Strompelend naar de finish

Foto Sebastian Marko/Red Bull Content Pool

Door Constanteyn Roelofs

‘In de bus naar de top van de berg zei niemand meer wat.’ Gespannen gezichten, opperste concentratie en een gezonde dosis angst voor de bloedsnelle afdaling die volgen gaat. ‘Het leek wel Dead man walking.’
Student Tony Williams (23, commerciële economie) heeft het allemaal overleefd: de finale van de Nederlandse editie van Red Bull Crashed Ice in Valkenburg. Via het ijshockeyen kwam hij in aanraking met de spektakelsport uit de koker van de energiedrankfabrikant, die al eerder met de X-Games en de Air Races waaghalzenvermaak naar ons land bracht.
Downhill skating is een spectaculaire combinatie van ijshockey en skiën. Vier deelnemers leggen in een felle strijd een steil parcours van 600 meter af. Op donderdag was de individuele kwalificatie, vertelt Williams. ‘Ik had echt een bloedsnelle tijdrit, elke bocht ging perfect. Ik knalde met topsnelheid door elke sectie van het parcours.’ De manche leek perfect te verlopen. ‘Maar bij de laatste grote jump brak de veter van mijn rechterschaats, waardoor mijn enkel bijna dubbel klapte. Ik heb nog wel mijn landing redelijk kunnen afmaken, maar strompelde een beetje de finish over. Weg toptijd.’
Ondanks de tegenslag was de tijd goed voor een plaats bij de 64 beste Nederlanders (uit een voorselectie van 250 man), die het mochten opnemen tegen 64 internationale professionals in de eliminatie. Door de pech trof hij meteen de internationale toppers; hij moest zijn meerdere in hen erkennen en kwam op plaats 116 terecht.
De wedstrijd was een belevenis. ‘De hele heuvel stond vol met fans, die helemaal uit hun dak gingen als er iemand met de Nederlandse vlag op zijn helm omlaag kwam. Dat gaf wel echt veel motivatie. Helaas konden mijn dispuutsgenoten van Quintus er wegens de dies van de vereniging niet bij zijn, maar ze moedigden me wel de hele tijd aan via de telefoon.’
Het mooiste was de sfeer tussen de rijders onderling. ‘Je zit tijdens de wedstrijd met z’n allen in een grote kleedkamer, iedereen door elkaar: wereldklasse naast groentjes. De sfeer was gespannen, maar ook erg gezellig. Iedereen is constant in gesprek over het parcours, de windsnelheid er dergelijke, maar er was ook ruimte voor geintjes. Het was bijzonder om met schaatshelden als Rintje Ritsma te praten. En er was een mooi feest na afloop.’
Volgend jaar beter? ‘Zeker! Vorig jaar deed ik ook mee, toen ging het een stuk minder: ik ging hard onderuit in de kwalificatie. Alles werd zwart voor mijn ogen, en toen ik weer bijkwam zag ik dat ik net de eindronde niet had gehaald. Voor volgend jaar wil ik extra trainen op de speciale, permanente downhillbaan in Oostenrijk. Dat soort faciliteiten heb je in Nederland gewoon niet.’

Deel dit bericht: