counter free hit unique web
HOOFDARTIKEL - Mare 23, 10 maart 2005

Verenigingen ruziën na inval

Na een grote inval bij studentenvereniging Augustinus door Quintus vorige week moest de politie het gehele pand ontruimen.  Inmiddels is er onenigheid ontstaan over wie van de twee erecodes heeft geschonden.

Bij de inval in de nacht van dinsdag 2 op woensdag 3 maart drongen volgens Augustinus tussen de tachtig en honderd Quinten, onder leiding van oud-voorzitter Willem Bisseling en enkele ordecommissarissen, de sociëteit van Augustinus binnen. Toen er daarbij over en weer rake klappen vielen, schakelde iemand de politie in. Die ontruimde daarop het gehele pand.

Het bestuur van Augustinus neemt het voorval hoog op en vindt dat Quintus met de inval het ‘mos’ (ongeschreven regel) heeft geschonden om geen invallen te doen bij studentenverenigingen in dezelfde stad. Het Quintus-bestuur is het met die lezing oneens. ‘Het is namelijk niet ongebruikelijk dat Leidse disputen en jaarclubs van een man of veertig, vijftig bij elkaar binnenvallen’, legt preses Marcelle Breemans uit. ‘En in tegenstelling tot wat Augustinus beweert, deden slechts zestig Quinten aan de inval mee. Op een vereniging van ruim 900 leden kun je dat dan toch niet met goed fatsoen een ‘verenigingsinval’ noemen.

Volgens Breemans heeft juist Augustinus het ‘mos’ geschonden door de politie in te schakelen. ‘Bij invallen is het normaal gesproken zo dat je er geen buitenstaanders bijhaalt, maar het samen oplost.’

Wel of geen verenigingsinval, het Augustinus-bestuur is in ieder geval boos. ‘Het bestuur en de ordecommissie hebben gedurende de inval het pand voor zover mogelijk geprobeerd hermetisch af te sluiten, de schade te doen beperken en een positieve draai te geven aan een uiteindelijk niet meer te pareren inval’, schrijft verenigingsvoorzitter Victor Dobbe in een brief aan alle leden.

‘Inval ging gepaard met excessief geweld’

‘De binnenval ging desondanks gepaard met dermate excessief geweld, te weten: het slaan en schoppen van (vrouwelijke) Leden; het aanvliegen van Ordecommissarissen, het intrappen van deuren; het vernielen van tafels en stoelen, dat een interventie van de politie nodig bleek om de orde te herstellen.’

Geconfronteerd met deze beschuldigingen, stelt Quintus-preses Breemans dat als er al klappen zijn uitgedeeld aan vrouwelijke leden, dit onbedoeld gebeurde. ‘Onze mannen hebben geen vrouwen geslagen, alleen in de gang kan dat per ongeluk zijn gebeurd omdat dat iedereen in het gedrang stond’. Augustinus-bestuurslid Cissy van Zijderveld betwist de lezing van Breemans. ‘Ik was aanwezig tijdens de inval en ben wel degelijk geschopt en geslagen door mannelijke Quinten.’ Ook stelt ze dat er wel degelijk tachtig tot honderd Quinten meededen aan de inval en dat haar bestuur niet degene is die de politie heeft ingeschakeld. ‘Misschien was dat een ordecommissie of een omwonende.’

Om te voorkomen dat het incident verder escaleert, heeft haar bestuur Augustijnen   opgeroepen geen represailles te treffen. ‘Het Bestuur wil benadrukken dat de inval een initiatief is geweest van het onbevoegde vorige Bestuur van Quintus, terwijl hun huidige Bestuur op vakantie is. We zijn er stellig van overtuigd dat dit nooit was gebeurd indien zij wel aanwezig was geweest.’

Verder heeft het bestuur inmiddels alle grote Leidse gezelligheidsverenigingen ingelicht over de aanval en tevens zijn beklag gedaan bij de Plaatselijke Kamer voor Verenigingen. Daarnaast is het de bedoeling dat de besturen van beide verenigingen binnenkort met elkaar om de tafel gaan zitten om de ontstane ruzie uit te praten. Deze week kon dat niet omdat op Van Zijderveld na, het gehele Augustinus-bestuur op vakantie is.

Breemans zegt het incident achteraf te betreuren. ‘Als we vooraf hadden geweten wat een commotie het zou opleveren, hadden we het echt niet gedaan. Het enige wat onze leden wilden was een drankje drinken, een liedje zingen, een beetje pesten en een beetje plagen. Op de vereniging vindt echt niemand deze actie stoer of zo. We zijn er niet trots op.’

Overigens heeft de politie bij de ontruiming geen arrestaties verricht. ‘Toen wij arriveerden, was het namelijk al snel rustig’, zegt een woordvoerder. ‘Bovendien is er door niemand aangifte gedaan.’ De politie schat dat er bij de tussenkomt zo’n honderdvijftig tot tweehonderd studenten in het pand aanwezig waren. (DB)