ACHTERGROND - MARE 27, 10 april 2003
Computer spoort fraudegevallen moeiteloos op
Nakijken met de pc?
Opdrachten of tentamens laten nakijken door de computer: het lijkt toekomstmuziek, maar bij de afdeling strafrecht van de Rechtenfaculteit gebeurt het via een uniek pilot-project. ‘Onze studenten waren zo sceptisch dat ze massaal aan het frauderen sloegen.‘
David Bremmer
‘Hier gebeurt het allemaal‘, wijst programmadirecteur ICT&Onderwijs Jeroen Leijen op de grote kamer vol met zware computers in de Hugo de Grootstraat 32. Sinds januari zwaait hij samen met Paul de Hert (uhd strafrecht) en Arif Khan (ud strafrecht) de scepter over een uniek pilot-project, waarbij opdrachten voor het vak inleiding straf- en strafprocesrecht met behulp van de computer worden nagekeken. Studenten kunnen zo een punt voor hun tentamen verdienen.
‘Met deze proef hopen we door het toepassen van ICT in het onderwijs de werkdruk van docenten te verlichten‘, verklaart Leijen, die het idee opdeed bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Maar waar de Erasmus Universiteit de daar ontwikkelde CODAS-software alleen aanwendt voor het vak Computergebruik voor juristen, wordt in Leiden de computer ingeschakeld voor het beoordelen van vakinhoudelijke antwoorden. ‘Dat durfden ze in Rotterdam niet aan.‘ Paul De Hert, coördinator van het vak inleiding straf- en strafprocesrecht durfde de stap wel te nemen.
Hij legt uit hoe het systeem werkt. ‘Eerst kijken docenten een aantal door studenten per e-mail ingeleverde opdrachten handmatig na. Zij waarderen de opdrachten met de letters A, B, C of D, waarbij een goede opdracht de score A krijgt en een slechte opdracht een D. Vervolgens worden deze documenten en hun waarderingen in de computer ingevoerd en kan die door de overige opdrachten met de door ons nagekeken opdrachten ter vergelijken de rest nakijken.‘ Op deze manier werden de twee schrijfopdrachten van ongeveer 650 studenten beoordeeld, in totaal 1282 opdrachten. Daarvan keken docenten 129 exemplaren handmatig na, zo‘n tien procent.
Maar de computer kijkt niet alleen na, hij geeft ook precies aan welke documenten op elkaar lijken. ‘De software maakt het buitengewoon gemakkelijk om fraude te herkennen‘, lacht docent Khan die tezamen met De Hert de toetsen inhoudelijk uitwerkte. ‘Bovendien kunnen we ook zien met wie studenten hebben samengewerkt.‘ Zodra de computer een mogelijk fraudegeval ontdekt, kan hij beide documenten via de split-screen functie van Word tegelijkertijd op zijn beeldscherm toveren. Op deze manier vielen 98 studenten door de mand. De meeste studenten bleken daarbij niet zeer creatief in hun fraude: vaak worden zelfstandige naamwoorden simpelweg door een synoniem vervangen of nemen ze domme taalfouten over. De Hert: ‘Het verbaasde ook ons dat de computer het feilloos ziet als studenten de tekst van een ander gebruiken als basis. Tekst is net als DNA: iedereen heeft een unieke stijl. Je kunt een antwoord op honderden manieren opschrijven.‘
Veel rechtenstudenten konden echter maar moeilijk geloven dat hun fraude was ontdekt. ‘Mannelijke studenten kwamen op boze toon een voldoende eisen, terwijl sommige meisjes spontaan in tranen uitbarstten en beweerden een fout te hebben gemaakt met copy en paste‘, vertelt Khan. ‘Zodra we ze lieten zien hoe de software werkte en we ze konden vertellen met wie ze hadden samengewerkt, droop iedereen af. Niemand heeft uiteindelijk bezwaar gemaakt‘, zegt hij niet zonder trots. De studenten reageerden uiteindelijk vaak opvallend sportief. ‘Zo vertelde een student me dat hij zijn vorige HEAO-opleiding nooit had gehaald wanneer ze daar met dit systeem hadden gewerkt.‘ Dat studenten snel doorhadden dat fraude niet loont, blijkt ook uit de statistieken. ‘Het aantal fraudegevallen liep terug van 79 bij de eerste opdracht tot slechts 19 bij de tweede.‘
Leijen en Khan geloven niet dat er een fraudegeval niet is ontdekt. ‘Een student gaf toe dat hij met enkele vrienden had gefraudeerd, maar dat één vriend er mee is weggekomen. Dat hebben we nagezocht en wat bleek? Die vriend had wel degelijk een onvoldoende gekregen, maar had gelogen tegen zijn vrienden.‘
Overigens sluiten Leijen, Khan en De Hert niet uit dat het systeem te flessen is. Khan: ‘Maar een geslaagde fraudepoging kost wel veel tijd. Die tijd kunnen studenten beter besteden aan het maken van hun opdrachten, daar hebben ze ook nog wat aan.‘ Daarbij mogen studenten van hem best samenwerken. ‘Zolang ze zelf maar hun antwoord formuleren.‘
Ondanks het succes van de pilot, blijft Jeroen Leijen realistisch. ‘Hoewel veel docenten er graag mee willen werken, moeten ze beseffen dat de computer geen wondermiddel, maar slechts een hulpmiddel is.‘ Voordat hij de software faculteitsbreed wil invoeren - en dat wil hij zeker - moet het systeem verder worden ontwikkeld. ‘We zouden opdrachten graag nog nauwkeuriger beoordelen‘, vertelt De Hert, die nog meer toekomstplannen heeft. Bovendien willen we een tijdselement inbouwen zodat studenten slechts een bepaalde tijd hebben om de vragen te beantwoorden nadat die op Teletop of Blackboard zijn verschenen.