanden zitten broeden op de term ‘studiekabinet’. Maar wij laten ons niet misleiden. De piepkleine hokjes – omgerekend naar kippenmaten zou Wakker Dier onmiddellijk aan de bel trekken – bieden slechts vier kale muren, een kale vloer en een lege werktafel met een bureaustoel.
Niet bepaald een stimulerende omgeving. Onmenselijk. Deprimerend. Een grove belediging voor het intellect.
En dus zijn de hokjes ’s ochtends binnen een uur vergeven en overstijgt de vraag het aanbod vele malen.
Misschien moeten we een hoge toren bouwen, vol isole-, ahum, studiekabinetten. Maar volgens bibliobaas Kurt De Belder lost dat niets op. Een toenemend aanbod leidt tot een toenemende vraag, stelt hij.
Dat roept een interessante vraag op. Is het de taak van de universiteit om te voorzien in studieplekken voor scholieren, hbo’ers en random bolleboosjes, die zich – het liefst kosteloos – willen laven aan de universitaire bronnen van wijsheid? En is het überhaupt de taak van de universiteit om tot in het oneindige te voorzien in voldoende studieplekken voor studenten en personeel?
Als je sinds half negen ’s ochtends braaf in de bieb hebt zitten zwoegen, dan is het natuurlijk irritant om je computer kwijt te raken.
Maar als dat zo’n groot probleem is, en je bovendien graag lange pauzes houdt om koffie te drinken, roddels uit te wisselen of in het zonnetje te zitten, waarom zou je de bieb dan überhaupt bezoeken?
Een geweldige oplossing ligt binnen handbereik: je studentenkamer.
Suck it up. Na het afronden van je studie zal je op je werkplek geconfronteerd worden met kletsende collega’s, sterk geurende kaascroissantjes en zoemende tl-buizen. En ook op je werk-pc is Facebook slechts een klik bij je vandaan.
Dus: blijf in je studentenhuis. Kóóp dat boek waar de UB er toch te weinig van heeft. En leer werken in de drukte van je huisgenoten. Als je daar letterlijk gek van wordt, kan je altijd nog de isoleercel in.

DOOR PETRA MEIEJER

Deel dit bericht:

Voorpagina

Achtergrond

De bedekte obsessie

In haar boek Bloot of bedekt beschrijft Mineke Schipper oude en nieuwe kuisheid: van het …

Wetenschap

Nieuws

Zonnige Summerjazz

Kovacs trad zondag op in de Leidse Hout, tijdens een zonnige vijfde editie van het …

Rubrieken

English page